Erwin Rommel (15 november 1891 – 14 oktober 1944), commandant van het legendarische Afrika Korps, werd een van de beroemdste soldaten van de Tweede Wereldoorlog. Tot drie
maal toe wist hij de Britse legers in Noord-Afrika te verslaan, totdat hij, onvoldoende gesteund door Hitler, tegen een overweldigende
Britse strijdmacht bij El Alamein en Mareth het onderspit moest delven. Hij wist het evenwicht te bewaren tussen een enorme stuwkracht
en grootmoedigheid, waarbij uit zijn meedogenloze oorlogvoering alle haat was uitgebannen.
In 1940 werd Erwin Rommel door Hitler tot generaal-majoor en bevelhebber van de 7e pantserdivisie benoemd. Tijdens de
Blitzkrieg in Frankrijk opereerde zijn divisie zo snel, dat deze de bijnaam Spookdivisie kreeg. Zelfs het Duitse opperbevel
wist niet altijd waar de divisie zich bevond.
In 1941 werd Rommel tot luitenant-generaal bevorderd, waarna hij het opperbevel kreeg over het Afrikakorps. Na de
verovering van Tobroek in 1942 tijdens de Tweede Wereldoorlog, werd hij tot veldmaarschalk bevorderd. In juni van dat
jaar rukten zijn troepen op tot El Alamein in Egypte, maar als gevolg van onvoldoende voorraden en materiaal werd het
Afrikakorps vanaf oktober van dat jaar teruggedrongen door geallieerde troepen onder Bernard Montgomery naar Tunesië.
In maart 1943 werd Rommel naar Duitsland teruggehaald om te voorkomen dat hij de nederlaag zou moeten meemaken. Twee
maanden later capituleerde het Afrikakorps in Tunesië.
Vanaf november 1943 was Rommel als opperbevelhebber van de legergroep-B verantwoordelijk voor de Duitse verdediging aan
de Atlantische kust in Frankrijk. Hij inspecteerde de Atlantikwall en liet tal van verbeteringen aanbrengen. Intussen
kwam hij in contact met een groep samenzweerders tegen Hitler. Na de geallieerde invasie in Normandië op 6 juni 1944
raakte Rommel op 17 juli bij een luchtaanval zwaargewond, toen hij per auto onderweg was. Hierdoor kon hij niet deelnemen
aan de voorbereidingen van de aanslag door Claus von Stauffenberg (die onder hem in het Afrika-korps had gevochten) en
de machtsovername die daarop zou moeten volgen. Rommel was overigens steeds tegen een aanslag geweest.
Na de mislukte aanslag (20 juli 1944) werd hij van medeplichtigheid verdacht omdat zijn naam door de samenzweerders was
genoemd. Toen hij op 14 oktober 1944 thuis in Herrlingen was, kreeg hij bezoek van twee generaals die hem overhaalden
zelfmoord te plegen en zo zichzelf een showproces, en zijn gezin de zogeheten Sippenhaftung te besparen. Rommel nam in
hun bijzijn een gifpil in. Hij kreeg op 18 oktober een staatsbegrafenis. Het Duitse volk werd wijsgemaakt dat de populaire
Rommel was overleden aan de verwondingen die hij bij het auto-ongeluk van 17 juli had opgelopen.
Bron:
Wikipedia.nl