headerbanner
Aanbevolen boeken en AV-media:
De nazi's. Een waarschuwing uit het verleden (Laurence Rees)
De Joden. Geschiedenis van een volk; Nina Koshofer & Sabine Klauser; 2008; 2 x DVD; 260 min.
Monday 12 May 2008
Home
Actueel
Het Waanzinnige Rijk
Hitlers Handlangers
Hitlers Gewillige Beulen
Vergeten vervolgden
Ware Helden
Collaboratie in België
Het verzet in België
NS docs / wetten
Varia
Boekenbank
Link Partners
Gastenboek
Auteur
Contact
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Advertisement
België in de Tweede Wereldoorlog. Delen 1 t/m 10 (Maurice De Wilde en vele anderen) PDF Afdrukken E-mail
Saturday 13 October 2007
België in de Tweede Wereldoorlog. Delen 1 t/m 10

Opmerking: Deel 7 De Kollaboratie (Deel 2) werd nooit uitgebracht

België in de Tweede Wereldoorlog is een reeks begeleidende uitgaven bij de BRT-programma's (thans VRT - één en Canvas). De idee een reeks over de Tweede Wereldoorlog in België voor de openbare omroep te maken komt van Jerome Verhaeghe, toen directeur programmatie bij de BRT. Hij wou, naar het voorbeeld van “De Bezetting” van Lou De Jong in Nederland, het oorlogsverleden van België op televisie brengen. Hiertoe werd de Productiekern Wereldoorlog II opgericht die actief was van 1970 tot 1991.

Om het thema over de collaboratie, te behandelen wordt in 1974 journalist-enfant terrible Maurice De Wilde (Gent, 25 november 1923 - Jette, 22 september 1998), alias 'de pitbull van de Vlaamse Televisie', erbij gehaald. De Wilde had dan al een bewogen carrière aan de openbare televisie-omroep achter de rug. In 1956 was hij als journalist in dienst getreden bij de Dienst Berichtgeving. In 1961 werd hij tot redactiesecretaris bij de nieuwsdienst gepromoveerd. Hij maakte er een opgemerkte reeks televisiereportages. Deze waren vaak omstreden. Meermaals kwam hij in conflict met zijn oversten, verscheidene drukkingsgroepen tot en met de overheid. Niet zozeer de aard van de problemen die hij behandelde, maar veeleer zijn manier van aanpakken bezorgde hem heel wat herrie. De Wilde diept elk onderwerp ten gronde uit, hij weigert oppervlakkig te werken. In 1967 werd hij gedegradeerd tot redactiewerk naar aanleiding van één van zijn programma’s (“Geen mammoets voor België”). In feite zat hij op een dood spoor bij de Nieuwsdienst toen Verhaeghe hem in 1974 om zijn medewerking kwam vragen.

In 1982 stapt Jerome Verhaeghe over naar BRT 3 en krijgt Maurice De Wilde de taak van productieleider toegewezen. Dat betekent dat hij vanaf dan het geheel coördineert en als dusdanig de verantwoordelijkheid voor alle programma’s van de Productiekern op zich neemt. Ook het beheren van het programmabudget en de planning van het werkritme behoren dan tot zijn taken. Hij trekt zo de hele reeks nog meer naar zich toe. Op 26 februari 1982 start de achttiendelige spraakmakende serie “De Nieuwe Orde”. De reeks kent zo’n groot succes dat ze datzelfde jaar nog, mits enige aanpassing, heruitgezonden wordt. Op “De Nieuwe Orde” volgen in december 1983 vier uitzendingen over de “ Verdachten van mei 1940”. Het zijn drie realisaties van de werkgroep collaboratie. In 1984 komt een eerste reeks over het verzet, meer bepaald over inlichtingsdiensten en ontsnappingsroutes op antenne. Van november 1985 tot februari 1986 worden veertien programma’s over de politieke en jeugdcollaboratie uitgezonden. Opnieuw een reeks van de werkgroep collaboratie. In september en oktober 1986 verschijnt “ De Kampen” van Roland Van Opbroecke. Van april tot juni 1987 volgt een tweede serie van acht programma’s over het verzet.

Pionierswerk in de Belgische geschiedschrijving omtrent WO II

De reportages van Maurice De Wilde vormen een overgang van de brave, gezagsgetrouwe berichtgeving uit de pionierstijd van de televisie, naar de kritische, geëngageerde journalistiek waar de politieke klasse zich vanaf de jaren zeventig mateloos zal over ergeren. De Wilde hanteert de stijl uit de pionierstijd - stroef, bijna ambtelijk, degelijk, zonder franje - maar gaat inhoudelijk zeer ver. Zijn enquêtes veroorzaken veel ophef omdat het om echte onderzoeksjournalistiek gaat, die haaks staat op de brave, gezagsgetrouwe berichtgeving die de BRT op dat moment maakt.

In zijn journalistieke werk toont De Wilde een aparte stijl: een grondige dossierkennis en een ongemeen hardnekkige manier van interviewen. Het bezorgt hem veel moeilijkheden, meer dan eens wordt hij door de overheid geboycot. Op de BRT maakt hij geen promotie en mag minder grote reportages maken. Hoewel hij zich ongelukkig voelt, wijst hij een verkiesbare plaats op de VU-kamerlijst af, omdat hij toch liever journalist wil blijven. Dat hij ooit de overstap naar de politiek overwogen heeft, had vooral te maken met het feit dat hij op dat moment tot journalistiek routinewerk op de redactie gedwongen werd.

De werkgroep collaboratie houdt stand tot 1988. Dat jaar gaat Maurice De Wilde met pensioen. Hoewel officieel in december 1988 op pensioen gesteld, blijft hij nog een aantal jaar verder werken aan de BRT. Hij wil namelijk graag zelf ‘zijn’ oorlogsuitzendingen voltooien. Er wordt voor hem een speciaal statuut uitgewerkt. Etienne Verhoeyen stapt evenwel, na aanhoudend geruzie met De Wilde, in 1988 uit de werkgroep. Hij werkt op zichzelf voort en maakt onder meer programma’s over de economische collaboratie. Philippe Van Meerbeeck zet een jaar later, na “De Oostfronters”, eveneens en om dezelfde reden als Verhoeyen de samenwerking met De Wilde stop. Maurice De Wilde gaat “ cavalier seul” door tot 1991. Hij maakt nog een uitzending over Zender Brussel en een reeks over de repressie. Dan wordt er definitief een punt gezet achter de Productiekern Wereldoorlog II.

Een aanvankelijk vrij bescheiden project van Jerome Verhaeghe groeit, mede door de figuur van Maurice De Wilde, uit tot een kanjer van een programmareeks: "Een klein land in een wereldoorlog" van de Productiekern Wereldoorlog II. In april 1988 start een nieuwe reeks van de werkgroep collaboratie, “De Tijd der Vergelding” (1 tot en met 8). De werkgroep verzet vult deze reeks een jaar later met zeven programma’s aan. Hierop volgen in maart-april 1989 de uitzendingen met Verhoeyen als producer over verraad en Duitse politiediensten. Eind 1989 wordt "De Oostfronters" van Maurice De Wilde en Philippe Van Meerbeeck over de militaire en paramilitaire collaboratie uitgezonden.

In 1990 volgen vier programma’s over het cultureel leven in oorlogstijd van Herman Van de Vijver en één casus-studie van "Zender Brussel" van De Wilde, de zesdelige reeks "Politiek van het Minste Kwaad" van Verhoeyen, een reeks van drie afleveringen over de Achttiendaagse Veldtocht onder leiding van Herman Van de Vijver, twee uitzendingen over wat "Na September 1944" van Philippe Van Meerbeeck en "In Ballingschap" over Belgen in het buitenland tijdens de oorlog van Verhoeyen en Van Meerbeeck samen. Herman Van de Vijver eindigt bij de Productiekern met een uitzending over Kongo in de Tweede Wereldoorlog. Als sluitstuk brengt de VRT in 1990-1991 de vijf programma’s over de gerechtelijke en straatrepressie van Maurice De Wilde op het scherm.

Maurice De Wilde is wellicht de meest bejubelde journalist die België ooit gekend heeft. Hij ontving meer dan tien prijzen voor zijn televisiewerk, ook van Franstalige zijde. Hij mocht - vrij uniek voor een journalist - een eredoctoraat in ontvangst nemen aan de Vrije Universiteit Brussel. Die grote waardering was zonder twijfel de erkenning van inzet en talent, maar ook een gevolg van de grote ruchtbaarheid die zijn reportages kregen, zelfs nog voordat ze vertoond werden. In 1982 ontving hij de Geuzenprijs en werd hij gehuldigd omwille van zijn niet-aflatende inspanningen om de waarheid kenbaar te maken, spijts alle druk en tegenkantingen van een bevooroordeeld Vlaanderen en van belangmatig gebonden groepen en personen. In 1992 was hij de eerste laureaat van de Gentse Prijs voor de Democratie, initiatief van Democratie 2000 en de vzw. Trefpunt. In 1998 overleed hij op 74-jarige leeftijd aan kanker. Het grootste deel van de persoonlijke bibliotheek van Maurice De Wilde werd na zijn overlijden in 1999 aan het SOMA geschonken.

Bronnen:
•  Wikipedia.nl: Maurice De Wilde
•  Cegesoma: Productiekern Wereldoorlog II
•  Demo Crazy: 22 september 1998: Maurice De wilde, journalist, overlijdt;






























Titel          België in de Tweede Wereldoorlog. Delen 1 t/m 10
Auteur      Maurice De Wilde en vele anderen
Uitgeverij © De Nederlandsche Boekhandel en Uitgeverij Pelckmans, Kapellen;; 1973-1990; 1.060 bladzijden
ISBN         zie per deel
In memoriam door Verzet.org

Maurice De Wilde
(1923-1998)

Deze reeks stond al enkele jaren vermeld op de Boekenbank van Verzet.org maar werd niet of nauwelijks toegelicht. Dat hyaat is -hoop ik- bij deze hersteld en bij wijze van postume hommage gericht aan dè Pionier in de journalistieksonderzoek van de Vlaamse Televisie: Maurice De Wilde. Bijzonder uniek blijft zijn verdienste om het in de aandacht brengen van de geschiedenis van de Belgen voor, tijdens en na de Tweede Wereldoorlog en hun verschillende verhouding ten aanzien van de nationaal-socialistische Duitse bezettingsmacht.
 
Tussen 1982 en 1987 zat gans Vlaanderen (èn België) ademloos aan het TV-scherm gekluisterd en verbijsterd (of woedend al naar gelang de eigen overtuiging of betrokkenheid) toe te kijken en te luisteren hoe en wie Maurice De Wilde dit keer weer iemand in zijn hemd zou zetten omtrent zijn houding en daden tijdens WO II. 37 jaar nà het einde van de oorlog doorbrak Maurice De Wilde eindelijk het taboe dat tot dan[!] omtrent de geschiedenis van België en de Belgen tijdens de Tweede Wereldoorlog had gerust. Vanuit het heden naar het verleden: voor eeuwig bedankt Maurice!
 


Hugo Van Minnebruggen

Antwerpen, 13 oktober 2007

 


Titel          Deel 1: De Verloren Vrede (1918-1939)
Auteur      Paul Louyet
Uitgeverij © De Nederlandsche Boekhandel, Kapellen; 1973; 144 bladzijden
ISBN         90 289 9779 2

 

België is op de vooravond van de Tweede Wereldoorlog moreel slecht op de vuurproef voorbereid. Het kent alle tegenstellingen, inherent aan een moderne geïndustrialiseerde maatschappij: de conflicten inzake bezit, geloof, kultuur hebben het land niet gespaard, wel integendeel. Dit boek is in feite het eerste deel van een begeleidende reeks bij de TV-uitzendingen omtrent de Tweede Wereldoorlog. Het zal meer dan tien jaar duren vooraleer de reeks op gang komt, uiteraard mede dankzij de persoonlijke inbreng en inzet van Maurice De Wilde.

Auteur Paul Louyet beschrijft de ontwikkelingen tijdens het interbellum, de periode tussen het einde van de Eerste Wereldoorlog tot aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. Volgende onderwerpen komen aan bod: De grote vrees van november; De 'grote politiek'; Het Frans-Belgisch militair akkoord; De bezetting van de Roer; De ontspanning; Het Rijn-pakt; Een progressieve Belgische regering; Voorspoedig België; Borms vrij; Properity; De crisis in Europa; De grote craches in België; De rechtse 'revolutie'; Het Plan van de Arbeid; De eerste regering van Paul van Zeeland; België naar een 'rechtse revolutie'?; Het Volksfront; Naar een nieuw 'Europees evenwicht'; De 'As-mogendheden'; De tweede regering van Zeeland; De Belgische 'zelfstandigheidspolitiek'; De crisis van het Belgisch parlementair regime; Ein Volk, ein Reich, ein Führer; België in egelstelling; Bij wijze van besluit.

Titel          Deel 2: Een Bezet Land
Auteur      Herwig Jacquemyns
Uitgeverij © De Nederlandsche Boekhandel, Kapellen; 1984; 112 bladzijden
ISBN         90 289 9785 7

Dit tweede deel van de reeks handelt over de bezettingsjaren vanaf de capitulatie van het Belgisch leger eind mei 1940 tot de Bevrijding begin september 1944. Het schetst het dagelijks leven van de Belgische bevolking met haar zorgen, vertwijfeling, leed, angst en hoop. Het geeft een beeld van de organisatie van het Duits militair bestuur dat gedurende vier jaar in ons land gevestigd werd, alsook van het Duitse politieapparaat. Het beschrijft de werking van de Belgische gewestelijke instellingen en van het centraal bestuur dat, in afwezigheid van de ministers, in handen van de secretarissen-generaal was.

Auteur Herwig Jacquemyns brengt de volgende onderwerpen aan bod: Leger en partij; Het militair bestuursapparaat; Gestapo en Duits politielabyrint; Een paradoxaal driespan; Secretarissen-generaal in ministergewaad; De administratieve uitzuivering; Burgemeesters en schepenen zonder gemeenteraad; Het cenakel van notabelen; Politici met nieuwe ambities; Openbare opinie als draaiende weerhaan; Op de bon; Smokkelen om den brode; Dagelijks leven in oorlogsdecor; Een barre winter; De grote agglomeraties; Twee gerechtelijke crisissen; Salonhandschoenen worden uitgetrokken; De verplichte tewerkstelling; Het einde van een lange nachtmerrie.

Titel          Deel 3: De Nieuwe Orde
Auteur      Maurice De Wilde
Uitgeverij © De Nederlandsche Boekhandel, Kapellen; 1982; 128 bladzijden
ISBN         90 289 9786 5

Dit 3de deel dat de eerste reeks van de 17-delige TV-programma's begeleidt, handelt over de Nieuwe Orde. Hierin wordt beschreven hoe de gevestigde kringen zich hebben voorbereid op de komende Nieuwe Orde en op hetgeen toen het einde van de democratie leek. Vervolgens hoe die gevestigde kringen tijdens de oorlog, gebruikmakend van de afwezigheid van parlement, regering en vakbonden, hun vooroorlogse autoritaire plannen meenden te kunnen uitwerken. Toen echter bleek, dat Engeland niet door de knieën ging en toch geen vredesverdrag tussen België en nazi-Duitsland tot stand kwam, trokken zij zich tijdig in hun veilige schelp terug en bereidden zij, nog steeds in autoritaire zin, voor hoe België er na de oorlog moest uitzien.

Maurice De Wilde, bijgestaan in zijn opzoekingswerk door Etienne Verhoeyen, brengt de volgende onderwerpen ter sprake: De kleine dictators; Liever Berlijn dan Moskou; Wat had Duitsland met België voor?; De tijd der dwalingen: De verhouding koning - regering, Voorstellen tot regeringsvorming, Berchtesgaden, De 'politiek van Laken', Belgisch Congo: een inzet van formaat, De niet zo wondere zomer van '40, Met Hendrik De Man op weg naar de Kollaboratie; De gekroonde republiek: de naoorlogse koningskwestie; De Belgische krijgsgevangenen.

Titel          Deel 4: Het Verzet
Auteur      Paul Louyet
Uitgeverij © De Nederlandsche Boekhandel, Kapellen; 1984; 96 bladzijden
ISBN         90 289 0886 2 / 9787 3

In dit boek worden de verschillende verzetsgroepen voorgesteld die actief waren tijdens de Tweede Wereldoorlog en waarvan verschillende reeds actief waren en hun roots hadden tijdens de Eerste Wereldoorlog. Paul Louyet breng de volgende onderwerpen ter sprake:

Deel 1: Na de nederlaag; Het nawee; Het ontstaan van het Verzet; Het keren van het tij; Het Verzet en Londen.
Deel 2: De inlichtingendiensten: De losse eindjes; De parachutisten; De organisatie; De 'koeriers'; De 'pianisten'.
Deel 3: De ontsnappingslijnen: In de verdrukking; Het doel en de middelen; De 'Engelse' lijnen; De krijgsgevangenen.

Titel          Deel 5: De Kollaboratie (Deel 1)
Auteur      Maurice De Wilde
Uitgeverij © De Nederlandsche Boekhandel, Kapellen; 1985; 124 bladzijden
ISBN         90 289 0962 1

In de dertiger jaren had het politieke leven in België heel wat schokken moeten doorstaan, die de traditionele partijen op hun voetstuk haden doen wankelen en de ene na de andere regeringscrisis hadden uitgelokt. De opkomst van nieuwe totalitaire regimes, het communisme in Rusland, het fascisme in Italië en het nationaal-socialisme in Duitsland had ook in ons land diepe sporen nagelaten. De elkaar opvolgende Belgische regeringen moesten afrekenen met de groeiende kracht van groeperingen, die niet alleen totalitaire opvattingen voor stonden, maar bovendien het Belgisch staatsbestel bedreigden.
 
In dit boek bespreekt Maurice De Wilde, bijgestaan door Etienne Verhoeyen en Ivo Driesen, het ontstaan van de collaboratiebewegingen. Het boek opent als Inleiding: de wegvoering van de verdachten van mei 1940 naar Noord-Frankrijk. Volgende hoofdstukken: Belgen tegen wil en dank; Waarom zij onder meer collaboreerden; Het Verdinaso; Het Vlaams Nationaal Verbond (V.N.V.); De Algemeene SS-Vlaanderen.

Titel          Deel 6: Het Verzet (Deel 2)
Auteur      Herman Van de Vijver, Rudi Van Doorslaer en Etienne Verhoeyen
Uitgeverij © De Nederlandsche Boekhandel/Uitgeverij Pelckmans, Kapellen; 1988; 112 bladzijden
ISBN         90 289 1368 8

De meeste Weerstanders die van bij het begin van de bezetting actief waren, lieten zich leiden door hun patriottisme en hun afkeer voor een tweede Duitse bezetting. Voor een andere groep was de strijd tegen het fascisme al lang vóór de Duitse inval begonnen. In de linkse en vrijzinnige milieu's had men al in de jaren '30 de oorlog verklaard aan autoritaire stromingen in binnen- en buitenland. De aanwezigheid in ons land van Duitse, Oostenrijkse en Italiaanse politieke vluchtelingen vóór de oorlog heeft vele socialistische jongeren sterk beïnvloed en hen als vanzelfsprekend naar het Verzet gedreven. Wat een nog grotere rol heeft gespeeld, was de Spaanse Burgeroorlog. De solidariteitscampagnne's voor Spanje, hebben velen samengebracht. Uit de veteranen van de Internationale Brigades ontstond de kern van de Gewapende Partizanen.
 
Het Verzet is in de loop van de bezetting in een ware stroomversnelling terechtgekomen. De eerste verzetsactiviteiten hadden te maken met inlichtingen, sluikpers en de hulp aan ondergedoken geallieerde soldaten en piloten. Wel waren er toen al individuele en erg amateuristische sabotage-acties, maar het was pas na de invoering van de verplichte tewerkstelling dat het gewapend verzet voor de bezetter en de collaboratie echt hinderlijk begon te worden. Dat er vergissingen en ontsporingen plaats gehad hebben, is een feit. Dit was ook onvermijdelijk, vooral in de chaotische periode kort vóór de Bevrijding. Het ging hier evenwel om omstandigheden die door de bezetter en de collaboratie in het leven geroepen en bevorderd waren.

De auteurs brengen in dit boek de volgende onderwerpen ter sprake:

Deel 1: Van aanpassing naar conflict: De Kerk in het midden; De beeldenstormers van het verleden.
Deel 2: Van anti-fascisme naar actief verzet: De communisten vóór 1941; Op zoek naar een eenheidsfront; De guerilla van de partizanen; Vechten om te overleven.
Deel 3: Van misverstand tot verzoening: Boodschappers uit Londen; Voor vorst en vaderland: Het Geheim Leger; Steun vanuit Londen; Het vuur aan de lont; SOE en PWE; Groep-G; De dienst Hotton. Voor een vrije en vernieuwd België: De Witte Brigade; De Belgische Nationale Beweging; De Nationale Koninklijke Beweging; Het Bevrijdingsleger; Vele kleintjes maken een groot.
Deel 4: De harde weg naar de vrijheid.

Titel          Deel 7: De Kollaboratie (Deel 2)
Auteur      Maurice De Wilde
Uitgeverij © De Nederlandsche Boekhandel/Uitgeverij Pelckmans, Kapellen
ISBN         90 289 .... .

Dit deel, dat het vervolg moest worden van 'De Kollaboratie' (deel 5) door Maurice De Wilde, werd nooit uitgebracht. Alhoewel het verschijnen ervan telkens opnieuw werd aangekondigd, aanvankelijk zelfs als 6de deel i.p.v. het 7de, lijkt het hoogst onwaarschijnlijk dat het nog ooit verschijnen zal. Dit omwille van het feit dat de auteur ervan, Maurice De Wilde, op 22 september 1998 is overleden, de Productiekern Wereldoorlog II in 1991 werd opgeheven en alle archieven, inclusief de persoonlijke archieven van Maurice De Wilde, werden overgedragen aan het Cegesoma, waar ze vrij ter inzage liggen voor het publiek en navorsers. Meer info: Cegesoma

Titel          Deel 8: Het cultureel leven tijdens de bezetting
Auteur      Herman Van de Vijver
Uitgeverij © De Nederlandsche Boekhandel/Uitgeverij Pelckmans, Kapellen; 1990; 104 bladzijden
ISBN         90 289 1370 X

"Wie zich niet met politiek bezighoudt, heeft de politieke keuze die hij zich zou willen besparen, al gemaakt: hij dient de heersende partij." (Max Frisch, 1948)

Uit rapporten uit het Duitse militaire bestuur, bleek hoeveel belang zij eraan hechtte dat het culturele leven gewoon zijn gang ging. Nooit werd er zoveel gepubliceerd als in de oorlogsjaren. Zelfs auteurs als Vermeylen, Van Hoogenbemt, Toussaint van Boelaere, Richard Minne en vele anderen die niet van Nieuwe Ordesympathieën konde verdacht worden, hebben verder gewerkt. Louis-Paul Boon debuteerde met een werk dat volgens 'volksverbonden' recensenten beschouwd werd als decadent en negatief, maar knap geschreven. Weinig auteurs propageerden in hun werk Nieuwe Orde-ideeën.

In de gevallen waar van collaboratie kan gesproken worden, treden vele schakeringen op. Er was vooreerst en vooral een beperkte groep die getuigenis aflegde van zijn geloof in het nationaal-socialisme. Hierbij ondermeer Verschaeve, Bert Peleman, Nand Vercnocke, Blanka Gijselen, J.-L. De Belder, Frans Demers... Strijdliederen en huldegedichten aan Adolf Hitler zijn daar de duidelijke neerslag van. Ook bij sommige recensenten werd de verbondenheid met het nationaal-socialisme als norm gehanteerd. Bij de musici beperkte deze vorm van collaboratie zich tot een paar strijdliederen voor het Vlaams Legioen, de Dietsche Militie-Zwarte Brigade of NSKK. In de beeldende kunsten waren er evenmin veel voorbeelden te vinden. Vooral Frans van Immerseel en enkele karikaturisten lieten zich op dat vlak gelden.

Talrijker waren de kunstenaars die actief waren in het 'vernieuwde' cultuurleven. Toch waren de organisaties of instellingen die op dit gebied werkzaam waren geenszins een uitvinding van de Duitsers. De cultuurraden bv. bestonden al in 1938, maar hun samenstelling en doelstellingen werden sterk gewijzigd tijdens de bezetting. De beroepsvereniging voor kunstenaars (Kunstenaarsgilde) ontstond in februari 1940 en de andere verenigingen, o.a. VVL, Davidsfonds, VTB, enz.. zetten hun activiteiten voort. In tegenstelling tot Nederland wilden de bezettingsautoriteiten zich niet te veel bemoeien met het cultuurleven. En als dat dan toch gebeurde, mocht het niet te veel opvallen.

Herman Van de Vijver brengt in dit deel de volgende thema's ter sprake: Het Duits cultuurbeleid in België; De organisatie van het cultureel leven tijdens de bezetting; Curltuurleven in Vlaanderen; De organisatie van het cultuurleven in Wallonnië; Literatuur: Nieuwe griffels, schone leien; Toneel: Geen rijker kroon dan eigen schoon; Film: Waar blijven de Potemkins?; Muziek: Nieuwe tijden, nieuwe geluiden...; Schilderkunst: 'Ontaarde kunst als exportartikel'; De pers: Censuur in plaats van zelfbestuur; Het onderwijs: Aan de ziel van het kind wordt niet geraakt...; De commissie ter herziening van de schoolboeken; Collaboratie in het onderwijs; Sport: De vlieger gaat niet op.

Titel          Deel 9: Het Minste Kwaad
Auteur      Etienne Verhoeyen, Frans Selleslagh, Mark Van den Wijngaert, Willem Meyers en Rudi Van Doorslaer
Uitgeverij © De Nederlandsche Boekhandel/Uitgeverij Pelckmans, Kapellen; 1990; 128 bladzijden
ISBN         90 289 1497 8

Tijdens de Eerste Wereldoorlog had het activisme van Vlaamse Nationalisten, dat zijn bekroning vond in het uitroepen van de zelfstandigheid van Vlaanderen en een begin van de splitsing van de ministeries meebracht, de administratie en de magistratuur voor problemen gesteld. De magistratuur ging in 1918 in staking. Het gevolg was dat de Duitse krijgsraden tijdens de laatste maanden van de bezetting veel en zware straffen uitspraken. Het behoud van de autonomie van de Belgische rechtspraak was dan ook de centrale bekommernis van de Belgische magistraten uit de Tweede Wereldoorlog. Ook in de administraties ging het erom te vermijden dat die al te veel in handen van collaborateurs zouden vallen.

Om aan al deze problemen toch enigszins het hoofd te bieden werd door vrijwel alle betrokken groepen -industriëlen, vakbonden, werkgeversorganisaties, de secretarissen-generaal, de magistratuur- een pragmatische gedragslijn uitgewerkt, die telkens aan de zich wijzigende omstandigheden werd aangepast. Deze 'politiek van het minste kwaad' was erop gericht het essentiële te vrijwaren: het behoud van de controle over de eigen instellingen, in de mate van het mogelijke. Dat hierbij toegevingen aan de Duitsers zouden moeten gedaan worden viel niet te betwijfelen, maar men wilde proberen op essentiële punten niet te wijken en de toegevingen tot secundaire terreinen te beperken, vandaar de uitdrukking 'politiek van het minste kwaad'.

Men was er zich van bewust dat die toegevingen van Belgisch standpunt uit konden afgekeurd worden. Voor de industrie leidde deze politiek zelfs tot een regelrechte overtreding van artikel 115 van het Strafwetboek, dat elke levering van goederen of diensten aan de vijand verbood. Welnu, in juni 1940 ging de industrie opnieuw aan het werk en leverde op grote schaal aan Duitsland, met de bedoeling groter kwaad te voorkomen: de hongersnood en de wegvoering van de arbeiders. Gehoopt werd immers dat de Duitsers in ruil voor industriële goederen levensmiddelen zouden leveren, en geen arbeiders zou deporteren als de industrie weer aan het werk ging. Deze doctrine voor werkhervatting staat bekend als de 'Galopin-doctrine', genoemd naar de goeverneur van de Société Générale.

De auteurs brengen in dit boek de volgende onderwerpen ter sprake:

Het minste kwaad; Tussen vijand en volk; Het bestuur van de secretarissen-generaal tijdens de Duitse bezetting 1940-1944; De Emissiebank; De Unie van Hand- en Geestesarbeiders; Stille waters, diepe gronden: het patronaat tijdens de bezetting; Burgemeesters, schepenen en gemeentelijke administraties; De Belgische politie en magistratuur en het probleem van de ordehandhaving.

Titel          Deel 10: Mei 1940 Van Albertkanaal tot aan de Leie
Auteur      Luc De Vos en Frank Decat
Uitgeverij © De Nederlandsche Boekhandel/Uitgeverij Pelckmans, Kapellen; 1990; 112 bladzijden
ISBN         90 289 1520 6

Dit laatste deel van de reeks behoort chronologisch eerder het 2de deel van de reeks te zijn, maar werd speciaal uitgebracht naar aanleiding van de 50-ste verjaardag van de inval van de Duitsers op 10 mei 1940. De Belgische krijgsmacht en de veiligheidspolitiek vanaf 1918 wordt uitvoerig gevolgd. Een aantal data o.a. 1925, het Verdrag van Locarno; 1936 de Onafhankelijkheidspolitiek; 1938 de Conferentie van München; 1939 de mobilisatie en het uitbreken van van de oorlog, spelen hierin een belangrijke rol.

De onwezenlijke Schemeroorlog krijgt een ruime plaats in het verhaal. Vervolgens bestuderen de auteurs de tegenover elkaar staande krachten en hun intenties. De 18-daagse Veldtocht komt uitvoerig aan bod en nogal wat weinig bekende details krijgen een plaatsje. Met de naweeën wordt het feitenrelaas afgerond. Allerlei politieke, strategische en tactische beschouwingen zorgen voor de nodige diepgang. Enkele documenten, getuigenissen en belangrijke politieke gebeurtenissen krijgen een aparte plaats. Het geheel wordt ondersteund door beeldmateriaal en kaartjes.
 
De auteurs brengen in dit boek de volgende onderwerpen ter sprake:
Van Versailles tot de Onafhankelijkheidspolitiek, 1918-1936; De gewapende vrede, 1936-1939; De schemeroorlog, 3 september 1939 - 10 mei 1940; De mobilisatie en het algemeen verloop; De tegenover elkaar staande krachten: De Belgische defensie, De Nederlandse defensie, De BEF (British Expeditionary Force), De Franse defensie, De oorlogsvoorbereding. Achttien dagen terugtrekken: Het Albertkanaal en Eben-Emael, Duitse Blitz en Belgische verbijstering; De terugtocht in de Ardennen; Naar de KW-stelling; De doorbraak; Een Duitse tegenvaller: het oponthoud aan de KW; Van de KW naar de Schelde: een onbegrepen terugtocht; Het bruggenhoofd Gent; De ultieme krachtinspanning: de gevechten aan de Leie en het Afwateringskanaal; Een onvoorwaardelijke capitulatie. Slotbeschouwingen: De politieke gevolgen; Strategische en tactische bedenkingen. Kaarten. Bibliografie.


Laatst geupdate op ( Friday 09 November 2007 )
 
addtofav
Verzet.org maakt dankbaar gebruik van Joomla! en krijgt de technische ondersteuning van Antifa.net, Ahmad Al Kasim en VEDEZE van Blokwatch.
Ga naar top pijltje