headerbanner
Aanbevolen boeken en AV-media:
In Naam van de Vrijheid / maandblad (André Gantman, Léon Zielinksi, Charles Freifeld e.a.)
Tussen hemel en hel / The Holocaust Experience; Joost Seelen en Oeke Hoogendijk; docu 2 DVD; 92 min
Friday 25 July 2008
Home
Actueel
Het Waanzinnige Rijk
Hitlers Handlangers
Hitlers Gewillige Beulen
Vergeten vervolgden
Ware Helden
Collaboratie in België
Het verzet in België
NS docs / wetten
Varia
Boekenbank
Link Partners
Gastenboek
Auteur
Contact
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Advertisement
De weggevoerden van mei 1940. [3] Interneringskampen in Frankrijk - Abbeville PDF Afdrukken E-mail
Saturday 15 December 2007
Artikel index
Abbeville
Hoezo onterecht aangehouden?
Vrijlating van de Belgen/Saint-Cyprien
Vrijlating van de Belgen/Le Vernet
Politieke exploitatie
Het lot van de Joodse achterblijvers
Epiloog: een merkwaardig vonnis
Bronnen

 

 

 

 

 

Interneringskampen in Frankrijk

Intussen zetten de Spooktreinen, met aan boord de 'verdachten van mei 1940', koers naar het zuiden van Frankrijk naar de Franse vluchtelingenkampen met Gurs, Le Vernet d' Ariège, Saint-Cyprien-Plage en Gurs als voornaamste kampen met betrekking tot de verdachten van mei. Naast de zogeheten 'vijandige Belgen' bevonden zich ruim 8.000 Joodse vluchtelingen uit België, waarvan er tot op heden 4.419 geidentificeerd werden. Een zoveelste tragisch verhaal van 'vergeten vervolgden'...

Het ontstaan van die Franse kampen hangt nauw samen met de nederlaag van de Republikeinen in 1939 tijdens de Spaanse Burgeroorlog toen zij het onderspit moesten delven in hun heroïsche strijd tegen de falangisten van generaal Franco. Een desastreuze nederlaag die gevolgd werd door brutale repressie. Schattingen van die bloedige naoorlogse repressie door het regime van dictator Franco vanaf de nazomer van 1939, lopen op tot 300.000 vermoorde Spanjaarden. Ontelbare Spanjaarden vluchtten in paniek de Pyreneeën over naar Frankrijk. Onder hen 270.000 militairen, 170.000 burgers en 13.000 gewonden en zieken. Om die reusachtige vluchtelingenstroom op te vangen liet de Franse regering in hoog tempo een aantal interneringskampen optrekken in het zuiden van het land. De enige echte concentratiekampen lagen in Duitstalig Frankrijk, het Elzasgebied, zoals het beruchte KZ Natzweiler-Struthof, waar ongeveer 60.000 mensen vastzaten en zes kilometer er vandaan het kleinere Sicherungslager Vorbrück-Schirmeck waar ongeveer 1.400 mensen vastzaten en ongeveer 10.000 er voor enkele dagen of enkele maanden gevangenzaten. Het is pas na de capitulatie van Frankrijk op 22 juni 1940 dat deze interneringskampen quasi naar eenzelfde regime zoals in de concentratiekampen zullen evolueren.

In het interneringskamp van Le Vernet d’Ariège werden 12.000 Spaanse strijders van de beruchte Durruti Divisie ondergebracht. In erbarmelijke omstandigheden probeerden Franco's 'ongewenste' vreemdelingen, intellectuele antifascisten en leden van de Internationale Brigades te overleven in Le Vernet. Om te beletten dat deze Spanjaarden zich zouden hergroeperen en te trachten Spanje te heroveren, zullen duizenden van hen na de Franse capitulatie door de Duitsers worden opgepakt en elders worden opgesloten, voornamelijk in KZ Mauthausen.

Vanaf mei 1940 werd Le Vernet omgebouwd naar een repressief interneringskamp waar duizenden mensen, die ervan verdacht werden een gevaar te vormen voor de openbare veiligheid, zonder aanklacht of proces werden opgesloten. Later, eind 1942 (wanneer de Duitsers het tot dan niet bezette deel van Frankrijk innamen), zal Le Vernet een doorgangskamp worden voor de Joden die in de streek werden opgeleid. In juni 1944 werden de laatste geinterneerden met Spooktreinen gedeporteerd naar KZ Dachau. In het totaal werden ongeveer 40.000 personen van 58 verschillende nationaliteiten in het kamp van Le Vernet geinterneerd, voornamelijk mannen maar evenzo ook vrouwen en kinderen.

Het interneringskamp van Saint-Cyprien-Plage, dat in februari 1939 werd opgericht, herbergde eind 1939 ongeveer 90.000 Spaanse vluchtelingen. In mei 1940 werd het kamp uitgebreid. Een delegatie van het Internationale Rode Kruis die het kamp in Saint-Cyprien bezocht van 17 tot 25 juni 1940, maakte in haar verslag melding van de benarde leefomstandigheden van de geinterneerden. "Les conditions dans lesquelles on vit ici sont affreuses, c'est la fin de la culture", zal later op 24 november 1940 een geinterneerde uit Saint-Cyprien schrijven aan rabbijn Chneerson. Op dat ogenblik werden in St-Cyprien 7.500 personen vastgehouden, waaronder naast de Joden tevens een 1.000-tal Rijksduitsers (Duitsers, Oostenrijkers en Sudeten) die eveneens uit België kwamen. In juli/augustus 1940 werden naar schatting 2.500 van hen gerepatrieerd alsmede de Joden van Belgische nationaliteit. Behalve dan de Joden uit België van vreemde nationaliteit of statenloos, van wie hun repatriëring werd verboden door de Duitse autoriteiten. Aldus bevonden zich in oktober 1940 in Saint-Cyprien duizenden opeengepakte Joden afkomstig uit de streek van Bade, Palatinat en Sarre.

De leefomstandigheden in Saint-Cyprien waren (net zoals overigens in de meeste Franse kampen) verschrikkelijk! Het kamp dat aan zee was gebouwd, en aan drie zijden was omgeven met prikkeldraad waar in het zand honderden houten barakken zonder vloer in ijltempo waren opgetrokken, was vergeven van ongedierte. Iedereen die er ooit in opgesloten zat herinnert zich vooral de muggenplaag. Het ganse strand en omgeving was letterlijk vergeven van muggen, ratten, en vlooien en elke gevangene zat onder de luizen. Ondervoeding, geinfecteerde barakken, gebrek aan medicamenten, elementaire zorgen en hygienische producten, open latrines, gebrek aan kledij enz., leidden tot het uitbreken van epidemieën. 85% van de geinterneerden leden aan dysenterie, een tyfus-epidemie maakte honderden slachtoffers, bij gebrek aan medicamenten brak er malaria uit en stierven op drie weken tijd 17 personen die in het hospitaal St-Louis te Perpignan waren opgenomen. 150 anderen creveerden van de malariakoorts. Nadat Saint-Cyprien eind oktober 1940 getroffen werd door een vloedgolf uit de zee die het grootste deel van de installaties venielde, werd Saint-Cyprien opgegeven en werden de 3.870 overblijvende geinterneerden tussen 29 en 31 oktober 1940 naar het kamp van Gurs, Le Verrnet en Argelès gedeporteerd.

Het interneringskamp van Gurs was het belangrijkste kamp in het zuiden van Frankrijk. Het werd op nauwelijks zes weken tijd opgetrokken op een gebied van 80 hectaren oppervlakte. Net zoals Saint-Cyprien en Le Vernet werd het aanvankelijk opgericht om er de Spaanse vluchtelingen in op te bergen. In 428 barakken bevonden zich op 16 april 1939 4.659 vluchtelingen, op 25 april 15.000 en op 10 mei 1939 zaten er reeds 18.985 mannen opeen gepakt, waarvan een 6.000 afkomstig waren uit het kamp van Saint-Cyprien. Vanaf mei 1940 kreeg het kamp van Gurs een nieuwe functie en werden er door het collaborerende Vichy-regime duizenden Joden alsmede enkele honderden politieke gevangenen geïnterneerd. Vanaf oktober 1940 (het einde van Saint-Cyprien) werden 6.500 Joden, die in het kader van Operatie Burckel waren opgepakt in de streek van Bade, Palatinat en van de Sarre, in het kamp van Gurs opgesloten. Op 19 december 1940 kwamen daar nog eens de geïnterneerde Spanjaarden bij uit St-Cyprien. Door het verschrikkelijk regime in het kamp van Gurs stierven alleen al in de winter van 1940-1941 800 Joden in het kamp.

SS-Obersturmführer Theo Dannecker (1913-1945), chef van de Gestapo in Parijs voor "joodse zaken", beschreef in zijn rapport van juli 1942 na een bezoek aan Gurs, de toestand in het kamp: "De barakken verkeren in zeer slechte staat. Onder het bestuur van het kamp, werd de absorberende capaciteit van het kamp sterk terug geschroefd. Totaal aantal geïnterneerden (Joden): 2.559, waarvan 1.912 van Duitse origine, en een 335 andere 'deporteerbaren'. Er dient opgemerkt te worden dat de 1.912 Joden van voormalige Duitse nationaliteit bijna allemaal afkomstig zijn uit de streek van Palatinat, 40% van hen zijn ouder dan 55 jaar." Vanaf augustus 1942 tot maart 1943 werden in zes treinkonvooien 3.907 Joden, mannen en vrouwen, via het doorgangskamp in Drancy, gedeporteerd naar KZ Auschwitz. Op 1 november 1943 werd het kamp van Gurs opgegeven en werden de overblijvende geinterneerden overgebracht naar het kamp van Nexon. Wanneer het kamp van Nexon in de zomer van 1944 werd bevrijd, troffen zij 229 overlevende geinterneerden aan (zigeuners, politieke gevangenen en misdadigers van gemeen recht.)



Laatst geupdate op ( Friday 04 January 2008 )
 
addtofav
Verzet.org maakt dankbaar gebruik van Joomla! en krijgt de technische ondersteuning van Antifa.net, Ahmad Al Kasim en VEDEZE van Blokwatch.
Ga naar top pijltje