|
Korherr Rapport[1]: 'het Europese Jodendom op 31 dec. 1942 nagenoeg gehalveerd' |
|
|
|
|
Sunday 01 June 2008 |
|
Pagina 3 van 6

Laatste reis naar Chelmno, het vernietigingskamp in de Reichsgau Wartheland
Herverdeling van Polen
De gebruikte plaatsnamen in het Korherr-rapport vragen wel
enige toelichting.
Neo-nazi's en negationisten beweren dat vergassingen en vernietigingskampen nooit hebben bestaan en de moord op zes miljoen Joden een mythe is.
Zij steunen hierbij ondermeer op verklaringen die Simon Wiesenthal deed in 1975 en 1993 'dat er zich op Duitse bodem nooit vernietigingskampen of gaskamers hebben
bevonden'. Wiesenthal bedoelde natuurlijk de grenzen van het tegenwoordige Duitsland. Echter, binnen de grenzen van het Duitse Keizerrijk (tot 1918) bevond
zich het vernietigingskamp Chelmno en bekeken binnen de grenzen van 1941 van het Derde Rijk bevond zich een tweede vernietigingskamp:
Auschwitz-Birkenau. De overige vier van de zes vernietigingskampen bevonden zich in het Generalgouvernement.
Zo werd de 'Warthegau' (ook Reichsgau Wartheland of Reichsgau Posen genoemd) door Hitler en zijn NSDAP altijd als Duitse bodem beschouwd en een
van zijn belangrijkste objectieven was ondermeer om de Duitse grenzen, van vóór de capitulatie van Duitsland in november 1918 en zoals die in
het Verdrag van Versailles op 28 juni 1919 werden vastgelegd,
opnieuw te herstellen.
Voordien, en dat tot 9 november 1918 maakte het Wartheland immers deel uit van het Duitse Keizerrijk, gesticht in 1871 door Otto von Bismarck,
of het Tweede Rijk zoals het door de nazi's later werd genoemd. Met het Eerste Rijk bedoelden de nazi's het voormalige
Heilige Roomse Rijk (843-1806). Met het 'Altreich' (het zogeheten 'Oude Duitse Rijk') wordt het grondgebied van Duitsland binnen de grenzen van 1937
bedoeld, grenzen zoals die na het einde van de Eerste Wereldoorlog werden vastgelegd (zie map).
De herovering van de Warthegau en herintegratie als provincie (Reichsgau Wartheland) binnen het Derde Rijk werd bereikt in september 1939 wanneer Polen werd bezet en
de herverdeling van het land werd ingezet. Als gevolg van de Germanisatie van de Warthegau door de nazi-politiek werden ongeveer 630.000 Polen en Joden verdreven. Het land werd vervolgens gekoloniseerd door
Duitsers die van overal, voornamelijk uit Oost-Europa en Rusland, afkomstig waren. Hoofdstad van de Warthegau werd Posen (pools: Poznan). In de Warthegau bevond zich
Chelmno (verduitst: Külm of Külmhof) dat ongeveer 70 kilometer ten westen van Lodz was gelegen. In de Warthegau bevond zich ook het
op één na (nà Warschau dus) grootste Joodse getto, namelijk in Lodz (Duits: Litzmannstadt). Hier werden de Joden en zigeuners massaal bijeen gebracht, klaar voor
latere deportatie naar de zes, vooral dan naar Chelmno. Ongeveer 230.000 Joden werden via het getto van Lodz versluisd naar de vernietigingskampen. Slechts 877
zullen de gruwel overleven.
Ook Auschwitz-Birkenau bevond zich binnen de grenzen van het Derde Rijk. Het grondgebied van KZ Auschwitz paalde aan de grens met het
Generalgouvernement en was gelegen naast het kleine Poolse dorpje Oswiescim. Dit deel van Polen werd door de nazi's eveneens beschouwd als zijnde Duitse bodem en
bevond zich in Rijksgouw Opper-Silezië (Reichsgau Oberschlesien) met als hoofdstad Oppeln. Oswiescim/Auschwitz werd in september 1939 na de verovering van Polen
aangehecht bij de Niederschlesien (Lager-Silezië) met als belangrijkste en grootste stad Breslau (thans het Poolse Wroclaw) met Gauleiter Karl Hanke
aan het hoofd.
Het reusachtige kamp KZ Auschwitz-Birkenau was aanvankelijk een concentratiekamp maar werd in het voorjaar van 1942 voor het grootste deel omgebouwd tot
vernietigingskamp. Auschwitz kreeg naast het fabrieksmatig uitmoorden van voornamelijk Joden en zigeuners, ook de taak om slavenarbeiders te leveren aan de nabij gelegen Buna-fabrieken
van IG Farben Werken (KZ Auschwitz III of Auschwitz-Monowitz / Auschwitz-Buna), waar synthetisch rubber werd vervaardigd. Daarnaast telde Auschwitz nog een 40-tal
bijkampen in de wijde omgeving. Tussen 1.1 miljoen en 1.6 miljoen mensen - waarvan 90% Joden - werden vermoord in Auschwitz.
Met het 'Generalgouvernement' wordt het deel van Polen bedoeld dat op 1 september 1939
werd aangehecht bij het Derde Rijk (het andere deel van Polen werd geannexeerd door de Sowjet-Unie). Het Generalgouvernement kreeg een beperkte autonomie binnen
het Groot-Duitse Rijk en had vier districten: Warschau, Lublin, Radome en Krakau. Hoofdstad van het Generalgouvernement werd Krakau van waar uit Gouverneur-generaal,
SS-Obergruppenführer Hans Frank, bijgenaamd 'de slager van Polen', de massamoord op de Joden van Europa organiseerde. Na de inval in Rusland op 22 juni 1941 werd in
augustus 1941 het Generalgouvernement uitgebreid met delen van Galicië dat voornamelijk een Oekraïense bevolking had. Belangrijkste stad in het aangehechte Galicië was Lwow (verduitst naar Lemberg). Lwow had eveneens een groot
getto waar op een bepaald ogenblik tot 120.000 Joden werden vastgehouden in afwachting van hun vernietiging. Minder dan 200 van hen zullen de genocide overleven.
In het Generalgouvernement, ver weg van de bewoonde wereld en uit het oog van 'vervelende' pottekijkers, bevonden zich de overige vier van de zes vernietigingskampen
ten tijde van het Derde Rijk: Belzec, Sobibor, Lublin-Majdanek
en Treblinka. KZ Lublin-Majdanek, dat oorspronkelijk als krijgsgevangenenkamp diende, zal in het voorjaar van 1942 worden omgebouwd tot vernietigingskamp.
In vergelijking met het doorsnee Duitse concentratiekamp was de overlevingskans van de slachtoffers in een vernietigingskamp nagenoeg nulkommanul. De slachtoffers
waren gemiddeld een uur na hun aankomst reeds vermoord. In de zes vernietigingskampen samen, werden tussen 1941 en 1945 ca. 3 miljoen Joden omgebracht.
Meestal werden de slachtoffers vergast d.m.v. uitlaatgassen van dieselmotoren die in gesloten vergassingskamers werden gestuwd,
of d.m.v. speciale rijdende vergassingsvrachtwagens (bv. Chelmno) waar de uitlaatgassen van de vrachtwagen naar binnen werd geleid en de slachtoffers stierven door
koolmonoxide vergiftiging. Velen stierven door mitrailleurvuur of zoals in Auschwitz (en later ook in Majdanek) door vergassing d.m.v. van Zyklon-B, een gekend en
veel gebruikt insecticide om de kampen te ontsmetten. Hierna werden de lijken begraven of gecremeerd in ovens of in open lucht, of soms later weer heropgegraven om dan pas te worden verbrand.
Door het systematisch en haast machinaal karakter van het moorden in de vernietigingsfabrieken kregen zij de bijnaam van 'fabrieken des doods': het moorden verliep
letterlijk 'aan de lopende band'.
|
|
Laatst geupdate op ( Thursday 05 June 2008 )
|