|
De gouden sleutel. Een biografie van de Jiddische taal (Miriam Weinstein) |
|
|
|
|
Sunday 14 September 2008 |
 |
Titel De gouden sleutel. Een biografie van de Jiddische taal
Orig. Yiddish: A Nation of Words © Steerforth Press; 2001
Auteur Miriam Weinstein
Uitgeverij © Uitgeverij Vassalluci - Amsterdam / Jiddische Bibliotheek 9; 2002; 302 bladzijden
ISBN 90 5000 382 6
|
Synopsis
Miriam Weinstein groeide op in de Bronx, na de Tweede Wereldoorlog, in een tijd en op een plaats waar nog veelvuldig Jiddisch werd gesproken. Ze maakte
diverse documentaires en werkt tegenwoordig als freelance journalist: vele artikelen werden bekroond door de New England Press Association. Momenteel
woont ze in Manchester, Massachusetts. De goudeu sleutel is haar debuut.
'De gouden sleutel' is een helder geschreven studie over de geschiedenis en ontwikkeling van de Jiddische taal: vanaf de eerste zin in het Jiddisch geschreven
(in 1272), het universele gebruik van de taal onder joden in de dertiende eeuw, de ontwikkeling van het Jiddisch sinds de boekdrukkunst van 'jargon' tot volwassen
taal (bestaande uit Hebreeuwse, Duitse en Slavische componenenten), de ontwikkeling van scholen waar Jiddisch werd gedoccerd, tot aan de teloorgang van de taal
na de Tweede Wereldoorlog.
'De gouden sleutel', een zeer toegankelijk geschreven boek, waar zowel specialisten als geïnteresseerden plezier aan kunnen beleven, waarin aan de hand van
diverse beroemde Jiddische auteurs de geschiedenis in kaart wordt gebracht, en ook de talloze, humoristische Jiddische gezegden niet worden vergeten:
"Als God op aarde zou leven, zouden mensen de ruiten bij hem ingooien."
Miriam Weinstein: "Jiddisch was de geheime handdruk, de gouden sleutel. De taal als definitie van een wereld, van een volk. Jiddisch betekent `joods'.
De woorden van deze taal waren simpelweg de klank van het Joodse leven zelf. Baby's werden geboren in kamers gevuld met het Jiddisch neuriën van de vrouwen;
lijken werden gewassen en afgelegd bij de klanken van Jiddisch geweeklaag. Taal werd een krachtig bindmiddel voor een volk zonder land, zonder regering,
zonder bescherming waarop gerekend kon worden. Het verengde Europese Joden maar sneed hen tegelijkertijd af van hun buren - mensen te midden van wie ze
soms honderden jaren hadden geleefd.
Het verbond hen ook met hun verleden door hun heilige taal, het Hebreeuws. Omdat er vaak woorden en zinnen uit de dagelijkse Hebreeuwse gebeden binnenslopen in hun simpele Jiddische omgangstaal was hun plaats in de Joodse tijd
bevestigd, vanaf het begin van de wereld tot aan de komst van de Messias en het Einde der Dagen. Het plaatste hen buiten de christelijke of seculiere
geschiedenis, en het liet hen toe hun zelfbeeld als volk in stand te houden. Ondertussen, zolang ze rondzwierven in deze wereld van het hier-en-nu, was het
hun paspoort en amulet. Her was hun kracht."
|
|