headerbanner
Aanbevolen boeken en AV-media:
De zaak Daens. Een priester tussen Kerk en christen-democratie (Frans-Jos Verdoodt)
Israel's War History; prod. Sharon Schaveet; docu. 2007; 1 DVD; 120 minuten; engels; zw/w & kl.
Wednesday 07 January 2009
Home
Actueel
Het Waanzinnige Rijk
Hitlers Handlangers
Hitlers Gewillige Beulen
Vergeten vervolgden
Ware Helden
Collaboratie in België
Het verzet in België
NS docs / wetten
Varia
Boekenbank
Link Partners
Gastenboek
Auteur
Contact
Hugo Van Minnebruggen's Facebook profiel

Joods Actueel


Staf de Clercq (VNV): Duitschland moet den oorlog winnen! PDF Afdrukken E-mail
Sunday 16 May 2004
Artikel index
Staf de Clercq (VNV): Duitschland moet den oorlog winnen!
Stichting van het VNV
Vooroorlogse relatie met Nazi-Duitsland
Duitschland moet den oorlog winnen!
Het VNV en de Joodse Kwestie
Den Leider sterft, Elias gaat verder
De rol van het VNV is uit
Bronnen


Het VNV en de Joodse kwestie

Al op 10 november 1940 zinspeelde Staf de Clercq in zijn 'Merkwaardige Rede' op het gevaar van het jodendom. Net voor die rede gehouden werd, bereidden Tollenaere en Edgar Delvo deze speech voor en verspreidden ze voortdurend artikelen over het nationaal-socialisme.

Vooral Tollenaere spande zich tot het uiterste in om uit te leggen hoe het Germaanse Rijk van de Duitse Natie overeenstemde met de doeleinden van het VNV en waarom het VNV nu eigenlijk tegen de joden was.
"Alle groepen of uitingen die de organische uitingen van de volksgemeenschap aantastten of ondermijnden moesten worden 'uitgeschakeld'", aldus Staf de Clercq. Een aspect daarvan was de strijd tegen de joden die voor Staf de Clercq een absolute prioriteit was(!)

Ook Reimond Tollenaere verkondigde racistische en anti-semitische theoriëen. In zijn nationaal-socialistische opvatting was 'het Volk' een organisch lichaam van rasgenoten. Al wat de natie verdeelde verziekte het volkslichaam. Niet alleen bepaalde instellingen maar ook sommige mensen werkten ondermijnend. Joden waren altijd en overal een bedreiging voor de volksgezondheid.

Onderstaande regels komen van Reimond Tollenaere in november 1940, omstreeks de tijd dat de eerste Judenverordenung werd bekendgemaakt en die erop gericht was om de joden te identificeren en te isoleren met het oog op de latere deportatie. Tollenaere's artikel werd later bekrachtigd door Staf de Clercq in zijn rede van 10 november 1940:

"Er is maar één oplossing. Zuivering van ons gehele volkslichaam. Totale en volledige uitschakeling van de jood uit het gezonde volkslichaam. Daarom dient een uitzonderlijk statuut in het leven geroepen te worden. De jood kan en mag niet dezelfde rechten hebben als de andere staatsburgers. Sentimentaliteit mag daarbij niet aan te pas komen. We mogen niet wreed zijn, maar we moeten logisch zijn. Wij zijn nationalisten, dat wil zeggen, wij staan op de leer van ons volk, cultuur en bloed. De jood behoort niet tot ons volk, nog veel minder tot ons bloed. En hij heeft de cultuur die erop gericht is de christelijke cultuur te vernietigen. Wie niet arbeidt is een parasiet. Wie zag de jood ooit arbdeiden? De jood steelt, plundert, bedriegt, sjachert. Wie zag hem ooit iets scheppen? De jood verhandelt en verkoopt schoenen, vodden, aandelen, edelstenen, graan, beurswaarden, socialisme, theorieën, volkeren, vrouwen, kolonies. En het meest wat hij verkoopt heeft hij ergens gestolen. We zullen niets verliezen wanneer we de jood buiten ons volk houden. We zullen integendeel veel winnen. Daarom logisch: de jood moet buiten! Het is een kwestie van volksgezondheid. "

Na de eerste jodenverordening op 28 oktober 1940, wrijft ook het VNV zich in de handen en juicht de de maatregelen van de nazi's openlijk toe. Hoofdredacteur Antoon Mermans in Volk en Staat van 5 november 1940:
"En wij stellen de vraag: "Welke huiszoekingen werden er in het Antwerpsche Jodenkwartier tot nog toe gedaan? Wordt dit volkje, met of zonder baarden, aan een speciale bewaking onderworpen?" In elk geval, bij de minste overtreding, moet de Jood of ongewenschte vreemdeling onmiddellijk voor goed onschadelijk gemaakt worden. Bepaalde emigranten werden vòòr 10 Mei in de aangewezen centra geparkeerd. Er bestaat geen aanleiding om deze zuiveringskuur stop te zetten."

Tot september 1942 zullen de nazi's in het totaal achttien anti-joodse verordeningen uitvaardigen. Die hadden tot doel de joden te identificeren en te registreren, uit het openbaar en economisch leven uit te sluiten en te concentreren met het oog op deportatie. Het antisemitisme loopt snel hoog op met steun van de Nieuwe Orde-bewegingen en op 14 april 1941 leidde dit tot wat men thans de Antwerpse Kristallnacht noemt.

Na een speciale filmvertoning van de anti-semitische propagandafilm Der Ewige Jude van Fritz Hippler, die door Volksverweering van de Antwerpse advocaat René Lambrichts in cinema Rex op de Keyserlei werd georganiseerd, trekken zo'n 200 relschoppers van de Vlaamse SS, de Zwarte Brigade, VNV en Volksverwering/Anti-Joodse Liga de straat op en vernielen 200 vitrines van joodse winkels in de wijken rond het Centraal Station. Waarna het sinistere gezelschap naar de Van den Nestlei en de Oostenstraat trekt. De hele inboedel en de Torah-rollen worden naar buiten gesleept en in brand gestoken. Beide synagogen en het nabijgelegen huis van rabbijn Rottenberg gaan op in vlammen.

Volk en Staat van 20 november 1941: De Joden hebben de schuld

  • 1. De Joden zijn ons verderf. Zij hebben dezen oorlog ontketend.
  • 2. Er is geen onderscheid tusschen Joden en Joden. Iedere Jood is een gezworen vijand van het Duitsche volk.
  • 3. Ieder Duitsch soldaat, die in dezen oorlog sneuvelt komt op rekening van de Joden.
  • 4. Als iemand de Jodenster draagt, is hij daarmede gekenmerkt als vijand van het volk.
  • 5. De Joden genieten de bescherming van het vijandelijke buitenland. Er is geen verder bewijs noodig, voor hun verderflijke rol onder ons volk.
  • 6. De Joden zijn afgezanten van den vijand onder ons.
  • 7. De Joden hebben geen recht zich onder ons voor te doen als gelijkgerechtigden. Waar zij op straat, in de rijen voor de winkels, in de middelen van vervoer het woord willen nemen, moet hen het zwijgen worden opgelegd, niet alleen omdat zij principiëel ongelijk hebben doch omdat zij Joden zijn en geen stem in het kapitel hebben.
  • 8. Als Joden op het gevoel gaan werken, weet dan, dat dit een spekuleeren is op uw vergeetachtigheid, laat hun dadelijk merken, dat gij hen doorziet en straf ze met verachting.
  • 9. De fatsoenlijke vijand heeft na de nederlaag recht op onze grootmoedigheid. De Jood is geen fatsoenlijke vijand, hij doet slechts alsof.
  • 10. De Joden dragen de schuld van den oorlog. Zij lijden, door de behandeling, die wij hen doen ondergaan, geen onrecht, zij hebben het meer dan verdiend. Het met den definitief klaar te spelen, is taak der regeering. Niemand heeft het recht op eigen gezag te handelen, maar elk den plicht de maatregelen van den staat tegen de Joden te eerbiedigen.

Op 4 augustus 1942 verlaat het eerste konvooi Mechelen richting Auschwitz, 14% onder hen zijn kinderen. De Antwerpse krant van het VNV, Volk en Staat, waarvan het kantoor gevestigd was in de Somerstraat 32 middenin de joodse wijk van Antwerpen, meldde cynisch op 13 augustus '42:
"De zuiveringsmaatregelen tegen de joden volgen mekaar sterker op en worden met de dag strenger toegepast. Het schijnt zo dat we stilaan rondom onze redactiekantoren weer ruimer zullen kunnen ademhalen en nu er week na week huizen en appartementen in de buurt leegkomen kunnen we tenminste eens rustig van huis naar kantoor en van kantoor naar huis wandelen."



Laatst geupdate op ( Saturday 18 October 2008 )
 
addtofav
Verzet.org maakt dankbaar gebruik van Joomla! en krijgt de technische ondersteuning van Antifa.net en VEDEZE van Blokwatch.
Ga naar top pijltje