|
Joris Van Severen en het Verdinaso |
|
|
|
|
Saturday 27 March 2004 |
|
Pagina 1 van 11
Inleiding
Joris Van Severen heeft nooit gecollaboreerd omdat hij daar de kans niet heeft toegekregen, maar hij stond aan de
vooravond van de Tweede Wereldoorlog, met zijn D.M.O. helemaal klaar om de collaboratie aan te gaan met nazi-Duitsland. Waar het Verdinaso anders zou zijn
geëindigd moest Van Severen niet voortijdig zijn omgekomen ligt voor de hand: hij zou 'zijn' Dinaso Militianen via de voordeur rechtstreeks de Vlaamse SS
hebben binnengeleid en net zoals zijn geestesgenoten, Léon Degrelle van REX, Mussert van de NSB en Jef Van de Wiele van DeVlag, een hoge positie bij
de SS hebben verworven en het wellicht tot SS-Generaal hebben geschopt.
Het Verdinaso kende een kortstondige bloei in het midden van de jaren 1930, maar is ten onder gegaan aan de innerlijke onmacht van zijn utopische doelstellingen,
de vroegtijdige dood van zijn leider Van Severen op 20 mei 1940 en de chaotische toestanden van het eerste oorlogsjaar (tot mei 1941). Een deel van de Verdinasoleden
stapt in 1940-1941 de collaboratie binnen, een ander deel verkiest de kant van het verzet, nog anderen verlaten de politiek.
Het Verdinaso was een corporatistische, Groot-Nederlandse, fascistische en antisemitische beweging. De anti-democratische evolutie van het katholieke
Vlaams-nationalisme kadert in de opkomende fascistische stromingen in Europa, maar is ten dele ook te wijten aan een heropleving van de ultramontaans-anti-liberale
traditie in de katholieke Vlaamse Beweging.
Joris Van Severen
Georges Van Severen (hij zal zijn voornaam later 'vervlaamsen' naar 'Joris') werd op 19 juli 1894 ye Wakken geboren als oudste van
vijf kinderen. Zijn ouders, notaris Edmond van Severen en Irma van de Male, behoorden tot de plattelandse burgerij en Georges wordt tweetalig grootgebracht. Zijn
middelbare studies volgt hij aan het Gentse jezuïetencollege Sainte Barbe. In 1912 laat hij zich inschrijven aan de universiteit van Gent, faculteit Letteren en
Wijsbegeerte, als voorbereiding op zijn rechtenstudie. Hij is o.m. actief in de Rodenbachvrienden, een katholieke flamingantistische studentenkring.
In september 1914 wordt hij opgeroepen voor het leger en levert strijd aan het IJzerfront. In maart wordt hij bevorderd tot sergeant en in januari 1917 tot
onderluitenant. Later wordt door Arthur de Bruyne genoteerd dat Van Severen een belangrijke rol zou hebben gespeeld bij de derde divisie waar de frontbeweging
actief was, maar dat wordt nergens bevestigd. Het zal nog tot 1921 duren vooraleer Van Severen daar belangstelling voor krijgt.
Na de oorlog hervat Van Severen in 1919 zijn studies Rechten aan de universiteit van Gent maar die hij zal die afmaken. Hij wijdt zich in hoofdzaak aan de
Vlaamse strijd en is actief in verschillende Vlaamse verenigingen. Vanaf 1921 wijdt hij zich vooral aan zijn eigen publicatie, het maandblad
Ter Waarheid, dat zal verschijnen vanaf 30 januari 1921 tot aan het einde van 1924.
Op aandringen van priester/dichter Cyriel Verschaeve neemt hij op 20 november 1921 deel
aan de Algemeene Verkiezingen (parlementsverkiezingen). Hij trekt de lijst voor de Kamer van het in 1919 opgerichte Vlaamsche Front, in de volksmond de Frontpartij
genoemd of de partij van de Fronters. Van Severen wordt verkozen als volksvertegenwoordiger, samen met nog drie andere Fronters: Staf de Clercq (die later het VNV
zal stichten), de Antwerpse advocaat Henri Picard en de onderwijzer Emiel Butaye uit Watou.
In 1925 worden Van Severen, Staf de Clercq en Emiel Butaye opnieuw verkozen voor de Frontpartij. Daarnaast werden er nog drie andere verkozen. Henri Picard werd
vervangen en in zijn plaats kwam de vrijzinnige Herman Vos, Van Opdenbosch uit Aalst en Thomas De Backer, een onderwijzer uit Mol.
Al gauw evolueert Van Severen naar een fascistisch standpunt, met aanvankelijk een sterke nadruk op het katholicisme. Hij versmelt het grootneerlandisme
(de politieke hereniging van Vlaanderen en Nederland) met het anti-democratische solidarisme en een pleidooi voor militievorming. Vanaf het midden van de jaren 1920
saboteert Van Severen elke Vlaams-nationalistische samenwerking waar gematigden bij betrokken zijn.
Intussen is hij vooral in West-Vlaanderen actief: hoofdman van het KVNV (Katholiek Vlaamsch Nationaal Verbond) en uitgever van De West-Vlaming. In 1921
heeft Van Severen Emiel Thiers leren kennen die eveneens lid wordt van de Frontpartij. Van 1925 tot 1932 is Emiel Thiers provincieraadslid voor
het KVNV en wanneer Van Severen het vanaf 1928 niet meer eens is met het KVNV en doelbewust op een breuk aanstuurt, steunt Thiers hem onvoorwaardelijk.
"La Belgique: qu'elle Crève!" (29 november 1928)
Bij tussentijdse verkiezingen in Antwerpen in 1928 wordt het amnestievraagstuk opnieuw actueel. Dr. August Borms,
die op dat ogenblik reeds tien jaar in de cel zit wegens collaboratie met de Duitsers in de Eerste Wereldoorlog (het Activisme), en daarvoor ter dood veroordeeld werd,
is kandidaat op de lijst van de Frontpartij in Antwerpen. Dr. August Borms zal worden verkozen als volksvertegenwoordiger maar nooit effectief zetelen. Hij wordt
wel vrijgelaten uit de gevangenis en amnestie verkrijgen.
Ook in het parlement leidt dit tot hevige discussies. Op 29 november 1928 houdt Van Severen een vurig pleidooi voor amnestie in het parlement. Het slot van zijn
redevoering is andermaal een pleidooi voor Groot-Nederland. "En België dan?" vraagt iemand in de Kamer, waarop Van Severen antwoordt met de vloek van
de Vlaamse soldaten aan het IJzerfront: "Belgiek, ontplof!" en vertaalt dat voor sommige Kamerleden in het Frans
als "La Belgique: qu'elle Crève!"
Zo isoleert hij de pluralistische Antwerpse Frontpartij en verhindert hij een constructieve democratische politiek. Met de Algemene Verkiezingen van 29 mei 1929
loopt het verkeerd voor Van Severen. Alhoewel de Fronters veel meer stemmen halen dan in 1925 (van 84.143 naar 131.961), zij van zes naar tien zetels zijn opgeklommen
en vier senatoren mogen aanduiden, wordt Van Severen zelf niet herkozen. De Diets-Nationaalsolidarist Wies Moens die zich kandidaat had gesteld
grijpt eveneens naast een zetel. In hun plaats komen de Vlaams-Nationalisten Jeroom Leuridan, Victor Delille en Marcel van den Bulcke in het parlement.
|
|
Laatst geupdate op ( Sunday 05 October 2008 )
|