|
Het Onafhankelijkheidsfront en de 'valse' Le Soir van 9.11.1943 |
|
|
|
|
Wednesday 03 March 2004 |
|
Pagina 4 van 5
Nasleep en Bevrijding
Begin mei 1943 arresteerde de SD (Sicherheitsdienst) een aantal belangrijke leiders van de communistische partij. Ondermeer Leemans en ook Pierre Joye werden opgepakt. Enkele weken na hun aanhouding verscheen, al dan niet met hun directe aanhouding, een valse uitgave van Le Drapeau Rouge, waarin het verzet werd opgeroepen om hun activiteiten te staken. Niemand nam de oproep ernstig en de aanslagen en sabotageacties gingen in alle hevigheid verder.
Onder de gearresteerden bevonden zich naast Bert Van Hoorick, ook Jef van Extergem die vanaf 1937 de secretaris en het gezicht werd van de Vlaamsche Kommunistische Partij. De 'VKP' werd opgericht op 24 januari 1937 door de centrale Belgische communistische partij om het Vlaamse nationalisme te recupereren.
Rond deze Vlaamsche Kommunistische Partij ontstond het "Vlaamsch Blok voor Zelfbestuur en Democratie" dat een coalitie was van de communisten en enige onafhankelijken en progressieven. Men vergaderde met Vlaamse leeuwenvlaggen en zong Vlaamse liederen waaronder de Vlaamse Leeuw. De partijkrant De Roode Vaan heette hier "Het Vlaamsche Volk".
Van Extergem volgde verder de directieven van Stalin inzake het inschakelen en uitschakelen van sympathie voor Duitsland en het Vlaamse nationalisme. Alhoewel ook Van Extergem in de Eerste Wereldoorlog bij het activisme was betrokken geraakt, had de VKP nog voor er sprake was van een Tweede Wereldoorlog, alle collaboratie met het extreemrechtse Duitsland van Hitler afgezworen.
De aanhoudingen van juli 1943 brachten de KP op de rand van de afgrond. De Hongaarse kominternafgevaardigde Bereï, Edgard Lalmand en Jean Terfve namen de leiding van de KP over. Haar invloed in het Onafhankelijkheidsfront (OF/FI) nam sterk af. In het najaar van 1943 namen niet-communisten zoals de liberaal Hougardy en de katholiek
Marcel Grégoire de touwtjes stevig in handen. De gearresteerde KP-leiders werden na zware folteringen in maart 1944 naar Duitse kampen overgebracht waarvan slechts weinigen levend zullen terugkeren. Ook Jef Van Extergem werd geïnterneerd in Breendonk en en op transport gezet naar Duitsland waar hij stierf in het KZ van Elrich in onduidelijke omstandigheden in mei 1945.
Na de oorlog probeerden verschillende kopstukken van het verzet hun weg te vinden in de politiek. In november 1944 kwam het snel tot ernstige wrijvingen in de regering omwille van de ontwapening van het verzet. Het OF/FI, de KP en de partizanen aanvaarden dit niet. De oorlog was nog verre van beëindigd, het regende V-bommen en het Ardennenoffensief van de winter van 1944-45 rechtvaardigden in vele opzichten hun woede.
Fernand Demany (1904-1977) was als redacteur begonnen bij Le Matin, daarna bij Le Soir, bij Le Drapeau Rouge en Le Peuple en later directeur van L’Eclair. Direct na het einde van de bezetting zal hij nog even zetelen als 'minister zonder portefeuille' in de eerste naoorlogse regering van Pierlot (26.09.1944-7.02.1945). Ook de communist Albert Marteaux zetelde als minister voor Volksgezondheid in dit eerste naoorlogs kabinet en nadien in dezelfde functie in de derde regering van Achiel Van Acker (31.03.1946-9.07.1946) waarin ook de communist Jean Terfve minister zal zijn bevoegd voor de Heropbouw.
Marcel Grégoire zat mede aan de basis van de oprichting van UDB en zal als minister van justitie zetelen in de tweede regering van Achiel Van Acker (2.08.1945-12.02.1946). De UDB was een partij van progressieve verzetsmensen maar werden bij de verkiezingen van 1946 weggeveegd.
Na de oorlog geeft Aloïs Gerlo (1915-1998) nog een tijd lang het verzetsblad Front uit als nieuw dagblad. Kortstondig was hij hoofdredacteur van De Rode Vaan en lid van het Centraal Comité van de partij. Na het befaamd anti-Stalin rapport van Chroesjtsov in 1956 nam hij ontslag en stapt over naar de socialisten. In 1969 wordt hij de eerste rector van de VUB/ULB. Hij is actief in vele organisaties onder meer als voorzitter van het socialistische Vermeylenfonds.
Het August Vermeylenfonds werd opgericht op 26 juli 1945. De rechtstreekse aanleiding was het overlijden van de linkse politicus, intellectueel en letterkundige August Vermeylen naar wie het Fonds werd genoemd. Maar ook het tijdstip speelde een belangrijke rol. Door de collaboratie tijdens de 2de W.O. van het VNV werd de Vlaamse Beweging in diskrediet gebracht en het was bijgevolg niet denkbeeldig dat het Franstalige Belgische establishment pogingen zou ondernemen om de rechtmatige Vlaamse verworvenheden van vóór de oorlog terug te schroeven.
Het is dan ook niet verwonderlijk dat de meeste van de stichters bewuste Vlamingen waren die tijdens de oorlog in het verzet stonden en dat men een pluralistische werking voor ogen had. De meeste leden kwamen weliswaar uit de socialistische beweging maar ook enkele vooraanstaande katholieken en liberalen maakten deel uit van de stichtende leden.
|
|
Laatst geupdate op ( Saturday 23 December 2006 )
|