Na de bevrijding in september 1944 sloeg de repressie toe, ook in Meensel-Kiezegem. De drie zonen Marcel, Albert en Maurice Merckx bleken onvindbaar en zijn dan ook
nooit aangehouden. Zij weken vermoedelijk uit naar Zuid-Amerika. Zowat de ganse familie Merckx werd opgepakt door het verzet. Moeder Clementine Merckx en dochter Maria
werden bij hun aanhouding zwaar vernederd en mishandeld. In mei 1946 verschenen zij voor de krijgsraad van Leuven en werden ze veroordeeld tot levenslange hechtenis.
De drie gebroers Merckx worden bij verstek veroordeeld tot de doodstraf. Vader Remi en zoon Jozef kregen eveneens levenslange hechtenis. Zoon Ernest kreeg tien jaar
opsluiting.
Oorlogs-burgemeester en VNV'r Felix Broos werd eveneens aangehouden en in mei 1946 veroordeeld tot levenslange hechtenis. Daarnaast werd ook de VNV'r Jules
Stroobants voor de Krijgsraad gebracht en veroordeeld tot 3 opsluiting. Wanneer in mei 1945 de oorlog wordt beëindigd en de kampen overal bevrijd worden,
keren de gevangen overlevenden terug naar huis. Slechts 8 dorpelingen van Meensel-Kiezegem keren als menselijke wrakken terug naar huis, alle anderen zijn omgekomen.
Opnieuw slaat de repressie toe. Op 26 augustus 1945 vermoordt een commando van het verzet de landbouwer Louis Pittomvils.
De uitgesproken doodstraffen werden nooit uitgevoerd en geen enkele van de veroordeelden heeft de uitgesproken straffen volledig uitgezeten. Alle families die
tijdens de repressie werden aangehouden hebben na de oorlog Meensel-Kiezegem verlaten. Jozef Bachot vluchtte na het einde van de oorlog naar Duitsland
en kon vele jaren aan vervolging ontkomen tot hij in oktober 1961 werd aangehouden. In 1963 wordt hij gevonnist en wordt tot 7 jaar gevangenisstraf veroordeeld. In
1965 wordt hij voor andere criminele feiten andermaal nog eens tot drieenhalf jaar veroordeeld en dat voor de moord op een priester en een schooldirecteur.
SS-Obersturmführer Robert Verbelen, de chef van het Veiligheidskorps, heeft nooit
één dag achter de tralies gezeten. Na de capitulatie van Duitsland vlucht hij naar Oostenrijk waar hij voor de Amerikaanse contraspionage en later voor
de Oostenrijkse inlichtingendiensten ging werken. Zo kan Verbelen een repatriëring vermijden. In België wordt hij tijdens de repressie in 1947 bij verstek
ter dood veroordeeld. In 1959 wordt hij Oostenrijks staatsburger. In april 1962 werd Verbelen op verzoek van de Internationale Unie van Weerstand en Weggevoerden
door de Oostenrijkse overheid onder arrest geplaatst. In 1965 werd het proces tegen Verbelen gevoerd aan het Hof van Assisen in Wenen. Het proces Verbelen zorgde
ook in ons land voor grote beroering.
Tijdens zijn gevangenschap had Verbelen het boek van Pater Marcel Brauns (1913-1995) "Radicalisme in de Vlaamse strijd"' gelezen. Hij vroeg pater
Brauns op zijn proces als getuige ten ontlaste op te treden wat deze aanvaardde. Zijn optreden maakte enige indruk op de rechters en haalde er de internationale pers:
ter zitting zong Brauns zowaar de Vlaamse Leeuw. Pater Brauns was in 1991 kandidaat op de Gentse Vlaams Blok-lijst (thans Vlaam Belang geheten). Op 21 december 1965
werd tot ieders verbazing en verbijstering Robert Verbelen vrijgesproken voor oorlogsmisdaden wegens verjaring van de feiten. De ontgoocheling bij de nabestaanden van
de vermoorde slachtoffers door het Veiligheidskorps was groot en zeker in Meensel-Kiezegem waar zoveel slachtoffers te betreuren vielen.
Op 4 april 1947 veroordeelde het Krijgshof van Antwerpen de vijfentwintigjarige SS-Standartenführer Tony Van Dijck een eerste keer tot de
doodstraf. Eén jaar later wordt de laatste leider van de Algemene SS Vlaanderen die medeverantwoordelijk is voor de tegen partizanen én burgerbevolking
gerichte razzia's in Lamain, Hertain, Tournai, Bree, Peer, Meeuwen, Guitrode, Wijshagen en vooral Meensel-Kiezegem ook door het Krijgshof van Brussel tot de
dood met de kogel veroordeeld. Maar het vonnis wordt niet voltrokken. Van Dijck komt er vanaf met 17 jaar cel, waarvan hij er effectief zestien jaar heeft
uitgezeten.
Na de oorlog werden op verschillende wijzen herdenkingen georganiseerd. Er werd door de Stichting Meensel-Kiezegem 1944 een Museum opgericht, tevens in 2001 het
Infolokaal 1 & 11 augustus 1944
Op 1 augustus 2004 verscheen bij uitgeverij Manteau het boek Een klein dorp, een zware tol,
geschreven door Stefaan Van Laere in samenwerking met twee overlevenden van de
razzia's van augustus 1944, de tweelingbroers Frans en Jozef Craeninckx (zie verder bij 'verwijzingen'). Alle info vind je op de website van Stefaan
Van Laere: klik hier