|
De Einsatzgruppen en de Wilde Holocaust. Deel 1 |
|
|
|
|
Sunday 20 February 2005 |
|
Pagina 4 van 5  Van militaire procedure tot massaslachting Op 15 augustus 1941 woonde Heinrich Himmler in Minsk (Wit-Rusland) de executie bij van tweehonderd joden, die werd uitgevoerd door een commando van Einsatzgruppe B van Arthur Nebe. Al van bij het eerste salvo wordt Himmler onwel omdat het het commando niet meteen lukte om twee vrouwen te doden. Nadat hij zich hersteld had verklaarde hij dat het harde gevecht van het Duitse volk dergelijke maatregelen noodzakelijk maakten: "Het is de vloek van de grote man dat hij over lijken moet stappen."
Echter de manier van terechtstellen veranderde zienderogen. Tijdens de eerste weken werden de slachtoffers nog gedood volgens de bepalingen van de krijgswet. Het executie-peloton telde minstens zoveel geweren als er mensen waren in de te executeren groep. De terechtstelling werd met karabijnen voltrokken, een salvobevel werd afgeschoten na een vuurbevel, en in het Tislitcommando werd zelfs kennis gegeven van het executiemotief. De slachtoffers, die hun kleren hadden aangehouden, werden naderhand in een grafkuil gegooid. Maar na een paar weken had de zaak een andere wending gekregen. In plaats van pelotons schoten SS'rs om beurten met een mitrailleur in de nek of het hoofd van mensen die ontkleed waren, knielend op de rand van een kuil of languit liggend op de bodem. In het begin werd over elke rij lijken een laag aarde gegooid, maar al snel moesten de slachtoffers gaan liggen bovenop degenen die net waren doodgeschoten. Herman Gräbe, een Duits staatsburger die in Rusland verbleef hoorde het lawaai van een reeks geweersalvo's en werd toevallig getuige van een van deze executies. Gräbe getuigde hierover op 29 september 1947 op het Einsatzgruppen proces in Neurenberg: "Ik liep om de zandhoop heen en bevond mij voor een enorme kuil. De mensen lagen zo dicht opeen dat alleen de hoofden nog te zien waren. Een deel van de gefusilleerden bewoog nog. Sommigen staken hun arm uit en draaiden het hoofd, om aan te geven dat ze nog leefden. De kuil was al voor driekwart gevuld. Ik schat dat er zich ongeveer duizend mensen in bevonden. Met mijn ogen zocht ik de schutter. Het was een SS'r, hij zat op de rand van de kuil, zijn benen hingen in het gat, hij rookte een sigaret. De volledig naakte slachtoffers daalden af via een trap die in de wand was gegraven, glibberden voort over de hoofden van diegenen die er al lagen, tot op de plek waarheen ze door de SS'rs werden gedirigeerd. Ze gingen liggen op degenen die waren geëxecuteerd, sommigen streelden de overlevenden en praatten met hen met zachte stem. Daarna hoorde ik een serie geweerschoten."
Ook bleven de executiepelotons geenszins altijd beperkt tot leden van de Einsatzgruppen. Plaatselijke antisemieten evenals ter plaatse gerecruteerde politie, assisteerden bij de moorden. Eveneens geweten is dat Duitse burgers, met een baan als tolk en zelfs spoorweglieden, zich vrijwillig bij de vuurpelotons aansloten omdat er buit te halen was en een extra rantsoen 'Schnapps' Het was dan ook niet te verwonderen dat met zulke ongeoefende moordenaars het eerder uitzondering was dan regel, als hun slachtoffers meteen dood neervielen. Velen, wellicht de meesten, stierven niet door de kogel maar door verstikking, veroorzaakt door het gewicht van de boven op hen geworpen lichamen of aarde als het graf werd dichtgeworpen, of zelfs verdronken in hun eigen of andermans bloed. Het was ongewoon als men daags na een executie géén sporen vond van doden of stervenden buiten het graf. Het kwam regelmatig voor dat gewonde overlevenden terug opdaagden in het hospitaal om er behandeld te worden. Enkele anderen ontsnapten zelfs voorgoed. Van militaire procedure tot massaslachting: de methoden veranderden omdat, vanaf het moment dat de groep slachtoffers zich uitbreidde, alles aan doelmatigheid en tijdwinst werd opgeofferd.
|
|
Laatst geupdate op ( Saturday 13 August 2005 )
|