Van 7 oktober 1944 tot en met 30 maart 1945 werden in het arrondissement Antwerpen 3.709 inslagen geteld, waarvan 2.448 V-1's en 1.261 V-2's. Op het eigenlijke doelwit zelf, nl. de Antwerpse haven, kwamen slechts 150 V-1's en 152 V-2's terecht die slechts beperkte schade toebrachten. Uiteindelijk werden alles tezamen ongeveer 8.700 'vliegende bommen' op ons land afgeschoten die aan meer dan 8.000 mensen het leven kostte alsmede 22.000 gewonden en enorme materiële schade toebracht.

Het brein achter de supersonische V-2 (A-4), Wernher von Braun, gaf zich op 2 mei 1945 over aan de Amerikanen. Hij bracht benevens zijn kennis en de blauwdrukken van zijn raketsystemen ook zijn staf met zich mee: Magnus von Braun (broer van Wernher von Braun), Generaal Walter Dörnberger, Stafchef Herbert Axster, Hans Lindenberg (ingenieur), Bernhard Tessmann (ingenieur) en Dieter Huzel (ingenieur). Zij vertrokken allen naar de Verenigde Staten om daar voor de snel opkomende ruimtevaartindustrie te werken. Dat was slechts de voorhoede. Enkele maanden later heeft von Braun reeds 120 medewerkers van zijn team in Duitsland naar Amerika gehaald in Huntsville (Alabama).
Op 31 januari 1958 slaagde het von Braun-team er voor het eerst in om met een Jupiter C-draagraket, de eerste Amerikaanse satelliet 'Explorer 1' in een baan om de aarde te brengen. Op 1 oktober 1958 werd de NASA opgericht en het team rond von Braun werd op 21 oktober 1959 opgenomen in de NASA. Vanaf 1970 is von Braun directeur bij de NASA. In 1977 overleed von Braun op 65-jarige leeftijd aan kanker in Alexandria, Virginia.

Geconfronteerd in de jaren zeventig met zijn oorlogsverleden, ontkende hij hardnekkig op de hoogte te zijn geweest van de afschuwelijke werkomstandigheden en het regime van de terreur in de Hel van Dora-Mittelbau en Nordhausen, en schoof hij elke verantwoordelijkheid door naar de SS en het Opperkommando in Berlijn.
Van 7 augustus tot 31 december 1947 vond de Dora-Mittelbrau (Nordhausen) rechtzaak plaats. 19 oorlogsmisdadigers stonden terecht. Enkel de kampcommandant van Nordhausen, SS-Obersturmführer Hans-Karl Möser, kreeg de doodstraf en hij werd op 30 december 1947 opgehangen. Zeven anderen kregen levenslange opsluiting en al de anderen varieerden van vrijspraak tot gevangenisstraffen van wisselende lengte.