|
Komeet [Comète], de ontsnappingslijn van DéDé |
|
|
|
|
Sunday 21 August 2005 |
|
Pagina 3 van 5

De Komeet-lijn
Arnold Deppé keerde terug naar Brussel en in juni 1941 ondernamen ze een eerste reis, in het gezelschap van elf Belgische militairen. Twee van hen werden aan de Spaanse grens door de politie teruggezonden en in Frankrijk aangehouden. Een maand later ondernam Arnold Deppé een tweede reis, ditmaal in het gezelschap van vier Belgische reserve-militairen die de geallieerde legers in Engeland wilden vervoegen maar daar liep het een eerste keer fout.
Dédé: "Ik heb eerst prospectie gedaan, ik heb toen met een vriend afgesproken om alvast een paar Belgen en Britten naar het zuiden te smokkelen. Nadien bleek dat we door een kennis waren verraden. Die vriend van mij (Arnold Deppé) werd gesnapt in het station, ik slaagde er nog net in om een andere trein te nemen. Zo ontkwam ik aan de Duitsers, anders was er nooit een Comète-lijn geweest. Via Quévrain en Parijs ging het dan tot Saint-Jean de Luz. Ikzelf mocht niet terug naar België en dus bleef ik in het zuiden. Van daaruit coördineerde ik de laatste overtocht. Over de bergen. In het begin was het een beetje zoeken en afspraken maken. Weet u, sommige mannen kwamen gewoon aanzetten met een valies in de hand. Dat kon natuurlijk niet. Het moest onopvallend, hoogstens met een rugzakje."
Arnold Deppé werd tijdens die tweede tocht met 'Engelandvaarders' in juli 1941 aangehouden in Rijsel. Hij werd zwaar gefolterd om bekentenissen af te dwingen maar gaf geen kik. Op 12 november 1941 werd hij door de Duitsers ter dood veroordeeld voor medewerking aan de ontsnapppingslijn en later nog een tweede keer voor het verspreiden van het sluikblad 'La Libre Belgique'. Hij zal nog tot aan het einde van de oorlog in concentratiekampen opgesloten blijven o.m. in Mauthausen, Natzweiler-Struthof en Dachau, tot hij bevrijd werd door Amerikaanse soldaten.
Dédé die was teruggekeerd naar Rijsel omdat Arnold en zijn reisgenoten niet opdaagden, vernam ze zijn aanhouding. Dédée blijft niet bij de pakken zitten en roept de hulp in van Charles Morelle, een Fransman uit Valenciennes, die de schakel tussen Frankrijk en België vormde. Dédéee trekt opnieuw naar het Zuiden van Frankrijk waar ze haar reis voortzette. Om de risico's van een nieuwe aanhouding van haar 'kinderen' ('mes enfants') zoals ze de vliegeniers noemden, te beperken, besluit ze om in het gezelschap van de Baskische gids Florentino Goicoechea, de mannen te begeleiden over de smalle paadjes doorheen de Pyreneeën.
In het begin weigerde de Baskische gids haar mee te nemen. 'Ben je gek' zei die man, 'Ik werk niet met vrouwen, jullie kunnen die berg nooit over.' Andrée bleef maar argumentere en toen dat niet lukte, is ze naar het schijnt in een grote colère geschoten. Ze beet die man de vraag toe: 'Wat doet u vandaag?' Hij antwoordde: 'Ik ga in de buurt mijn familie opzoeken.' Andrée vroeg of ze mee mocht. Hij zei ja. Nu, de hele dag stapte ze in zijn voetsporen, over de weg en doorheen de bergen. Op het eind van de dag vroeg ze: 'En, mag ik u begeleiden?' 'Ja', zei hij, beduusd.
Na een lange en moeizame tocht, bereikte het groepje Bilbao waar zij de drie militairen waaronder een Schot, overdroeg aan de verbaasde consul van Groot-Brittannië die maar niet wilde geloven dat deze jonge vrouw, Andrée De Jongh, een ontsnappingslijn had opgezet. Misschien was zij wel een Duitse agente?
Uit Histoire d'une ligne d'évasion van Cécile Jouan: "Wie op een mooie dag in augustus 1941 in de straten van Bilbao alweer dat gehaaste jonge meisje met korte haren door de straat zag marcheren, kon niet weten dat dit Dédé was, ook wel de cycloon genoemd. Die er voor de veertiende dag op rij de pas in zette richting Britse ambassade.(..) Opnieuw zou ze het aan het personeel daar gaan uitleggen. Dat ze een ontsnappingsroute klaar had. Jawel, zij, Andrée De Jongh uit België, 24 jaar oud. De vijftiende dag pas geloofden ze haar. Dédé keerde terug over de bergen met mondvoorraad en geld voor de terugreis. Het grote avontuur kon beginnen."
De consul nam contact op met Michael Cresswel, de afgevaardigde van MI 9, de Britse Geheime Dienst die zich bezighield met het lot van de ontsnapte militairen. Het kwam tot een akkoord tussen beide waarbij de Geheime Dienst de kosten van de reis zou terugbetalen en Déde haar onafhankelijkheid kon behouden, en beloofde zich niet te moeien met de organisatie van de ontsnappinslijn. Het grote avontuur kon inderdaad beginnen.
Met het akkoord met de MI 9 (Military Intelligence 9) op zak keerde ze met de bus terug naar de familie De Greef. Charles Morelle, het contact voor Noord-Frankrijk, wachtte haar op en bracht haar slecht nieuws: de Duitsers waren haar op het spoor en kenden haar identiteit. Ze kon onmogelijk terugkeren naar België. Haar vader Fréderic nam het net in België onder zijn hoede. Nadat ook haar vader werd opgespoord nam Henri Michelli zijn plaats in. Wanneer Michelli en Morelle werden verraden en op 6 mei 1942 aangehouden, nam Baron Jean Greindl de leiding van het net in België op zich. In Frankrijk kreeg zij de hulp naast zich van Jean-François Nothomb.
|
|
Laatst geupdate op ( Thursday 20 December 2007 )
|