headerbanner
Aanbevolen boeken en AV-media:
Tussen hamer en aambeeld. Polen en zijn buren (Martin van den Heuvel)
Rosenstrasse; Margarethe Von Trotta; 2003; 1 DVD; speelduur 135 minuten; kleur
Monday 13 October 2008
Home
Actueel
Het Waanzinnige Rijk
Hitlers Handlangers
Hitlers Gewillige Beulen
Vergeten vervolgden
Ware Helden
Collaboratie in België
Het verzet in België
NS docs / wetten
Varia
Boekenbank
Link Partners
Gastenboek
Auteur
Contact
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Komeet [Comète], de ontsnappingslijn van DéDé PDF Afdrukken E-mail
Sunday 21 August 2005
Artikel index
Komeet [Comète], de ontsnappingslijn van DéDé
La Petite Cyclone
De Komeet-lijn
Dede opgepakt
Bronnen








Dédé opgepakt
 
De winter van 1942-1943 werd een slechte tijd voor de Komeet-lijn. Niet alleen was de route over de Pyreneëen nagenoeg onbegaanbaar geworden wegens de zware sneeuwval, maar werd het eveneens erg gevaarlijk om de gezwollen rivier Bidassoa over te steken door de vele stroomversnellingen. Vele vluchters moesten hun vluchtpoging staken en onverrichterzake terugkeren naar het basiskamp in Urrugne, het huis van Francia Usandizaga, en wachtten noodgedwongen op betere weersomstandigheden.

De Gestapo zat de lijn op de hielen. De medewerkster Nadine was gearresteerd in Parijs toen ze onderduikers overbracht. De Gestapo was in februari 1942 binnengevallen in het huis van Dédée en hadden haar zuster Suzanne opgepakt die als koerier werkte. Haar vader Fréderic kon ontkomen en verhuisde naar Parijs. Vele betrouwbare helpers van de Komeet-lijn tussen Brussel en de Pyreneëen werden gearresteerd. De Komeet-lijn werd voortdurend geïnfiltreerd door de Duitse contraspionage. Zo bleken in november 1942 twee zogenaamde neergestorte Amerikaanse piloten, agenten van de Gestapo te zijn, wat andermaal leidde tot de arrestatie van een honderdtal medewerkers van Komeet.

Op 15 januari 1943 viel de Gestapo de boerderij binnen van Francia te Urrugne, de laatste pleisterplaats voor de grote overtocht. Andrée wachtte op het begin van haar 25ste(!) overtocht door de Pyreneën, die ze begeleidde. Dédé werd opgepakt samen met nog zeven andere medewerkers en onderduikers. Op dat ogenblik hadden reeds 118 mensen veilig de overtocht gemaakt waarvan 80 vliegeniers. Andrée werd vooraleer ze naar de kampen ging, opgesloten in kleine gevangenissen zoals in Bayonne waar ze voortdurend ondervraagd en gefolterd werd door de Gestapo.
 
Op 1 augustus 1943 werd Dédé naar Duitsland gedeporteerd als Nacht und Nebel-gevangene. Na een tijd te hebben doorgebracht in het KZ Ravensbrück, werd ze overgeplaatst naar KZ Mauthausen. Francia Usandizaga kwam om in KZ Ravensbrück. Andrée overleefde de 2 jaar(!) in de concentratiekampen en zij werd na een akkoord tussen Heinrich Himmler en graaf Folke Bernadotte, de neef van de Zweedse koning en vice-president van het Zweedse Rode Kruis, samen met nog 800 andere vrouwelijke gevangenen op 22 april 1945 vrijgelaten.

De Komeet-lijn was na de arrestatie van Dédé zwaar aangeslagen en even zwaar verlamd maar haar collega's reorganiseerden de lijn opnieuw. Haar vader Fréderic nam de leiding van de Komeet-lijn over samen met Elvire de Greef (Tante Go) in het zuiden, en Jean-François Nothomb (Franco) in het noorden. Tot Fréderic verraden werd door Jean Masson, een Belg in dienst van de Abwehr. Fréderic De Jongh werd na zijn arrestatie zwaar gefolterd en op 29 maart gefusiljeerd op de Mont Valérien bij Parijs.

Andrée over haar aanhouding in 1943: "De Gestapo stelde mij altijd weer die vraag 'Uw vader was toch de oprichter van de Comète-lijn?' 'Nee' zei ik, 'ik was de oprichtster'. 'Daar bent u te jong voor' klonk het antwoord. Ik bleef aandringen maar kon hen niet overtuigen. Mijn vader werd aansprakelijk gesteld en gefusilleerd, ik bleef leven." Schuldgevoelens ('ses remords') omtrent de dood van haar vader zullen haar het verdere leven tot op de dag van vandaag blijven achtervolgen...

Dat de lijn toch nog werd voortgezet was te danken aan de moed van de helpers die op hun post bleven en de eigenaars van de veilige onderduikhuizen, die ondanks de toenemende druk en klopjacht door de Gestapo, niet bezweken en hun acties bleven verder zetten. Er kwamen steeds andere koeriers en meer veilige huizen werden geopend en nog meer onderduikers werden veilig overgebracht.
 
Bijzonder tragisch was ook het lot van Graaf Antoine d'Ursel die Jean Greindl was opgevolgd als leider van Komeet-België, na diens arrestatie op 6 februari 1943. In de nacht van 23 op 24 december 1943 probeerde hij samen met de Amerikaanse piloot Jim F. Burch de rivier de Bidasoa over te steken maar verdronk. Jim Burch die al aan de overkant was geraakt, werd onder vuur geomen door de Guardia Civil en belandde opnieuw in het water waar hij eveneens de verdrinkingsdood stierf. Jean Greindl werd gedood bij een bombardement op 7 september 1943 op de kazerne van Etterbeek.

In het totaal bracht de Komeet-lijn bijna 800 onderduikers in veiligheid waaronder 707 vliegeniers en 64 anderen. Van de ongeveer 2.000 helpers en medewerkers van de Komeet-lijn werden er ruim 800 opgepakt waarvan er 216 de oorlog niet overleefden. De school in Schaarbeek van de vader van Dédée waar werd na de oorlog naar hem hernoemd: Ecole Frederick de Jongh.

Na de oorlog vertrok Andrée De Jongh in 1946 naar de toenmalige kolonie Belgisch Kongo en nog later naar Adis Abeba, waar ze als verpleegster voor de melaatsen zorgde. In 1985 werd ze door koning Boudewijn in de adelstand verheven en mag ze zich sindsdien Gravin noemen. In 1988 werd Gravin A. De Jongh Doctor Honoris Causa aan de UCL benoemd. Na de oorlog werd Dédé ontelbare keren onderscheiden:
  • Kolonel in de weerstand
  • Doctor Honoris Causa UCL
  • Officier in de Leopoldsorde met Palm
  • Officier de la Légion d'Honneur
  • Oorlogskruis met Palm
  • Medaille van Politiek Gevangene
  • Medaille van de Weerstand
  • Herinneringsmedaille "40-45"
  • George Medal
  • Croix de Guerre Française avec Palme
  • Medal of Freedom met Gouden Palm
  • Résistance Française

Recent (21 mei 2005) werd ze opnieuw in de schijnwerpers gezet door Mevrouw Bertje Palma-Ureel van het Mechels 8 mei Comité die een hele rij verzetsstrijdsters uit de Tweede Wereldoorlog in een academische zitting in Mechelen aan het publiek voorsteld. Note: Mevr. Bertje Palma-Ureel, voorzitster van het 8 mei Comité, is de dochter van de weerstander Leopold Ureel die door het verraad van Irma Laplasse door de Duitsers werd terechtgesteld.

Andrée De Jongh in 2005: "Eén van de mooiste herinneringen was toen ik Florentino (de Baskische gids) terugzag na de oorlog. Ik ging naar zijn dorp. Toen hij hoorde dat ik er was, kwam hij naar mij toe gelopen, meer toe gehinkt was het met dat stuk geschoten been. Hij ging voor mij zitten en begon heel hard te huilen. Het stopte niet. Ik was enorm aangegrepen. Wat een man, wat een ongelooflijke band hadden wij geschapen, wat hadden we samen niet meegemaakt."
 
Op 13 oktober 2007 j.l., is Gravin Dédé De Jongh overleden.



Laatst geupdate op ( Thursday 20 December 2007 )
 
addtofav
Verzet.org maakt dankbaar gebruik van Joomla! en krijgt de technische ondersteuning van Antifa.net en VEDEZE van Blokwatch.
Ga naar top pijltje