|
Pagina 1 van 6

Felix Kersten 1898-1960
Felix Kersten werd geboren in 1898 in Yourieff (het huidige Tartu), eén van de oudste Baltische steden in het huidige Estland. Zijn vader Frederik Kersten, Duitser van geboorte, beheerde het domein van een rijke landbouwer en was gehuwd met Olga Stubing, de dochter van de directeur van de posterijen. De Kerstens waren een zeer oude familie, en hun stamboom gaat terug tot in 1400 toen de voorouders wegtrokken uit de Nederlanden naar Göttingen, vervolgens naar Oost-Pruisen en tenslotte in de Baltische staten.
Felix was maar een middelmatig begaafde student en voltooide slechts met de grootste moeite de middelbare school in Riga. Begin 1914 stuurt zijn vader hem naar Duitsland, naar de beroemde landbouwschool in Sleeswijk-Holstein. Twee jaar later behaalt hij daar zijn diploma van landbouwkundig ingenieur.
In 1917 wordt hij onder de wapens geroepen. Felix had een hekel aan de Duits-Pruisische mentaliteit en het idee om voor het Duitse leger tegen de Russen te moeten vechten, vervulde hem met afkeer. Hij besluit dienst te nemen bij het Finse Legioen dat in Duitsland werd gevormd. In 1919 was Felix Kersten intussen onderluitenant bij het Finse Leger geworden. Na het einde van de Russische Revolutie besluit hij om chirurg te worden. In het leger had hij Majoor Ekman leren kennen die zijn handen had bekeken en adviseerde hem prompt om zich te wijden aan de wetenschappelijke massage.
Dokter Ko
Massage is in de noordelijke staten en vooral in Finland een zeer oude wetenschap en tegelijk een kunst, die toen -en dat nog steeds is- in hoog aanzien stond. Hij krijgt zijn eerste praktijklessen in de polikliniek van Helsinki en wordt opgemerkt door Dr. Kollander die hem onder zijn persoonlijke hoede neemt. In 1921 verkrijgt hij zijn diploma van wetenschappelijk masseur. Dr. Kollander raadt hem aan om zijn studie verder te zetten in Berlijn, de hoofdstad van Duitsland. In Berlijn krijgt hij logement bij de familie Lüben, een oude vriendin van de Kerstens. Met de dochter Elisabeth Lübing, die een stuk ouder was dan hij, bouwt hij een duurzame vriendschap op die veertig jaar lang zal duren.
Hij aanvaard allerlei baantjes om zijn studies aan de universiteit te bekostigen zoals tolk voor Finse zakenlieden die Berlijn bezochten en geen Duits spraken. Aan de universiteit leert hij de befaamde Prof. Chirurg Bier kennen die hem in 1922 introduceerde bij Dr. Ko, een magere oude Chinees. Ko was in China geboren maar opgegroeid in een Tibetaans klooster waar hij werd ingewijd in de geheimen van de Chinese en Tibetaanse geneeskunde. De lama-geneesheer begaf zich na zijn studies in het klooster, naar Engeland waar hij aan de universiteit zijn doktersdiploma behaalde en in Londen een praktijk uitoefende.
Dr. Ko is onder de indruk van jonge Kersten en neemt hem aan als leerling. In 1925 acht Dr. Ko zijn leerling volledig bekwaam en ziet hem als zijn waardige opvolger. Dr. Ko laat hem een erg grote praktijk na, neemt afscheid van Felix en scheept terug in naar Tibet. Kersten zou nooit meer wat vernemen van zijn grote leermeester. Het gaat hem dra voor de wind. Elisabeth Lübing kwam bij hem het huishouden doen en regelt vanaf dan alle praktische zaken voor hem. Hij koopt een dure wagen, huurt een ruim appartement en bouwt verder zijn praktijk uit.
Zijn roem als masseur, hij noemde zichzelf Artzt für manuelle Therapie, verspreidde zich spoedig tot ver buiten de grenzen van Duitsland. De erg begaafde masseur had een techniek ontwikkeld die succes bracht. Met zijn vingertoppen kon hij complexe zenuwknopen aanvoelen en door die knopen de manipuleren kon hij de bloedsomloop terug op gang brengen. Op die manier kon Kersten het ganse zenuwstelsel terug herstellen en sterke zenuwpijnen ernstig verlichten en zelfs helemaal wegnemen.
In 1928 nodigt Koningin Wilhelmina van Nederland hem uit om haar echtgenoot Prins Hendrik te onderzoeken. Dr. Kersten stelt bij de sterk verzwakte prins een hartkwaal vast en kan hem door een intensieve massagekuur dadelijk -en dat voor de duur van zijn jaren- opnieuw een normaal leven geven. Dr. Kersten voelt zich goed thuis in Nederland en besluit er zich te vestigen. Hij hield zijn flat in Berlijn aan om er zijn Duitse patiënten te behandelen, maar zijn belangrijkste en officiële domicilie werd Den Haag.
Zijn faam heeft intussen ook Rome bereikt waar hij Graaf Ciano, schoonzoon van Benito Mussollini, behandelde voor ernstige maagkrampen. Ciano probeert Kersten naar Italië te lokken door hem een leerstoel aan de universiteit te beloven, maar Kersten houdt teveel van Nederland en weigert. Alhoewel hij Mussolini, Il Duce, nooit behandeld heeft, heeft hij hem verschillende keren ontmoet en samen met hem gesoupeerd.
In 1931 krijgt Kersten de miljardair August Rosterg in therapie. Rosterg is één van de machtigste industrielen van Duitsland en eigenaar van mijnen en kaliumfabrieken. Rosterg leed immense pijnen, hartstoornissen, storingen van de bloedsomloop en allerlei andere typische managersziekten. Hij had de beroemdste artsen geconsulteerd, maar niemand die hem van zijn helse pijnen kon afhelpen tot hij op zekere dag zich laat behandelen door Dr. Felix Kersten.
Toen de behandeling was afgelopen was Rosterg niet alleen genezen, hij werd gered door Kersten. Uit dankbaarheid schrijft Rosterg hem tot zijn grote verbazing het voor die tijd spectaculaire bedrag uit van 1 miljoen Reichsmark. Van het geld koopt Kersten het landgoed Hartzwalde, gelegen op zo'n 70 kilometer ten noord-westen van Berlijn, en waaraan driehonderd hectaren weiland en bos waren verbonden. Eén van de eerste genodigden op Hartzwalde was Prins Hendrik, de gemaal van Koningin Wilhelmina, die vanaf 1931 regelmatig op het domein kwam jagen.
Wat er tussentijds allemaal gebeurde in Duitsland, kon Kersten aanvankelijk maar matig boeien. Hij had het veel te druk om zijn bloeiende praktijk uit te bouwen en te genieten van zijn rijkdom, de jacht en de vrouwen. De machtsovername van Hitler, de eerste concentratiekampen, de Nacht van de Lange Messen waar de SS afrekende met Ernst Roehm de leider van de SA, Heinrich Himmler die Reichsführer van de SS was geworden, Heydrich, Müller en de Gestapo enz.. het ging alles langs hem heen.
Toch bereikte hem via zijn patienten allerhande negatieve signalen dat er serieus wat misliep in nazi-Duitsland. En wat hij hoorde verontrustte hem wel degelijk. Kersten waande zich echter veilig want hij had tenslotte toch de Finse nationaliteit, zijn domicilie was in Nederland en hij kon vele groten der aarde tot zijn vaste clienteel rekenen. Intussen had Kersten in februari 1937 de veel jongere Irmgard Neuschaffer leren kennen, de dochter van een houtvester uit Riga, de hoofdstad van Letland. Zij trouwen nog datzelfde jaar en krijgen een jaar later hun eerste zoon.
|