headerbanner
Aanbevolen boeken en AV-media:
De nazi's. Een waarschuwing uit het verleden (Laurence Rees)
De Joden. Geschiedenis van een volk; Nina Koshofer & Sabine Klauser; 2008; 2 x DVD; 260 min.
Monday 12 May 2008
Home
Actueel
Het Waanzinnige Rijk
Hitlers Handlangers
Hitlers Gewillige Beulen
Vergeten vervolgden
Ware Helden
Collaboratie in België
Het verzet in België
NS docs / wetten
Varia
Boekenbank
Link Partners
Gastenboek
Auteur
Contact
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Advertisement
De reddingsactie van Dom Bruno (E.P. Bruno Reynders) PDF Afdrukken E-mail
Sunday 25 September 2005
Artikel index
De reddingsactie van Dom Bruno (E.P. Bruno Reynders)
Bronnen

De Kerk in België


De houding van de Kerk in België verschilde nauwelijks dan in de andere door de nazi's bezette Europese landen. Opvallend is wel het verschil tussen Vlaanderen en Wallonië. Een enquete die werd uitgevoerd tussen 1978 en 1980 door het Navorsings- en Studiecentrum voor de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog waarbij een onderzoek werd gehouden naar de houding van de Belgische clerus bracht deze verschillen pijnlijk aan het licht. Zo bleek dat 29,5% van de ondervraagden betrokken was geweest bij hulp aan Joden. Echter: 40,8 % voor Wallonië en slechts 17,6 % voor Vlaanderen. Het gezegde dat Vlaanderen collaboreerde en Wallonië verzet boodt lijkt hiermede jammerlijk bevestigd te worden.

Kardinaal Van Roey had voor zichzelf, en dus ook voor de Belgische clerus, beslist om niet officiel te protesteren tegen de manier waarop de Joden van België door de Duitsers werden behandeld en dat om de volgende drie redenen. Eerstens, hadden de Duitsers beloofd om de Belgische Joden te sparen, iets wat later bleek de zoveelste leugen te zijn. Ten tweede gold de ervaring dat vroegere protesten met zaken uit het verleden, nooit enige invloed hebben gehad op de bezetter. Ten derde vreesde de kardinaal dat een officieel kerkelijk protest gevolgen zou kunnen hebben voor de Joodse kinderen die in katholieke instellingen verbleven.  Kardinaal Van Roey verleende wel zijn morele steun aan de vele illegale daden en acties die kerkelijke leden ondernamen.

Van de hoogste kerkelijke top bleef een openlijke veroordeling van het nationaal-socialisme -helaas(!) achterwege. Kardinalen, bisschoppen, priesters en andere actieve leden van de Rooms-katholieke Kerk bleef aldus verstoken van elk moreel gezag van bovenaf (zie ook Hitlers Paus) en bleven aldus aangewezen op hun eigen oordeel, empathie en de eigen beslissing om al dan niet actief deel te nemen aan het in bescherming nemen van de door het Derde Rijk ongewensten. Sommigen namen werkelijk deel aan de vervolging van de Joden, hitsten anderen vanop hun kansel (zoals bv Priester Cyriel Verschaeve) of anderen namen actief aan de vervolging deel zoals bijvoorbeeld in Kroatië. Anderen lieten hun hart en hun verstand spreken.

Ook Maxime Steinberg stelt in zijn histories onderzoek, dat de Kerk als instelling, zich niet heeft ingezet om op het hoogste niveau, zonder medeweten van de bezetter, een actie op touw te zetten ten gunste van de joden. De instelling nam geen verantwoordelijkheid. De militanten hadden de vrijheid van handelen, maar de Kerk hield zich afzijdig. (bron zie Ze hebben het overleefd. - Sylvain Brachfeld)

Dom Bruno

Een van de zovele Rooms-katholieken die enkel waarde hechtten aan hun eigen oordeel en voor zichzelf uitmaakten in hoeverre ze betrokken raakten bij de waanzin van deze oorlog en haar meest geviseerde groep -de Joodse gemeenschap van België- was de katholieke priester Père Bruno of Dom Bruno zoals E.P. Bruno Reynders meestal genoemd werd, is één van de vele moedige personen die tijdens de bezetting door de nazi's hun leven op het spel zetten door joden of hun kinderen een veilige schuilplaats te bezorgen en hen aldus te behoeden voor deportatie naar de concentratiekampen.
 
  Bruno Reynders werd geboren op 24 oktober 1903 te Elsene (Brussel). In 1922 wordt hij tot priester gewijd en treed binnen in de Abdij Keizersberg van de Benedictijnen te Leuven. Tijdens de achttiendaagse veldtocht in mei 1940 is Bruno Reynders aalmoezenier bij het Belgisch leger en wordt gevangengenomen en naar Duitsland afgevoerd. Na zijn terugkeer in januari 1941 uit het Oflag VIB-kamp in Doessel nabij Warburg, begint zijn grote avontuur.

In 1942 wordt de Benedictijnse pater door zijn abt als aalmoezenier overgeplaatst naar een klein tehuis voor blinden en slechtzienden in het Ardense Hodbomont (Theux), dat onder het toezicht stond van Albert Van den Berg. Albert Van den Berg, geboren te Luik in 1890, was dokter in de rechten, notaris en als advocaat verbonden aan het Hof van Beroep van Luik. Hij was een oorlogsinvalide van de Eerste Wereldoorlog. Zijn samenwerking tijdens de bezetting met Bisschop Kerkhofs van Luik en met de Benedictijnse pater Dom Bruno om vele joodse kinderen te helpen onderduiken, zal hij later met zijn leven bekopen. Op het einde van april 1943 werd Albert opgepakt door de Gestapo en sterft in 1945 in KZ Neuengamme.

Dom Bruno ontdekt al snel dat het tehuis een dekmantel is om gevluchte joden te verbergen voor de nazi's. Een twintigtal blinden, alsmede de directeur, blijken joodse vluchtelingen te zijn die daar werden verborgen voor de nazi's. Na een razzia door de Gestapo werden alle volwassen joden opgepakt maar de nazi's laten wel de joodse kinderen met rust. Het klikt meteen tussen Dom Bruno en Albert Van den Berg en zij brengen die joodse kinderen meteen onder op andere adressen. Vanaf januari 1943 gaat Dom Bruno actief deelnemen aan de redding van de joodse kinderen.

 
  Dom Bruno trekt er op uit, meestal per fiets, om onderduikadressen te vinden voor zijn kinderen, in het begin vooral bij vrienden en kennissen. Via de bisschop van Luik krijgen Van den Berg en Dom Bruno financiële steun om de hoogste nood te bekostigen. Ze bouwen een heel netwerk van contacten op. Dom Bruno plaatst kinderen bij zijn moeder en bij zijn broer Jean Reynders.

Onvermoeibaar rondfietsend trekt hij er op uit om zijn kinderen onder te brengen. Overal klopt hij aan. Bij religieuzen in Bellegem, aan het tehuis in Leffe, het pensionaat Sainte-Marie in La Bouverie, bij de Benedictijnen van Luik (waar een zekere Zuster Theresa niemand minder dan zijn zuster is), hij klopt aan bij drie tehuizen in Banneux, bij de Zusters van Don Bosco in Kortrijk, en bij tal van christelijke families over het hele land.

Dom Bruno hield alles nauwgezet bij in notaboekjes. Zo bijvoorbeeld wat de vijftienjarige Izaac Segal betrof: Geplaatst in de Vlamingenstraat 120 te Leuven; daarna bij Bertrand in Pro Juventute, Ottignies; daarna bij abbé André, Namen; daarna in het Home S. Maurice te Haversin; daarna bij Mr Cathale te Borenville, Wépion; tenslotte bij M. Bodart, Bambois, Fosses. In zijn boekjes stonden wel 307 namen genoteerd die Dom Bruno heeft kunnen beschermen, maar onrechtstreeks heeft hij nog vele anderen kunnen helpen.

Dom Bruno moet zelf ook telkens weer verhuizen want de Gestapo is hem op het spoor gekomen. Soms kunnen zijn beschermelingen op het nippertje ontsnappen zoals in augustus 1944 tijdens een razzia die door SS-Obersturmführer Burger werd gehouden. Burger, bijgenaamd de 'Bluthund von Wien', had o.m. ook de liquidatie van de joodse gemeenschap van Saloniki (Griekenland) op zijn account. Burger was speciaal naar België gekomen om alle joden en kinderen die nog in tehuizen waren, te verzamelen en te deporteren naar de kampen.

Enkele jaren na de oorlog sprak Dom Bruno met Gilles Rozberg die hij had helpen ontsnappen: "Ik heb gevoeld en begrepen dat er iets gedaan moest worden, dat men deze joden die ik niet kende moest helpen. Ik ben aan de taak begonnen en ik heb liefde voor hen gevoeld. Ik heb de doodsangst en de vrees gekend, en ook lang na de oorlog gebeurde het dat ik wakker werd in angsten en badend in het zweet."

Na het einde van de oorlog neemt Dom Bruno opnieuw dienst als aalmoezenier bij het leger bij de bezettingsmacht in Duitsland. Later aanvaard hij een directeurspositie aan het Collegio Greco di San Atanasio te Rome... Behalve dan zijn laatse levensjaren, laat hij zich maar zelden zien in België. Naar eigen zeggen "omdat hij niet als een held wil behandeld worden".

In 1964 wordt hij door Yad Vashem opgenomen in de lijst van Rechtvaardigste onder de Rechtvaardigen. In 1981 overlijd Dom Bruno in het hospitaal van Elsene. Tien jaar later wordt een plein in Ottignies, waar hij tien jaar gewoond heeft, naar hem genoemd.

De bisschop van Luik, Monseigneur Louis Joseph Kerkhofs werd door Yad Vashem in 1981 opgenomen als Rechtvaardige en de in Neuengamme omgekomen advocaat Albert Van den Berg werd samen met zijn zus Germaine en schoonbroer Georges Fonsny in 1996 eveneens erkend door Yad Vashem.



Laatst geupdate op ( Sunday 11 March 2007 )
 
addtofav
Verzet.org maakt dankbaar gebruik van Joomla! en krijgt de technische ondersteuning van Antifa.net, Ahmad Al Kasim en VEDEZE van Blokwatch.
Ga naar top pijltje