Om lid van de Ustasa te worden, moesten de kandidaten eerst een initiatie doen, vergelijkbaar met de Waffen-SS. Zo moesten zij een eed van trouw (vgl met de SS-eed)
afleggen aan een altaar waar een crucifix met een granaat en een dolk werden geplaatst (zie afb. hierboven): "Ik zweer in de
aanwezigheid van iedereen en in het aanzicht van God de wetten van deze gemeenschap zal eren en onvoorwaardelijk zal uitvoeren wanneer de Poglavnik
(= Führer Ante Pavelic nvdr) daartoe het bevel geeft. Ik zal nauwgezet alle geheimen bewaren die mij worden toevertrouwd en ik zal niets verraden,
wat het ook mag zijn. Ik zweer te strijden in het leger van de Ustasa voor een onafhankelijk Kroatië onder de absolute controle van de Poglavnik. Mocht ik
ooit mijn eed breken zal ik de dood aanvaarden als mijn straf. Zo helpe mij God, Amen."
De Ustasa gebruikten verschillende wapens om hun slachtoffers af te maken zoals messen, houten hamers, bijlen en timmermansbijlen. Vooral berucht en gevreesd
waren hun typische kleine gekromde dolken die in het Duitse Sölingen werden gefabriceerd. Nauwelijks 12 centimeter lang was het bijzonder scherp mes dat bevestigd
was aan een gewelfde ovale plaat die met een lederen riem die rondom de pols werd geslagen. In de riem was een opening gemaakt waardoor men zijn duim moest steken,
de overige vingers bleven vrij. Aan de onderkant van de arm snoerde men de armband met lederen veters vast.
De scherpe kant van het mes bevond zich aan de buitenzijde; nadat de moordenaar zijn slachtoffer in de hals had gestoken, trok hij zijn mes, waarvan de snede
naar de hals van het slachtoffer gericht was, weer naar zich toe. Daarbij liet hij zijn mes een halve cirkel beschrijven, net zoals dat van een draaiend rad. Een
andere beul hield intussen het hoofd van het slachtoffer vast. Door de kracht van de draaiende beweging van het mes werd de hals volledig doorgesneden. De dolk
leek aldus op een snel draaiende machine met daarop een mes gemonteerd die als een soort cirkelzaag werkte en waarmee men erg snel en efficiënt mensen kon onthoofden.
Ante Pavelic zei ooit over het wapen: "Een goede Ustashi, is hij die met een mes het kind uit de baarmoeder van een zwangere
vrouw kan snijden." Eén van de specialiteiten van het kamp was het "kelen in serie". Een helper moest het hoofd van de slachtoffers
achterover houden zodat de hals goed strak stond en vlijmscherp werd overgesneden. De kampleiders organiseerden soms een wedstrijd voor de "beste keler".