De balans van de Brigade Piron tussen 1944 en 1945: 90 soldaten werden gedood tijdens de opmars en overleden aan hun verwondingen. 2.039 soldaten werden gewond en geëvacueerd. Daarnaast werd ook 38 soldaten als vermist opgegeven. Na de oorlog vormde de Brigade de kern van het nieuwe Belgische leger. De Brigade Piron werd omgevormd tot het Bataljon Bevrijding dat de sectoren in Lüdenscheid en Siegen bezette. Sinds 1970 is de eenheid gelegerd in Leopoldsburg.
De Brigade Piron was evenwel niet de enige die de wapens opnam aan geallieerde kant. In totaal dienden ongeveer 10.000 Belgen aan geallieerde zijde. Zeker 2.500 van hen kwamen daarbij om. Zo namen Belgische piloten zoals bijvoorbeeld Baron Jean de Sélys-Longchamps, dienst in de Britse Royal Air Force. Belgische marineschepen maar vooral ook de koopvaardijvloot leden zware verliezen tijdens de geallieerde konvooien over de Atlantische Oceaan. In '42 werden de eenheden van parachutisten en commando's opgericht die de kern vormen van de huidige paracommando brigade. Zij werkten in Joegoslavië samen met de partizanen van Tito en voerden operaties uit in bezet Frankrijk.
In '44 landden ze op Walcheren en openden ze mee de Scheldemonding. Tenslotte dienden er ook Belgen bij de Britse Special Operations Executive en de Secret Intelligence Service, onder meer bij contacten met het Belgische verzet. Tussen de militairen van het verzet in het Geheim Leger en de mannen van de Brigade Piron bestond er altijd wat naijver en jaloezie. Zo bijvoorbeeld de kwestie van de herkenningsbadges. De eerste formatie badge werd gemaakt in 1943, een gele leeuwenkop en een omgekeerde driehoek met een grote rode boord. Wanneer de Brigade Piron op 4 september 1944 België en Brussel binnentrekt merken ze tot hun verbazing en ongenoegen dat de badges van het Geheim Leger dezelfde zijn als die van de Brigade.
De regering in ballingschap had inderdaad beslist dat deze badges dezelfde moesten zijn als het Belgische bevrijdingsleger en had consequent duizenden van deze badges door vliegtuigen laten droppen om door het verzet te worden gedragen. Vandaar dat Kolonel Piron besloot een nieuwe badge aan te nemen. Vanaf eind 1944 zal de Brigade de nieuwe badge overal dragen om zich te onderscheiden van de militairen in het verzet.
In december 1946 wordt Piron de eerste bevelhebber van het Belgische Bezettingsleger in Duitsland en wordt hij in december 1947 gepromoveerd tot de graad van Luitenant-generaal. In januari 1951, werd Jean-Baptiste Piron Stafchef van de Belgische Landmacht. Hij beëindigde zijn militaire loopbaan als Vleugeladjudant van Koning Boudewijn, en als voorzitter van het comité der Staf Chefs. Piron werd gepensioneerd op 1 juli 1957. De 4de september 1974, dag op dag 30 jaar na de bevrijding(!) van Brussel en zijn triomfantelijke overwinningsintocht doorheen de hoofdstad, overleed Jean-Baptiste Piron te Ukkel.