headerbanner
Aanbevolen boeken en AV-media:
De zaak Daens. Een priester tussen Kerk en christen-democratie (Frans-Jos Verdoodt)
Israel's War History; prod. Sharon Schaveet; docu. 2007; 1 DVD; 120 minuten; engels; zw/w & kl.
Tuesday 06 January 2009
Home
Actueel
Het Waanzinnige Rijk
Hitlers Handlangers
Hitlers Gewillige Beulen
Vergeten vervolgden
Ware Helden
Collaboratie in België
Het verzet in België
NS docs / wetten
Varia
Boekenbank
Link Partners
Gastenboek
Auteur
Contact
Hugo Van Minnebruggen's Facebook profiel

Joods Actueel


Het rapport dat niemand las (Patrick Martens) PDF Afdrukken E-mail
Wednesday 11 January 2006
Titel          Het rapport dat niemand las. De rapporten - Paula D'Hondt - een synthese
Auteur      Patrick Martens
Uitgeverij © Uitgeverij BOEK - Zonhoven; 1991; 63 pagina's
ISBN         90 5232 061 6
Synopsis
Paula D'Hondt-Van Opdenbosch, de Koninklijke Commissaris voor het Migrantenbeleid zou met één scherpe uithaal makkelijker en méér aandacht winnen dan met drie jaar hardnekkig studiewerk. Hoe dan ook, Vlaanderen, zowel de politicus in de Wetstraat als de gewone man in de straat voelde zich aangesproken.
De excellenties reageerden (tactisch) verontwaardigd of (diplomatisch) niet. De burgers stelden zich vooral vragen.

Wat staat er in dat rapport? Welke financiele en economische betekenis heeft de aanwezigheid van migranten in dit land? Welke rechten en plichten hebben zij? Wat zijn de krachtlijnen van de voorstellen? Welke maatregelen krijgen voorrang? Hoe moet een efficient migrantenbeleid verder uitgebouwd worden als het werk van het Commissariaat straks afgerond wordt?

Patrick Martens, redacteur binnenland bij Het Belang van Limburg, distilleert de 3.000 bladzijden van de rapporten D'Hondt tot een verteerbare en verhelderende synthese. Naar de letter en de geest. In 1993 kreeg Paula D'hondt de 'Prijs voor de Democratie'. Het Centrum voor Gelijke Kansen en Racismebestrijding (CGKR) werd in 1993 opgericht als opvolger van het door Paula D'Hondt geleide Koninklijk Commissariaat.

Synopsis 2: Klasse las voor u het rapport dat iedereen goed vindt maar nooit heeft gelezen. Dat is niet verwonderlijk, het rapport van Paula D'Hondt, Koninklijk Commissaris voor het Migrantenbeleid, telt immers meer dan 2000 pagina's. Nochtans is het heel leesbaar en concreet. De meeste onderwijsvoorstellen zijn rechtstreeks gericht op de dagelijkse klaspraktijk.

Het onderwijs is een belangrijke ontmoetingsplaats voor autochtone (Vlaamse) en allochtone (migranten) kinderen. Het kan dus een grote bijdrage leveren aan de integratie van migranten(kinderen) in onze samenleving.

Het onderwijs aan migranten steunt op drie grote principes : een aangepast onderwijs van het Nederlands als «tweede» taal, een onderwijs in de eigen taal en cultuur en het interculturalisme. Let wel, de uiteindelijke prioritaire onderwijstaal in de Vlaamse Gemeenschap blijft het Nederlands. De drie pijlers werden vooral ontwikkeld in het kader van de experimenten rond Elkaar Ontmoetend Onderwijs en Moedertaal en cultuur in het secundair onderwijs. De zgn. 1Bvariant een opvangklas uitsluitend voor migranten op het niveau van het eerste jaar secundair onderwijs bleek geen groot succes en vinden we nog slechts in enkele scholen (o.a. in de R.M.S. Borgerhout, waar Nederlandsonkundige migrantenkinderen in een echt taalbad worden gedompeld; zie daarvoor ook KLASSE 9).

BASISONDERWIJS
De integratie moet dringend worden doorgevoerd, alleen al om de slaagkansen van migrantenkinderen te verhogen en hun stilaan catastrofale schoolse achterstand weg te werken. Het eerste Rapport D'Hondt van november 1989 zoekt hiervoor naar de gulden middenweg. Hoge concentraties van allochtonen in één klas zijn nadelig voor de leerprestaties van alle leerlingen. Een te grote spreiding is dan weer nadelig omdat de eigenheid van de allochtone leerlingen verloren gaat. Het Rapport pleit dan ook voor een 5 %30 %norm per klas : in de omgeving van migrantenconcentraties mag geen enkele school minder dan 5 % migrantenkinderen tellen én tegelijk moet men streven naar een ideale aanwezigheid van 25 à 30 % migrantenkinderen per klas. Witte scholen in zwarte wijken moeten zich aanpassen, ook in het Brusselse, waar de benedengrens zelfs moet worden opgetrokken naar 10 %.

Ook structureel moet men zich voorbereiden op de permanente aanwezigheid van migrantenkinderen. Zo zou men bij de toekenning van bijkomende middelen moeten rekening houden met genaturaliseerde migranten. Minister Coens heeft dit laatste trouwens reeds aangekondigd. Leraars moeten worden bijgeschoold en reeds in de lerarenopleiding moeten inzichten en technieken voor lesgeven aan een multietnisch samengestelde klas aan bod komen. Onderwijsmiddelen zouden trouwens ook selectief kunnen worden toegekend. Men zou m.a.w. voorrang kunnen geven aan scholen die aan bepaalde inhoudelijke en schoolpolitieke criteria voldoen. Het leerkrachtenbestand kan worden aangevuld met allochtone leraars uit de tweede generatie met een Belgisch diploma, terwijl ook de leerkrachten Onderwijs in eigen taal en cultuur van hun experimenteel statuut mogen worden verlost.

Positief is alleszins dat de Commissie OnderwijsMigranten van de Minister van Onderwijs de meeste van deze voorstellen heeft overgenomen.

SECUNDAIR ONDERWIJS
Het tweede Rapport D'Hondt van mei 1990 pakt het secundair onderwijs aan. De schoolse achterstand van migrantenkinderen is hier zeer groot, vooral bij de jongens. Zo bleken in 19861987 reeds in het eerste jaar Secundair Katholiek Onderwijs 53 % van de jongens minstens één jaar achterstand te hebben tegenover slechts 16 % van de meisjes. In het vierde jaar bedragen deze percentages resp. 62 en 30. Anderzijds zijn vreemde leerlingen sterk oververtegenwoordigd in het beroepsonderwijs en ondervertegenwoordigd in het algemeen vormend en technisch onderwijs. Deze trend zet zich ook door bij de meisjes, die bovendien vaak onwettig afwezig blijven. Het probleem van het naleven van de leerplicht door de migrantenmeisjes moet trouwens apart worden aangepakt.

Prioritair is de doorstroming van migranten in het algemeen vormend, technisch en hoger onderwijs. Men constateert immers een kloof tussen de vereiste vaardigheden om met succes secundair onderwijs aan te vatten en de reëel aanwezige vaardigheden van migrantenleerlingen.

Ook in het Deeltijds Onderwijs zijn migranten oververtegenwoordigd (zij vormen er ruim 16 % van de leerlingen). Dit onderwijs is vooral gericht op de intrede op de arbeidsmarkt, wat voor veel migranten zeer problematisch verloopt. Daarom moet ook gezocht worden naar alternatieve tewerkstellingskansen in leerwerkplaatsen.

Laatst geupdate op ( Sunday 22 October 2006 )
 
addtofav
Verzet.org maakt dankbaar gebruik van Joomla! en krijgt de technische ondersteuning van Antifa.net en VEDEZE van Blokwatch.
Ga naar top pijltje