Op 29 januari 1941 overleed de Rijksminister van Justitie Dr. Franz Gürtner en er wordt gezocht naar een nieuwe opvolger. Freisler zat al sinds 1933 achter deze job aan, en trachtte vergeefs om in de gunst van de Führer te komen. Hitler zag dat echter helemaal niet zitten. Blijkbaar was ook Hitler Freislers verleden als kampcommissaris bij de boljewisten nog niet vergeten. Bovendien heeft Hitler Roland Freisler nodig voor het 'vuile' werk': het Volksgerichtshof. "Daß ist unsere Vyschinsky", pleegde Hitler hem te noemen, een verwijzing naar Stalins beruchte openbare aanklager tijdens de schijnprocessen van de jaren dertig.
Op 20 augustus 1942 werd Freisler door Adolf Hitler benoemd als president van het Volksgerichtshof. Hij volgt daarmee Otto Thierack op die de nieuwe Rijksminister van Justitie wordt. Onder Freisler nam het aantal veroordelingen tot de doodstraf sterk toe. Ongeveer 90 procent van alle rechtszaken eindigden met een vaak van tevoren vaststaande doodstraf of levenslange gevangenisstraf. Tussen 1942 en 1945 werden meer dan 5.000 doodvonnissen geveld, waarvan ongeveer 2.600 door de door Freisler zelf geleide "Eerste Senaat" van het gerecht. Daarmee is Freisler in de tweeënhalf jaar dat hij bij het Volksgerichtshof werkte in zijn eentje verantwoordelijk voor evenveel doodvonnissen als alle andere kamers van het hof tezamen in de totale tijd van zijn bestaan van 1934 tot 1945. Alleen al in 1944 sprak hij 2 160 doodvonnissen uit of gemiddeld 6 per dag!
Freisler werd de cholerische grootinquisiteur van het Derde Rijk. Wie voor hem stond wou hij niet alleen vernietigen, hij wou ook zijn waardigheid kapotmaken. Otto Gritschneder, toenmalig advocaat: "We zagen een machtswellusteling aan het werk. Hij beleefde er zichtbaar plezier aan de mensen te zien beven en ze ter dood veroordelen." Omdat de dictator hem had uitgerust met een bijna grenzeloze macht over leven en dood dacht Freisler dat Hitler hem tot iets bijzonders had uitverkoren. Maar Hitler gebruikte Freisler alleen maar als een willig werktuig. Freisler herhaalde steeds: "Ik ben een politiek soldaat van mijn Führer Adolf Hitler." Toen er op een gegeven ogenblik een beklaagde lachte in de rechtszaal beet Freisler hem toe: "U moet niet lachen. Als ik u vandaag ter dood veroordeel wordt u straks al om 3 uur terechtgesteld!"
Freisler over het Volksgerichtshof: "Der Volksgerichtshof ist das höchste Gericht unseres Großdeutschen Reiches zur Sicherung seiner politischen Festigkeit. Schutz unseres Reiches gegen Verrat, unseres Volkes gegen Zersetzung seiner Kampfkraft ist also in unserem jetzigen Ringen um Leben und Freiheit unsere Aufgabe. Auf sie schauen wir unbeirrbar. Als Nationalsozialisten, als Gefolgsmänner eines Führers tun wir das, indem wir immer vorwärts schauen, dorthin, wo unser Führer steht [...] Er ist als Führer von Volk und Reich zugleich auch der deutsche Richter. Wir bemühen uns daher, wie seine Statthalter zu richten [...]" en ook: "Das Urteil muß dem Volksgenossen mit normaler gesunder Urteilskraft überzeugend eingehen. (…) Der Ort für juristische Doktorarbeiten ist der Volksgerichtshof nicht." (citaat van Roland Freisler in augustus 1942.)
Freisler stond bekend om het vernederen en toeschreeuwen van de verdachten, en werd niet voor niets spottend "Razende Roland" genoemd. Freisler werd het meest berucht door de showprocessen tegen leden van de verzetsgroep Die Weiße Rose, tegen de leden van de spionagegroep Die Rote Kapelle, de Kreissau Kreis en vooral de samenzweerders van de mislukte aanslag op Adolf Hitler van 20 juli 1944 o.l.v. Graaf Claus von Stauffenberg.
Op 18 februari 1943 werden de belangrijkste leden van de studentenbeweging Die Weßse Rose (De Witte Roos) Hans Scholl, Sophie Scholl en Christoph Probst op heterdaad betrapt en opgepakt. Hitlers reageerde snel en opende speciaal voor dit showproces in München een Volksrechtbank. De beruchte Rechter Roland Freisler werd speciaal voor dit proces overgevlogen vanuit Berlijn. Vier dagen na hun arrestatie, moesten Hans en Sophie Scholl en Christoph Probst al voor het Volksgerechtshof verschijnen.
De Gestapo had hen vier dagen lang zwaar gefolterd en mishandeld en Sophie verscheen op de zitting met een gebroken been. Op het einde van deze zitting maakte iemand een opmerking over het wetboek. Franz Müller (Witte Roos): "Daarop schreeuwde hij: 'Ik heb hier geen wetboek. Dat heb ik niet nodig. Meneer, hier spreekt het volk.' Zijn bijzit, een rechter van het Oberlandesgericht, geneerde zich en schoof hem een wetboek toe. Freisler greep het boek en gooide het naar de advocaten. Het boek gleed over de gladde vloer. Triomfantelijk riep hij dan nog de volgende zin uit: 'We hebben hier geen wet nodig. We komen ook zonder tot een vonnis.'"
Op nauwelijks één dag tijd werden de drie leden gevonnist en nog op het einde van dezelfde dag onthoofd. Freisler deed zijn reputatie van Hitlers Blutrichter (bloedrechter) gestand. Andere leden werden later opgepakt en terechtgesteld: Alexander Schmorell en Dr. Huber werden op 13 juli 1943 onthoofd, Willi Graf werd echter nog maandenlang gefolterd door de Gestapo in een zinloze poging om hen nog wat namen van mogelijke medestanders te ontfutselen. Willi werd uiteindelijk terechtgesteld door de guillotine op 12 oktober 1943. Honderden vrienden en sympathisanten van De Witte Roos werden later gearresteerd en veroordeeld tot verschillende gevangenisstraffen.