In de jaren 1938 en 1939 voerde de krant La Libre Belgique een hevige anti-maçonnieke campagne, die tot op heden niet
vergeten -en vergeven- wordt door de huidige vrijmetselarij. De heksenjacht werd door de krant ingezet op 8 januari 1938 toen
zij haar zgn. 'ontmaskeringscampagne' startte door het publiceren van de namen van Belgische vrijmetselaars. De Gazet van Antwerpen
klonk opgetogen over de actie van La Libre en schreef: "Ook wij zullen op post blijven om het masker te helpen afrukken
van een instelling, die steeds een gevaar blijft voor het ouden christenland, dat ons vaderland is" Ook de kranten
De Standaard en Le Vingtième Siècle bleven niet achter in de anti-maçonnieke campagne.
Op 1 februari 1938 verscheen in La Libre een nieuwe lijst, samen met een artikel dat een beschuldigde vinger uitstak naar de ULB die volgens
de krant een maçonnieke uitvinding zou zijn. Op 13 mei 1938 publiceerde La Libre andermaal een lijst met namen van vrijmetselaars,
dit keer met leden van Le Droit Humain. Rex van Léon Degrelle pikte er direct op in en schreef in haar krant Le Pays Réel van 26 juli 1938:
"Nous ne partageons pas l'antimaçonnisme simpliste, ou l' antisémitisme simpliste,
ou l' anticommuniste simpliste de certains qui croient pouvoir expliquer tot de qui arrive de mal par l' action des loges ou des juifs ou de Moscou,
ou de tous trois confondus (..). Nous estimons que il y a une force qui est néfaste et nous nous appliquons à nous mettre en travers de
son chemin chaque fois que c'est possible(..). Nous n' avons jamais caché qu'à nos yeux le racisme est une sottise et même une sottise
dégoûtante."
Voor haar anti-maçonnieke campagne liet La Libre Belgique zich uitvoerig met raad en daad bijstaan door drie illustere extreemrechtse figuren,
Paul Ouwerx, Jean Flament en Charles Gilles de Sart-Tilman bij wie La Libre ook de namenlijsten had verkregen. Charles de Sart-Tilman was in 1938 de voorzitter
van de Rex-afdeling van Sint-Joost ten Node. Die lijsten van namen die van 520 tot 1670 namen werd uitgebreid zullen later nog
van pas komen als de nazi's België annexeren.
De ordes van de vrijmetselarij lieten al bij al maar begaan. Het bleek dat er behalve
een aantal gekende vrijmetselaars die werden genoemd, de lijsten voor het overige verzonnen waren en vele onnauwkeurigheden bevatte.
Zelfs La Libre Belgique zag op een bepaald ogenblik in dat de lijsten onbetrouwbaar bleken en legde haar campagne tijdelijk stil.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog zal La Libre Belgique ondergronds
gaan en deel uitmaken van de sluikpers van het verzet.