|
De Belgische dagbladpers onder Duitse censuur 1940-1944 (Els de Bens) |
|
|
|
|
Saturday 01 April 2006 |
 |
Titel De Belgische dagbladpers onder Duitse censuur 1940-1944
Auteur Els de Bens
Uitgeverij © Uitgevrij De Nederlandsche Boekhandel; 1973; 564 bladzijden
ISBN 90 289 9898 5
|
Synopsis

Na afloop van de achttiendaagse veldtocht hebben de Duitsers getracht de Belgische nieuwsmedia zo vlug mogelijk
onder hun controle te plaatsen. Zij beschouwden de dagbladpers als een machtig propagandamiddel om de publieke opinie
voor zich te winnen en zij hebben er naar gestreefd het Belgische dagbladwezen, dat na 10 mei 1940 volledig was stilgelegd, weer snel op gang te brengen.
Het is merkwaardig dat zij in dit opzet grotendeels geslaagd zijn. In oktober 1940 kwamen er reeds 23 bladen van de pers waarvan de
globale oplage die van de vooroorlogse pers bijna evenaarde!
Deze studie reveleert dat de snelle heropbloei van de Belgische pers niet enkel het resultaat was van Duitse inmenging maar tevens de
ruime bereidheid tot collaboratie -weliwaar op basis van vaak zeer uiteenlopende motieven- vanwege de Belgische journalisten.
Els de Bens [blz. 22 ]: " De opdracht van de pers was niet meer in de eerste plaats het brengen van informatie, maar het dienen van de nationaal-socialistische
propaganda. Elke regel in de krant zowel het politieke, culturele, economische en regionale nieuws, de sportverslagen en zelfs de annoncen moesten doordrenkt
zijn van propaganda. De journalist werd gedegradeerd tot propagandist. In zijn Inaugural-Dissertation `Die Zeitungssprache' (1937) schreef Kiener onomwonden:
'We der Dichter mit dem Konig zu gehen hat, so muss der Journalist mit dem Fuhrer marschieren'
De positie van de journalist was minderwaardig en menig journalist nam zich zelf niet meer au serieux. Velen hadden het reeds lang verleerd nog over hun
onwaardige positie na te denken, die er in bestond te schrijven wat anderen dicteerden. Goebbels heeft blijkbaar de vernederende situatie waarin de
journalist zich bevond, ten volle beseft! Op 14 april 1943 lezen wij in zijn dagboek volgende merkwaardige overweging: 'Ten behoorlijk journalist die nog
enig eergevoel bezit, kan onmogelijk met de praktijken van de persafdeling der Rijksregering akkoord gaan. De journalisten worden er als kwajongens
behandeld. Voor de toekomst van de journalistiek moet dat op den duur zeer ernstige gevolgen hebben. Een man, die niet alle eergevoel verloren heeft, zal
zich er wel voor wachten, journalist te worden.'"
Lees ook dit artikel op Verzet.org:
• De 'valse' Le Soir van 9.11.1943
Lees ook deze boekbesprekingen op Verzet.org:
• De mens is wat hij doet. BRT-memoires (Nic Bal)
• De Belgische radio-omroep tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het NIR-INR in het verzet, 1939-1944 (Greta Boon)
• Van Bevrijding naar Vrijheid. De media tijdens en na de Tweede Wereldoorlog (red. W. Calewaert)
• Jaarboek van de Vlaamse Televisie 1959-1960 (Jef Anthierens)
• Tegendruk. Geheime pers tijdens de Tweede Wereldoorlog (B. De Wever, Lieven Saerens e.a.)
|
|
|
Laatst geupdate op ( Sunday 27 April 2008 )
|