Generaal Erich Ludendorff (1865-1937) leidde
tijdens de Eerste Wereldoorlog vanaf 1914 een regiment dat ook in België slag leverde. Zo slaagden de soldaten van Ludendorff er in
augustus 1914 om de als onneembaar geldende Citadel van Luik toch te veroveren. In 1916 wordt Maarschalk Paul von Hindenburg (1847-1934)
de nieuwe bevelhebber van het Duitse leger en hij benoemde Ludendorff als zijn plaatsvervanger. Paul von Hindenburg had in augustus
1914 in Pruisen de Russen succesvol verslagen in de Slag bij Tannenberg
en werd aldus een levende mythe van het Duitse volk en die mythe werd ook later verder gecultiveerd door Adolf Hitler en zijn
nationaalsocialisten.
Eind oktober 1918 braken, nadat in de havenstad Kiel muiterijen hadden plaatsgevonden, door heel Duitsland opstanden uit.
Arbeiders en soldaten vormden revolutionaire raden en eisten sociale en politieke hervormingen van leger en industrie. Op 9 november
1918 deed Keizer Wilhelm II afstand van zijn troon en vluchtte naar Nederland. Op 11 november 1918 werd de Wapenstilstand in een
treinwagon te Versailles betekend. Het werd een moeilijk te verteren nederlaag.
In conservatieve en nationalistische kringen werden de opstanden van 1918 voorgesteld als de oorzaak van de Duitse nederlaag.
Door een dolkstoot in de rug van het 'in het veld ongeslagen' Duitse leger zouden de revolutionaire arbeiders het lot van Duitsland
bezegeld hebben. Deze redenering kwam bekend te staan als de
dolkstootlegende.
De verantwoordelijkheid voor de Duitse nederlaag werd aldus afgeschoven op de burgerregering. Veel conservatieven konden zich dan ook
niet verenigen met de Weimar-republiek, die na de verkiezingen van 19 januari 1919 de eerste democratische regering van Duitsland
hadden gevormd. De eerste democratie in de geschiedenis van Duitsland zal slechts tot 30 januari 1933 standhouden.
De democratische Weimarer Koalition, die onder de leiding stond van de socialistische SPD-er en Rijkspresident
Friedrich Ebert (1871-1925),
probeerde snel de orde te herstellen. Ebert riep daarbij de hulp in van het bestaande ambtenarenapparaat en het leger. Op 5 januari
1919 vond in Berlijn de communistische Spartakus-opstand plaats. Karl Liebknecht en
Rosa Luxemburg, de bekendste leiders
van de Spartakusbund, werden op 15 januari door leden van
rechts-nationalistische Freikorpsen vermoord en de opstand werd neergeslagen.
Op 7 april 1919 wordt in München (Beieren) door de Duitse communisten o.l.v.
Kurt Eisner de
Radenrepubliek uitgeroepen die maar een kort leven beschoren bleek
en al op 3 mei 1919 bloedig onderdrukt werd.
Deze naoorlogse chaos in Duitsland bleek een ideale voedingsbodem voor rechstsextremistische partijen en organisaties. Door het
hele land werden uit onderdelen van het losgeslagen Duitse leger, de zogeheten Freikorpsen, opgericht die door gans
Duitsland rondzwierven. Daarnaast had ook en vooral het
Verdrag van Versailles van
28 juni 1919 kwaad bloed gezet bij rechts extreme nationalisten. Door dat verdrag verloor Duitsland een zevende deel van zijn
grondgebied, raakte een tiende deel van zijn bevolking kwijt, moest het leger worden afgeslankt tot 100.000 eenheden en werd
Duitsland verplicht tot zware herstelbetalingen aan de geallieerden ten belope van 132 miljard goudmark.
Ook in het roerige jaar 1919 had Adolf Hitler, de korporaal uit WOI die nog in België had gevochten, de DAP
vervoegd en omgevormd naar de NSDAP. In 1920 vervoegde ook Generaal Ludendorff de NSDAP van Hitler. De bezetting van het Roergebied
door Franse en Belgische eenheden begin januari 1923, was voor de nationaal-socialisten de zoveelste vernedering.
Op 9 november 1923 pleegde Adolf Hitler samen met ondermeer Generaal Ludendorff en een negentienjarige toen nog onbekende
Heinrich Himmler een mislukte militaire staatsgreep, de zgn Bierkellerputsch van
München. Hitler belandde achter de tralies en tot grote frustratie van zichzelf werd Erich Ludendorf vrijgesproken. Hitler
wordt voor 13 maanden opgesloten in de gevangenis van Landsberg en richt na zijn vrijlating opnieuw de NSDAP op.
Ernst Röhm
had inmiddels de SA (Sturmabteilungen) gereorganiseerd en had tienduizenden ex-soldaten die na de oorlog in de Freikorpsen waren
verzeild, gerecruteerd en opgenomen in zijn SA.