Synopsis
Op de foto: 1933 - Hulde aan de gebroeders van Raemdonck aan hun voormalige woonhuis in Temse Foto archief GVA

De broers Edward en Frans Van Raemdonck uit Temse verwierven in de Eerste Wereldoorlog dramatische bekendheid, toen zij in de
nacht van 25 op 26 maart 1917 sneuvelden te Steenstraete. Na een aanval op een Duitse stelling was Frans niet teruggekeerd.
Tégen het verbod van zijn overste in en ondanks waarschuwingen van vrienden ging Edward toch op zoek naar zijn broer
in het niemandsland. Achttien dagen later vond men drie lichamen : Edward, Frans en de Waalse korporaal Amé Fiévez.
Rond de broers is zeer snel een mythe gegroeid, vertrokken bij wat men destijds hun ideale broederdood noemde.
Zij kreeg extra kleur doordat de broers in elkaars armen (?) sneuvelden en werd kracht bijgezet door hun Vlaamse gezindheid, die hen
verhief tot symbolen van de Vlaamse strijd aan de IJzer. Ze werden opgevoerd als de IJzerhelden die in elkaars armen gesneuveld
waren. Op het front werden massaal gedenkkaarten verspreid, er verschenen gedichten, en op de vergaderingen van de Frontbeweging
werd er met eerbied over hun broederliefde én over hun Vlaamse idealen gesproken.
Na de oorlog verheerlijkten generaties Vlamingen de twee jonge doden als symbolen van de Vlaamse strijd aan de IJzer. Hun
stoffelijke overschotten werden in 1932 bijgezet in de crypte van de IJzertoren en ze kregen er ook een metershoog standbeeld. In nagenoeg
alle publicaties rond het broederpaar is steeds geput uit de klassieke biografieën die, geschreven door vrienden
of sympathisanten, zó de lof zongen van de broers, dat de geloofwaardigheid er sterk onder leed.
Met dit boek brengt Luc De Ryck voor het eerst een grondige studie over de gebroeders Van Raemdonck. Hij schetst hun jeugd en
leefwereld, onderzoekt de omstandigheden van hun dood, de begraving van de Waalse korporaal (Amé Fiévez) in de crypte
van de IJzertoren zonder dat de naam vermeld werd, de politieke context waarin de broers waren gesitueerd.... en legt de grens bloot
tussen mythe en werkelijkheid. In dit boek confronteert Luc De Ryck de verschillende versies van hun dood.
Lees op deze website:
• Staf de Clercq (VNV): Duitschland moet den oorlog winnen!
• De Oorlogsbedevaarten van 1940 t/m 1944 (deel 1)
• De Oorlogsbedevaarten van 1940 t/m 1944 (deel 2)
De Mythe van de ideale broederdood. Stierven de broers wel in elkaars armen? door Verzet.org
Foto rechts: Pentekening
van Joe English die al in mei 1917 circuleerde nog voordat Clemens De Landtsheer de ware toedracht van de feiten kende. De mythe van de Ideale Broederliefde
was al van stapel gelopen en zou nooit meer worden bijgesteld...
Wie het uitstekend gedocumenteerde boek van Luc De Ryck nauwkeurig leest en bestudeert, weet meteen dat er een reukje zit aan die 'ideale broederdood' van de
gebroeders Van Raemdonck. Bij een aanval op de Duitse linies op het grondgebied van Steenstraete in de nacht van 25 op 26 maart 1917, keert Frans Van Raemdonck niet
terug. Zijn verontruste broer Edward negeert het bevel van zijn overste en gaat achter zijn broer aan. Vanaf dan worden beide broers
vermist. Tot daar klopt het verhaal nog, en het blijft beslist een moedige daad van Edward om zijn broer niet in de steek te laten.
Maar achttien dagen later wanneer hun lijken worden gevonden en de lijken -onder het spervuur van de Duitsers- ter plekke in een
obus trechter worden begraven, ontstaat de mythe van de Gebroeders Van Raemdonck.
De soldaten die de lijken moeten trachten te bergen, treffen tot hun verbazing drie lijken aan. Ze blijken echter nauwelijks
herkenbaar en verkeren reeds in een verregaande staat van ontbinding. De soldaten waren geen bekenden van de gebroeders Van
Raemdonck, maar aan hun kentekens (de beide broers waren sergeant) herkennen zij een sergeant (Frans Van Raemdonck) die de
korporaal Amé Fiévez uit Wallonië in de armen houdt. Op enkele meters afstand ligt Edward Van Raemdonck die men
eveneens herkent aan zijn kentekens van sergeant.
De sergeant Charles (Karel) Withof die de lijken begroef bracht hiervan verslag uit nadat hij een andere versie
van de feiten had gelezen in het blaadje Onze Themschenaars van Clemens De Landtsheer (1894-1984)
die tussen 1926 en 1961 onafgebroken secretaris van het IJzerbedevaartcomité zal zijn, en die een volle neef was van de gebr. Van
Raemdonck. Clemens had zich daarbij gebaseerd op een andere getuigenis van Lodewijk Van Gelder, een oud-leerling
van Cyriel Verschaeve, die eveneens had deelgenomen
aan de berging van de broers en beweerde dat hij de broers in elkander gestrengeld had aangetroffen. De mythe was vanaf dan gelanceerd.
Opmerkelijk is dan ook het antwoord van Clemens De Landtsheer aan Charles Withof in zijn brief van 17 september 1917 toen de mythe al
vertrokken was: "Alhoewel ik volledig met u't akkoord ben op gebied van waarheidszin, toch denk ik dat we best zouden
doen die zaak niet publiek rond te venten, en ze onder ons te houden, en in het publiek het gedacht te laten dat men ze IN ELKAARS ARMEN
heeft gevonden, en ziehier om welke redens: hadden wij die inlichtingen gekend in 't begin, dan had alles zo geweest. Maar nu is hunne ideale heldendood
overal gekend en al legendarisch geworden, waarom die schoonheid breken, en er de waarheid als een koud bad over uitstorten... dit zou zeer veel nadeel doen aan de zaak
zelve. (..)Ik schrijf u deze brief heel vertrouwelijk en hoop nochtans dat gij uwe soldaten zult aanmanen de zaak dus zoo te laten voortleven...
voor het welzijn van de zaak zelf en voor de arme ouders."
Foto links: Affiche van
de veertiende IJzerbedevaart van 1933 te Kaaskerke (Diksmuide) die helemaal in het teken van de gebr. Van Raemdonck staat. Enkele weken later, 7 oktober
1933 richt Staf de Clercq het VNV (Vlaams Nationaal Verbond) op en IJzerbedevaartvoorzitter Frans Daels wordt enige tijd later
VNV-bestuurslid en gouwleider van West-Vlaanderen. Ook secretaris van het IJzerbedevaartcomité Clemens De Landtsheer duikt
diep de collaboratie in.
De 'andere waarheid' moest snel in de doofpot worden gestopt want het kon de Vlaamse Zaak schade toebrengen. Het was wel een leugen
maar toch niet helemaal want Edward was toch achter zijn broer gaan zoeken en had die zoektocht toch met zijn leven betaald? Beide versies
van de feiten circuleren nog steeds waarbij de ene de Vlaamse Versie wordt genoemd en de andere de Belgicistische. De Vlaamse versie
lag direct mee aan het begin van de Heldenhulde na WOI waaruit direct de jaarlijks weerkerende IJzerbedevaart ontstond.
Het derde slachtoffer, de waal Amé Fiévez uit Henegouwen, gaat een lange lijdensweg tegemoet. De lichamen van de twee broers en Amé werden in
één kist gelegd maar nergens wordt de waal vermeld. Als hij al ergens wordt vermeld is zijn naam verkeerd gespeld en/of de verkeerde geboortedatum genoteerd. Ook wanneer de kist
met veel vertoon in 1932 in de crypte van de IJzertoren wordt bijgezet wordt zijn naam niet vermeld. In 1933 werd op de plaats in Steenstraete
waar de drie soldaten sneuvelden door het IJzerbedevaartcomité een monument opgericht, en daar wordt wel de naam van Amé voor
het eerst officieel op vermeld. Eerst op de IJzerbedevaart van 1967 wordt een broer en twee zusters van Amé Fiévez op
de IJzerweide uitgenodigd, maar het verhaal van 'de broers die in elkaars armen stierven' wordt niet herroepen.
Niet toevallig zijn het dezelfde vele hoofdacteurs van de Vlaamse Beweging van toen -zoals Clemens De Landtsheer en
Frans Daels- die aan het begin van de Tweede Wereldoorlog het voortouw nemen en de IJzerbedevaarten de collaboratie in duwen met
alle desastreuze gevolgen voor de Vlaamse Beweging vandien, die tot op de dag van vandaag doorzinderen. Sinds de collaboratie
wordt de IJzertoren dan ook spottend 'De Toren van Daels' of ook 'De Stenen Inciviek' genoemd.
Ook helemaal geen toeval is dat het terrein in Steenstraete waar het monument van de gebroeders Van Raemdonck werd opgericht, sinds
een aantal jaren het toneel is van de erfgenamen van de collaboratie, zoals het Vlaams Blok -thans Vlaams Belang- zichzelf
graag definieert, en haar alternatieve IJzerbedevaart 'IJzerwake' organiseert, met nauwelijks een week verschil met de
oorspronkelijke die op een steenworp sinds 1920 wordt gehouden.
Het is niet voor het eerst dat het lot van Vlaamse frontsoldaten van WO I worden gerecupereerd door de Nieuwe Orde.
De voormalige Activist en Vlaamsgezinde socialist Firmin Mortier (1899-1972) klaagde deze schandelijke praktijken
al op 29 aug. 1939 aan in De Volksgazet, nauwelijks een week na de 19de IJzerbedevaart: "Wij zijn van oordeel dat aan de voet van de IJzertoren, met walgelijker cynisme dan ooit
gesold werd met de nagedachtenis van de Vlaamse gesneuvelden. (..) Deze dodenhulde is voor de doden een hoon geworden, geïnspireerd,
geënsceneerd en geëxploiteerd door openlijke of verkapte VNV'rs. (..) De doden kunnen niet meer protesteren, maar liet men de
levende oud-strijders uit Vlaanderen zich uitspreken over het 'zelfbeschikkingsrecht' zoals de leiders van de IJzerbedevaart dat
opvatten, dan zou blijken hoe weinig verantwoord al deze retoriek rond het Kruis van de Heldenhulde (=IJzertoren) eigenlijk is.
Zich op het 'testament van de doden' beroepen dat men... zelf heeft opgesteld, is al te gemakkelijk. (..) Wij spraken van gesol
(met de Vlaamse doden). Het is erger: het is diefstal!"
Foto rechts: Het monument van de
Gebroeders Van Raemdonck werd in 2003 'aangeslagen' door het extreemrechtse en voor racisme veroordeelde Vlaams Blok/Belang
Nadat op 6 september 1944 Diksmuide bevrijd werd door de Canadese geallieerden duikt Clemens De Landtsheer een paar weken onder in
Temse maar op 3 oktober '44 geeft hij zich zelf aan. Aanvankelijk wordt hij door de krijgsraad van Brugge tot tien jaar cel
veroordeeld maar in beroep wordt die straf tot zeven jaar herleid. Dankzij de tussenkomst van enkele politiekers komt Clemens
De Landtsheer vervroegd op 1 juni 1948 vrij. Onmiddellijk neemt hij zijn vroegere werk weer op en organiseert hij op 22 augustus
1948 de eerste naoorlogse IJzerbedevaart, die wordt bijgewoond door ongeveer 10.000 Vlaams-nationalisten. Die krijgt het nummer
XXI mee, want de vijf oorlogsbedevaarten worden niet meer meegerekend(!)
Ook Frans Daels duikt onder. Via een netwerk van katholieke priesters, kloosters en jezuïeten wordt hij in april 1947 over de
Zwitserse grens gesmokkeld. In 1946 wordt Daels bij verstek ter dood veroordeeld, maar die straf wordt later teruggebracht naar
15 jaar gevangenisstraf. In de collaboratiekringen wordt Frans Daels spoedig het symbool van het Vlaamse 'martelarenschap' en van
de 'onrechtvaardige' naoorlogse zuivering gemaakt.
Het boek van Luc De Ryck blijft alleszins een aanrader voor ieder die geïntereseerd is in verhalen van en over frontsoldaten
van de Groote Oorlog en zeker voor hen die niet eens wisten dàt er een andere waarheid bestaat. Ook al wordt die andere waarheid
door de bekende voormannen van de Vlaamse Beweging -en meer in het bijzonder de extreemrechtse partij het Vlaams Belang- handig
onder de mat geveegd. Het zwarte verleden van de Vlaamse beweging bezit veel van die witte vlekken, stukken geschiedenis die gewoon
geschrapt werden en nadien nooit meer rechtgezet.
Na een eerst proeve in 1995 waar het VNJ een eerste zgn. 'IJzerwake' hield te Steenstraete, vond op zondag 24 augustus 2003, een week
vóór de bedevaart te Diksmuide, de eerste officiële IJzerwake plaats aan het monument van de
gebroeders Van Raemdonck te Steenstrate. Het Vlaams Blok legt gratis tientallen bussen in om de radicalen naar Steenstraete te
voeren, en verstuurt brieven om de 'echte' IJzerbedevaart te boycotten en roept hen op om massaal naar de IJzerwake op te rukken.
Op de 76ste IJzerbedevaart van 2003 wordt een diepe zucht van verluchting geslaakt en wordt er -voor het eerst in vele jaren- de
meest rustige en vredevolle naoorlogse bedevaart gevierd.
Het Vlaams Belang heeft van Steenstraete haar jaarlijkse bedevaartsoord gemaakt en niemand die hen er ooit zal kunnen toebrengen
een andere waarheid te doen verkondigen dan enkel die waarheid waar zij in geloven en die hun perfide vlaams-nationalistische zaak het
beste kan dienen. In die propagandaslag hoort ook de tactiek van halve waarheden en hele leugens bij en, zo blijkt in hun geval, niet geheel
onsuccesvol, getuige de onstuitbare opmars die de partij in Vlaanderen maakt...
|