|
Geschiedenis van het eigen volk - De vreemdeling in België van de prehistorie tot nu (Anne Morelli) |
|
|
|
|
Monday 19 June 2006 |
 |
Titel Geschiedenis van het eigen volk
Auteur Anne Morelli (red.)
Uitgeverij © Uitg. Kritak; 1993; 340 bladzijden; b-a
ISBN 90 6303 461 X
|
Synopsis
Waar komen de Belgen vandaan? Geschiedenis van het eigen volk - De vreemdeling in België van de prehistorie tot nu
vertelt nauwkeurig wanneer, hoe en waarom -van de prehistorie tot nu- onze voorouders
hun land verlieten om zich in België te vestigen. Als soldaat in een leger, als handelaar, als landbouwer of als arbeider. Op de
vlucht voor politieke repressie, op zoek naar inkomen, om de familie te herenigen.
We ontdekken hoe gedurende duizenden jaren nomaden door onze streken trokken, tot een groep Hongaarse boeren zich hier als eerste Belgen vestigde
rond 5000 voor Christus. We lezen hoe de Romeinen, de Franken en de gevreesde Vikings hier hun sporen achterlieten. In de middeleeuwen
waren het Italiaanse handelaars, Spaanse bezetters en Franse edellieden die in België een woonplaats vonden.
In de achttiende eeuw volgden Oostenrijkse en Franse troepen. Nog later kwamen de Nederlanders. De 'vuile' Polen en Italianen arriveerden
in België in de jaren dertig van de twintigste eeuw. Na de oorlog kwam de voorlopig laatste grote golf van mirgranten uit Turkije
en Marokko. Verder wonen in België ook vele tienduizenden joden, een aanzienlijke groep Grieken en heel wat Aziaten. En dan mogen
we natuurlijk de Eurocraten niet vergeten.
Geschiedenis van het eigen volk toont aan hoe absurd het is om in nationalistische debatten te roepen dat 'mijn volk' meer
recht heeft op deze morzel grond dan 'jouw volk' omdat het er al langer zou wonen. Eigenlijk zijn we allen (im)migranten.
Veertig procent van onze bevolking heeft ten minste één grootouder of overgrootouder die van vreemde origine is.
Een team van specialisten onder leiding van de historica Anne Morelli brengt voor het eerst dit materiaal
samen.
Interview met Anne Morelli: "Marcinelle en migratie" door Hannes Coudenys op 27 april 2006 Indymedia.be
Dit jaar is het 50 jaar geleden dat 262 mensen het leven lieten in de mijnramp van Marcinelle. Naast de 96 Belgische
slachtoffers stierven er ook 136 Italianen. De ramp was het einde van een grote immigratie van Italiaanse gastarbeiders naar
ons land. Nadien waren het Spanjaarden, Grieken, Turken en Marokkanen die in ons land aan de slag gingen. We spraken met
Anne Morelli, professor historische kritiek aan de ULB. "De mijnen in ons land hebben een zeer belangrijke rol gespeeld
in de migratie geschiedenis van België."
1956: Mijnramp te Marcinelle
Anne Morelli: "In 1946 is er een akkoord ondertekend tussen België en Italië. Daarin werd afgesproken dat er
per week 2000 Italiaanse gastarbeiders naar België zouden worden gebracht. Het akkoord moest om de vijf jaar vernieuwd
worden." Een klein rekensommetje leert dat er honderdduizend gastarbeiders per jaar naar België kwamen. Morelli:
"Ook al denken de mensen dat de meeste immigranten in ons land Marokkanen zijn, niets is minder waar. De Italianen
vormen nog steeds de grootste groep van immigranten in ons land."
"Voor de Belgen waren de mijnen niet echt aantrekkelijk om in te werken. Toch zeker niet voor het loon dat je kreeg.
Voor de gastarbeiders was het salaris echter wel aanlokkelijk. Je kan het vergelijken met de Bolkestein-richtlijn. De
Belgische patroons werkten liever met Italianen die blij zijn dat ze kunnen werken dan dat ze inspanningen voor de Belgische
werknemers zouden doen. Die verwachten immers meer veiligheid, betere werkomstandigheden en meer loon. De keuze was dan ook
vlug gemaakt."
Foto rechts: Italianen in de mijnen van Marcinelle
Waarom waren het eigenlijk Italianen? Morelli: "Aanvankelijk zouden er Polen komen maar die waren uiteindelijk niet meer
geïnteresseerd. Er waren voor de oorlog al veel Polen gekomen en de nieuwe Poolse regering wilde niet nog meer mankracht
verliezen. Doordat er in Italië na de oorlog een grote economische maar ook politieke crisis woedde, is het idee
ontstaan om daar gastarbeiders te rekruteren. Italië zelf werkte graag mee want hoe minder volk, hoe minder kans op een
revolutie door de indertijd sterke communistische beweging."
"Een ander punt waarom de Italiaanse regering graag wou meewerken was de afspraak dat Italië bij ons goedkoop
steenkool zou krijgen. Je mag niet vergeten dat steenkool in die tijd de enige vorm van energie was en Italië had er
zelf geen. Italië kreeg ook de zekerheid om altijd steenkool te kunnen kopen. Per mijnwerker werd ook een hoeveelheid
steenkool afgesproken. Uiteindelijk heeft Italië nooit steenkool gekocht in België omdat Poolse steenkool goedkoper
bleek maar de arbeiders kunnen wel zeggen dat ze verkocht zijn voor een paar zakken steenkool."
De migratie werd goed georganiseerd zegt Morelli: "Italië ging vol roze affiches waarop stond te lezen hoe goed het
was om in België te werken, er werd een goed salaris beloofd maar over het werk zelf waren er weinig details te lezen.
De mensen die erop afkwamen werden verzameld in de kelders van het station van Milaan. Daar werden ze medisch onderzocht en
elke week vertrok één trein met 2000 arbeiders naar het station van in België."
Vooral de onwetendheid van de arbeiders is kenmerkend in deze migratie, zegt Anne Morelli. Ze heeft verschillende mijnwerkers
van toen geïnterviewd en daaruit blijkt dat veel van hen dachten dat ze in bovengrondse mijnen zouden werken zoals er
waren in Italië. Ze schrokken dan ook nogal toen ze in die smalle schachten moesten werken. "Sommigen hadden niet
eens door dat ze onder de grond zaten en zochten een raam om open te zetten. Terugkeren was echter onmogelijk want ze hadden
een bindend contract ondertekend waardoor ze verplicht werden te werken of ze moesten naar de gevangenis. Een tweede schok
voor de arbeiders was hun verblijf, hoewel de roze affiche hen een aangenaam verblijf beloofde bleek de huisvesting uit
ex-concentratiekampen van de Nazi’s te bestaan."
Door die isolatie van de buitenwereld wisten de Belgen niet dat er zoveel Italianen in ons land werkten, zegt professor
Anne Morelli: "De goederentreinen waarmee de gastarbeiders kwamen, stopten ook niet in de normale stations. Ze werden
opgehaald door grote vrachtwagens en rechtstreeks in de kampen gedropt."
"Na de ramp in Marcinelle is de Italiaanse immigratie zichtbaar geworden voor de bevolking," zegt Morelli.
"Er was veel racisme jegens de Italianen. De dag van vandaag is enkel de uiting daarvan veranderd. In Wallonië
worden Italianen vergeleken met de MAFIA en worden ze voor profiteurs verweten. Het zijn stereotypen die altijd zullen
blijven.
De ramp heeft er wel voor gezorgd dat er ook een zekere vorm van solidariteit was met de 'arme' Italianen. Maar zeggen dat de
Italianen door hun goede integratie niet met racisme geconfronteerd worden zoals algemeen wordt aangenomen is een leugen."
De mijnramp in 1956 betekende ook het einde van de migratiegolf, er waren al problemen tussen de regeringen voor de ramp en die gaf
dan ook de doorslag. België zelf was ook al een tijd op zoek naar nieuwe landen om de arbeiders meer te diversifiëren."
Als ik vraag van wie de contracten uitgingen, reageert ze: "Dat is iets vreemds. De Belgische Steenkool Federatie was de
initiatiefnemer maar ze kregen de volle steun van de regering omdat steenkool een vitale functie had in de economie. De Belgische
ambassade in Italië rekruteerde maar ook het Vaticaan die priesters uitstuurde om arbeiders te ronselen. Zo werden rebelse
communisten al op voorhand uitgesloten."
"Na 1956 kwamen Spanjaarden naar ons land die vluchtten voor het regime van Franco en de crisis die er heerste. Ook Griekse
gastarbeiders kwamen hier werken. Vanaf 1964 werden het Marokkanen en Turken."
België en Nederland, landen van eeuwenoude en hedendaagse volksverhuizingen
Lees ook deze boekbesprekingen op Verzet.org:
• Het Salon is Vol? (Jules Fernon)
• De nieuwe volksverhuizingen? Migraties in de wereld (Freddy de Pauw, Els de Temmerman e.a.)
• Het hemels vaderland. Hollanders in Siberië (Bart Rijs)
• Vluchten voor de Groote Oorlog. Belgen in Nederland 1914-1918 (redactie J.B.C. Kruishoop en M. Bossenbroek)
• Vluchten voor de oorlog. Belgische vluchtelingen 1914-1918 (Michaël Amara, Piet Chielens e.a.)
• Oostboeren, Zee-Germanen en Turfstekers (David Barnouw)
• Gouden Handel. De eerste Nederlanders overzee en wat zij daar haalden (Wim Wennekes)
• 1585. De Val van Antwerpen en de uittocht van Vlamingen en Brabanders (Gustaaf Asaert)
• In de Kaukasus. Dagboek van August Muls, een Antwerps mijnexploitant 1917-1918 (red. Johan Braet en Eddy Stols)
• Montagne Russe. Belevenissen van Belgen in Rusland (red. Eddy Stols en Emmanuel Waegemans)
• Belgische emigranten (Anne Morelli)
• Een kortstondige kolonie. Santo-Tomas de Guatemala (1843-1854) (Stefan van den Bossche)
• Landverhuizers. Antwerpen als kruispunt van komen en gaan (Lieven Saerens, Robert Vervoort e.a.)
• In de Rue des Flamands. Het schamele epos van Vlaamse emigranten in Wallonië (Guido Fonteyn)
• Nationalisme in België. Identiteiten in beweging 1780-2000 (Kas Deprez en Louis Vos)
• De grote mythen uit de geschiedenis van België, Vlaanderen en Wallonië (Anne Morelli)
• Geschiedenis van het eigen volk - De vreemdeling in België van de prehistorie tot nu (Anne Morelli)
• Ongewenste gasten - Joodse vluchtelingen en migranten in de dertiger jaren (Frank Caestecker)
• Vluchtelingenbeleid in de naoorlogse periode (Frank Caestecker)
• Waarom die Italianen (Fred Vanhinsberg)
• Wij gaan naar Amerika. Vlaamse landverhuizers naar de nieuwe wereld 1850-1930 (Dirk Musschoot)
• Potemkinse dorpen. Belgen in Rusland (red. Emmanuel Waegemans)
• Onze Kongo (Hilde Eynikel)
• Leopold II & Kongo - Het evenaarsdistrict en het kroondomein 1885-1908 (Daniel Vangroenweghe)
• Van Algebra tot Pyama. Arabieren in de Vlaamse Cultuur (red. Gunther Dauwen)
|
|
|
Laatst geupdate op ( Monday 14 April 2008 )
|