De Shoah of Holocaust, de moord op ongeveer zes miljoen joden door nazi-Duitsland, behoort tot de grootste misdaden uit de geschiedenis
en is voor velen dé misdaad van de eeuw. De discussie is al lang niet meer beperkt tot de historici. Daarbij gaat het om de vraag of deze massamoord volstrekt
uniek is en niet in de normale geschiedenis mag worden ingepast, of dat die inpassing na een halve eeuw wellicht verboden is. Ook met
het oog op andere massamoorden.
In dit boek geeft prof. dr H.W. von der Dunk een overzicht van de problemen. Daarbij gaat hij in op het verschijnsel van het antisemitisme
en de vraag of dit verschijnsel tot de Shoah moest leiden, of hier specifieke oorzaken aan ten grondslag lagen die met de eigen
Duitse ontwikkeling en de nederlaag na de Eerste Wereldoorlog samenhangen, of dat een veel diepere cultuurcrisis de voorwaarden schiep
voor een gebeuren, dat de grenzen van de menselijke voorstelbare wandaden, een tot nog toe 'verboden drempel' overschrijdt.
"Met
Voorbij de verboden drempel krijgt de lezer een boek in handen dat (...) qua intentie, reikwijdte en eruditie kan wedijveren
met de boeken van Raul Hilberg (1926) en Leon Poliakov (1910-1997)." (HN)
Prof. dr
H.W. von der Dunk is emiritus hoogleraar in de contemporaine en cultuurgeschiedenis aan de Universiteit van Utrecht. In 1994
verscheen van hem
Twee buren, twee culturen. Opstellen over Nederland en Duitsland.
Was de Shoah een consequentie van het antisemitisme? Bron:
Anne Frank Stichting
Meest constante haatobject. Vóór die stelling pleit dat joden binnen de Europese cultuur vanaf de latere oudheid
het meest constante en daarmee vertrouwde haatobject vormden, zodat het nationaal-socialistische racisme kon aansluiten bij een
bekend negatief stereotype, hetgeen de overtuigingskracht vergrootte. In het beeld van de jood, zoals Hitler en zijn fanatieke
aanhangers dat ontwierpen, herkennen we gemakkelijk oude, uit de Middeleeuwen overgeleverde typeringen terug: met name de
topos van de geheime samenzwering tegen de goddelijke orde, de perverse seksualiteit en de zowel geestelijke als lichamelijke
onreinheid. Het biologistische denken conserveerde juist die beschuldigingen van het oudere religieuze anti-judaïsme, die de
meest gevoelige psychische snaren raken en geschikt zijn om een elementaire idiosyncrasie te prikkelen.
Moord en geweld als uitingen. Vóór die stelling pleit ook, dat de jodenhaat zich in het verleden altijd weer
in moordpartijen en gewelddadigheden had geuit. Vóór die stelling pleit voorts dat het denkbeeld van
uitroeiing ook in de vorige eeuwen in het begin van de onze al door een enkele felle antisemiet zoals Lapouge, William Joyce
of Arnold Spencer Lee was gelanceerd, en meer algemeen dat de gedachte aan een massale vernietiging van een als vijandig en
gevaarlijk geachte minderheid inderdaad het laatste logische eindpunt vormt van alle bestrijdingspogingen.
Verschillende vormen. Tégen die stelling spreekt echter dat er niet één maar verschillende
vormen van antisemitisme zijn. We kunnen een religieuscultureel type, een volkscultureel type en een
racistisch-biologistische type onderscheiden.
Niet alleen joden. Tégen die stelling pleit vooral ook het feit dat de nazi's niet alleen joden wilden
ombrengen maar eveneens geesteszieken, homoseksuelen en zigeuners, ook al was hier nog geen sprake van dezelfde omvang en
verwerkelijking. Kortom, niet alleen en uitsluitend de joden maar elk als minderwaardig aangekruist mensentype stond in
beginsel op de zwarte lijst van het biologistische racisme. Het antisemitisme was slechts de meest in het oog springende
invulling en appelleerde het sterkst aan vertrouwde antipathieën. Dat betekent dat een wezenlijke voorwaarde voor de Shoh
niet in de lange geschiedenis van jodenhaat gelegen is.
Geloof in maakbaarheid menselijke soort. De weg voor de radicale oplossing werd in laatste instantie vrij gemaakt
door het geloof in de maakbaarheid van het menselijke soort dankzij moderne theorieën van zijn biogenetische
bepaaldheid. Feitelijk was er dus sprake van een kruising van vooruitgangsgeloof en darwinisme. Maar het was tenslotte de
afbraak van oude zekerheden, de normenanarchie die daardoor ontstond en de nijpende behoefte aan een nieuw geloof en
nieuwe zekerheden, waarop de gedesoriënteerde massa's zich konden richten, die de maakbaarheidsgedachte op darwinistische
grondslag politieke stootkracht en urgentie verleende. De eerste wereldoorlog, met zijn verlaging van de geweldsdrempel,
ruimde nog bestaande etnische en pyschische bezwaren tegen een dergelijke rabiate maakbaarheidsdrift en sociale chirurgie
uit de weg.
Kroniek van de Jodenvervolging in Nederland
Lees ook deze boekbesprekingen op Verzet.org (eigen collectie):
• Arthur Seyss-Inquart - Het leven een Duits onderkoning in Nederland (Neuman)
• De drie van Breda. Duitse oorlogsmisdadigers in Nederlandse gevangenschap, 1945-1989 (Hinke Piersma)
• Ooggetuigen van de Tweede Wereldoorlog (Conny Kristel)
• Roof. De ontvreemding van Joods bezit tijdens de Tweede Wereldoorlog (Gerard Aalders)
• Berooid. De beroofde Joden en het Nederlandse restitutiebeleid sinds 1945 (Gerard Aalders)
• Het Achterhuis. Het dagboek van Anne Frank
• De laatste zeven maanden. Vrouwen in het spoor van Anne Frank (Willy Lindwer)
• Settela (Aad Wagenaar)
• Onbekende Kinderen. De laatste trein uit Westerbork (Daphne Meijer)
• Krijgen zal ik je. Pijn en angst van een overlevende Jood (Karel Logher)
• Collaboratie en Verzet 1940 - 1945. Delen 1, 2 en 3 (Friedrich Weinreb)
• Het verstoorde leven. Dagboek van Etty Hillesum, 1941-1943 (Etty Hillesum)
• De tas van Eva. Een uniek dagboek van een Joodse heldin (Donald Speelman en Dick Schaap)
• Goethe in Dachau. Literatuur en werkelijkheid (Nico Rost)
• Boulevard des Misères. Het verhaal van doorgangskamp Westerbork (Jacob Boas)
• Concentratiekampen. Systeem en de praktijk in Nederland (C.J.F. Stuldreher en H.A.V.M. van Stekelenburg)
• Ondergang - De vervolging en verdelging van het Nederlandse jodendom 1940-1945 (Jacques Presser)
• Kroniek der Jodenvervolging 1940-1945 (Abel J. Herzberg)
• Studies over de Jodenvervolging (B. A. Sijes)
• Geschiedschrijving als opdracht. Abel Herzberg, Jacques Presser en Loe de Jong over de Jodenvervolging (Conny Kristel)
• Strepen aan de hemel (Gerhard L. Durlacher)
• Terugkeer. Antisemitisme in Nederland rond de bevrijding (Dienke Hondius)
• Na het kamp - Overlevenden en de strijd om herinnering (Jolande Withuis)
• U wordt door niemand verwacht. Nederlandse joden na kampen en onderduik (Michal Citroen)
• Om erger te voorkomen (Nanda van der Zee)
• Tegen beter weten in. Zelfbedrog en ontkenning in Nederlandse geschiedschrijving over Jodenvervolging (Ies Vuijsje)
• Na de ondergang. De herinnering aan de Jodenvervolging in Nederland 1945-1995 (Ido de Haan)
• Voorbij de verboden drempel - De Shoah in ons geschiedenisbeeld (H.W. von der Dunk)