|
Pagina 7 van 8
10 mei 1940
Wanneer op 10 mei Duitsland stormenderhand Nederland, België en Frankrijk bezetten, zitten al de voordien naar het vrije
Westen -en dus ook in België- gevluchte Joden hopeloos in de val. België hanteerde tot aan de inval nog steeds de politiek
van de harde hand, nog in de hand gewerkt door de psychose van de vijfde colonne, en bereikte een hoogtepunt in maart 1940.
Op initiatief van de Minister van Justitie Paul Emile Janson werd een Coördinatiecomité opgericht
waarin de hoogste gerechtelijke autoriteiten zetelden. Midden april gaf het Comité de bevoegde instanties de opdracht om
lijsten op te stellen van de Belgische en buitenlandse onderdanen die, wegens hun nationaliteit, politieke of filosofische
overtuiging, verdacht werden subversieve betrekkingen met de vijand te onderhouden. Als het land zou worden aangevallen, dienden die
personen onmiddellijk gearresteerd te worden wat ook geschiedde op 10 mei 1940, wanneer de nazi's ons land binnenvallen.
Ongeveer 10.000 personen waarvan ongeveer 5.000 Duits-joodse en Oost-joodse vluchtelingen waren, werden op bevel van de Belgische
regering preventief opgepakt.
Als gevolg van het steeds verder oprukken van het Duitse leger, werden de gevangenen in onmenselijke omstandigheden naar het
zuidwesten van Frankrijk gebracht en daar in kampen opgesloten (Gurs, Saint-Cyprien, Les Milles, Le Vernet, Argelès, enz.)
Wanneer het Duitse Militair Bestuur zijn bezettingsadministratie in België ontplooide, verbleef het grootste deel van de
joden die uit het Groot-Duitse Rijk afkomstig waren, niet meer in het bezette België.
Onderweg werden zij ingehaald door het Franse rondschrijven van de Franse regering van 15 mei 1940 die hun opsluiting toeliet. De door de Belgische staat opgepakte
joden zaten in de val van het Franse gevangenissysteem en zouden vanaf 1942 de rangen van de gedeporteerden uit Drancy aanvullen.
In 1942 werden zij vanuit Drancy op deportatie geplaatst en in beestenwagons naar KZ Auschwitz-Birkenau afgevoerd. Van de
5.000 joden zullen er nauwelijks 289 levend terugkeren. De eveneens opgepakte Rexisten, VNV'rs, Volksverweerders,
Nationaal Legionairs enz. konden daarentegen rustig hun koffers pakken en terug naar België vertrekken waar zij hun illustere
collaboratie aanvatten...
Volgens de eerste Duitse verordening van 28 oktober 1940 die het ‘jodenstatuut’ in bezet België invoerde, bepaalde de
criteria voor de verplichte inschrijving van de joden in de zgn 'jodenregisters'. Op basis daarvan werden in totaal 55.671 personen
geteld. Opvallend is daarbij het kleine aantal joden van Belgische nationaliteit: slechts 3.660 joden (6,6%) hadden de Belgische
nationaliteit en 51.991 joden (93,4%) waren aldus vreemdelingen.
Tot eind augustus 1940 hebben de nazi's ernstig overwogen om de joden in een aparte staat onder te brengen. En nog een jaar
langer tot eind 1941 zouden zij de oplossing (Endlösung) van de jodenkwestie (Judenfrage) kaderen in een grootscheeps plan
van evacuatie en emigratie ergens buiten het Groot-Duitse Rijk. Pas half september 1941 zien de nazi's definitief af van dit
hervestigingplan en werd overgegaan worden tot de definitieve uitroeiing van de Europese Joden. Het emigratieplan naar Madagascar
werd als mogelijke optie een korte periode ernstig genomen door de nazi's, en het was niet eens een origineel idee, want voordien
werden er reeds dergelijke oplossingen geformuleerd. Lees ook op Verzet.org Het Madagaskar Plan
In het najaar van 1940, wanneer de eerste anti-joodse maatregelen werden uitgevaardigd, waren er inderdaad maar weinig Duitse joden in
België overgebleven. Die eerste bepalingen m.b.t. de identificatie van goederen en personen, maakten geen enkel verschil
in de behandeling van de joden volgens hun geografische herkomst. Dat was pas het geval met de verordening van 22 april 1942,
die uitsluitend betrekking had op joden van Duitse origine die in het buitenland verbleven. Aanvankelijk werden alleen
niet-Belgische Joden geviseerd door de nazi's, maar ook dat zal korte tijd later veranderen. Krachtens deze eerste verordening konden
de joodse bezittingen, van welke aard ook, ten voordele van het Derde Rijk in beslag worden genomen. Er zullen nog 27 anti-joodse
verordeningen in België volgen...
Lees verder in Wat we /niet/ deden toen de joden stierven. [2] De Sint Louis
Lees verder in Wat we /niet/ deden toen de joden stierven. [3] Onheilsberichten
|