headerbanner
Aanbevolen boeken en AV-media:
ISRAËL. Geschiedenis, kunst en cultuur van Joden, christenen en moslims i/h Heilige Land (E.Gorys)
Rosenstrasse; Margarethe Von Trotta; 2003; 1 DVD; speelduur 135 minuten; kleur
Friday 21 November 2008
Home
Actueel
Het Waanzinnige Rijk
Hitlers Handlangers
Hitlers Gewillige Beulen
Vergeten vervolgden
Ware Helden
Collaboratie in België
Het verzet in België
NS docs / wetten
Varia
Boekenbank
Link Partners
Gastenboek
Auteur
Contact

logo_antwerpen
Advertisement

lobby
Advertisement
Advertisement
loveisraelK
Advertisement
Een joodse jongen. Over de ontmoetingen tussen Hitler en Wittgenstein (Kimberley Cornish) PDF Afdrukken E-mail
Sunday 15 October 2006
Titel          Een joodse jongen. Over de ontmoetingen tussen Hitler en Wittgenstein die de loop van de geschiedenis zou veranderen
Orig.         The Jew of Linz
Auteur      Kimberley Cornish
Uitgeverij © Van Reemst Uitgeverij / Uitgeverij Icarus; 1998; 336 bladzijden
ISBN         90 410 9084 3
Synopsis
Kimberley Cornish brengt in dit zeer opzienbarende boek een ontmoeting aan het licht tussen Adolf Hitler en Ludwig Wittgenstein. Daarnaast beschrijft de auteur een tot nu toe verborgen strijd tussen de twee mannen in de nasleep van hun ontmoeting en wijst hij op de overeenkomsten tussen hun ideeën.

In Een Joodse Jongen wordt voor het eerst het bewijs geleverd dat Hitlers antisemitisme ontstond uit een ontmoeting in 1904 tussen twee schooljongens in het Oostenrijkse Linz: Adolf Hitler [º20 april 1889] en Ludwig Wittgenstein [º26 apr 1889]. De een zou later de meest gehate man op aarde worden, de ander een beroemd filosoof in Cambridge.

Kimberley Cornish ontdekte de twee samen op een foto uit 1904 die werd gemaakt op de Realschule waar de beide jongens hun opleiding volgden. Cornish weet zijn stelling dat Hitler en Wittgenstein elkaar beïnvloedden goed te onderbouwen: zo lukt het hem om Hitlers obsessie voor kunst en muziek van Richard Wagner in verband te brengen met de familie Wittgenstein. In Mein Kampf schreef Hitler hoe zijn anti-semitisme werd geïnspireerd door één individu in het bijzonder; de beschrijvingen van dat individu zijn in alle opzichten van toepassing op de jonge Wittgenstein.

Cornish suggereert dat Wittgenstein zich aansloot bij de Komintern om Hitler te bestrijden en dat hij op aandringen van diezelfde Komintern terugkeerde naar het Trinity College in Cambridge. Daar, zo stelt Cornish vast, was Wittgenstein de mysterieuze 'vijfde man' die de Cambridge-spionnen recruteerde en wiens identiteit altijd verborgen is gebleven.

Terwijl Hitlers belangstelling voor het occulte welbekend is, is de mystieke basis van Wittgensteins filosofie grotendeels over het hoofd gezien. Kimberley Cornish weet met een indrukwekkende hoeveelheid bewijsmateriaal aannnemelijk te maken dat Hitlers occultisme e, Wittgensteins mystiek gemeenschappelijke wortels hebben, en ook dat dat dit de sleutel is tot Hitlers bewering dat hij de betekenis van geschiedenis op school was gaan begrijpen.

Een Joodse Jongen is gebaseerd op miniteus speurwerk met revolutionaire resultaten en is van essentieel belang voor iedereen die geïnteresseerd is in de geschiedenis van de twintigste eeuw.
Synopsis door René Zwaap; De Groene Amsterdammer van 19 aug. 1998.

Klasgenoten
Met zijn net verschenen Wittgenstein-studie The Jew of Linz (hier vertaald als Een joodse jongen) bewijst de Australische filosoof Kimberley Cornish dat het academisch niveau in zijn land inmiddels lucide toppen heeft bereikt. Cornish, gevormd aan de universiteit van Western Australia, gewezen leerling van Paul Feyerabend aan de Universiteit in Auckland, Nieuw-Zeeland, schreef een biografisch-historische studie die bij elke Nederlandse 'vakhistoricus' de nekharen recht overeind zou jagen: een filologische thriller, speculatief, met zevenmijlslaarzen door de wereldgeschiedenis stappend. Maar wie zijn boek openslaat, legt het niet eerder neer totdat ook de laatste pagina koortsachtig is verslonden.

De kritiek richtte zich vooral op de hoofdstukken waarin Cornish beweert dat het antisemitisme van Adolf Hitler een rechtsstreeks uitvloeisel was van diens ontmoeting als schooljongen met Ludwig Wittgenstein. Hitler en Wittgenstein, beiden geboren in april 1889, zaten in 1904 op dezelfde Realschule in Linz, zij het met twee klassen verschil: Wittgenstein, telg uit een chic industrieel geslacht, had een klas overgeslagen, terwijl Hitler, de kleinsteedse pummel uit Braunau, een jaartje achter lag. Tot dusver gold dit gedeelde verleden als een curieus detail in beider biografieën. Cornish beet zich er pitbullsgewijs in vast en blies het op tot de meeste cruciale gebeurtenis van de twintigste eeuw.

In Mein Kampf schreef Hitler dat hij zijn antisemitisme bepaald niet met de paplepel had meegekregen. Hij vervolgt: 'Op de Realschule leerde ik echter een joodse jongen kennen die door ons allemaal omzichtig behandeld werd, maar alleen omdat wij hem wat betreft zijn zwijgzaamheid, wijs geworden door verschillende ervaringen, niet helemaal meer vertrouwden.' Dat zette Cornish op het spoor. En het moet gezegd, aan de hand van teksten van Hitler, Wittgenstein, hun tijdgenoten en biografen komt hij een heel eind in zijn theorie over de magische kruisbestuiving tussen de tiran en de denker.

Wittgenstein had een diep ongelukkige tijd in Linz. Zijn vader, industrieel en publicist, had hem uit het chique salonleven van Wenen verbannen. Ludwigs broer Rudolf had net zelfmoord gepleegd vanwege schuldgevoel over zijn homoseksualtieit, een andere broer had twee jaar daarvoor hetzelfde gedaan, en de frêle, kleine Ludwig moest maar eens het harde mannenleven leren kennen tussen de jongens van het volk in Linz. Met Adolf Hitler als persoonlijke kwelduivel brak hem dat kwalijk op.

Ten bewijze dat de twee elkaar kenden presenteert Cornish een foto van de school uit Linz waarop volgens hem zowel Hitler als Wittgenstein staan. Sceptici hebben beweerd dat het onaannemelijk is dat de twee samen op de foto staan, daar ze geen klasgenoten waren. Cornish schrijft dat het even goed kan gaan om een foto van leeftijdgenoten. Hij liet de foto onderzoeken door de foto-identificatieafdeling van de politie in Victoria. Deze kwam tot de conclusie dat het voor 99 procent zeker is dat het inderdaad gaat om Hitler en Wittgenstein.

Eerder deelden de twee schooljongens een obsessie voor de muziek van Wagner en bezochten zij beiden geregeld het operahuis van Linz, ook niet bepaald een hobby die men bij veel vijftienjarige knapen zal hebben aangetroffen in 1904. Cornish stuitte verder in Mein Kampf op antisemitische scheldkanonnades die regelrecht op het lijf leken te zijn geschreven van Ludwig Wittgenstein en diens familie. Hitler schuimbekt over 'hofjoden', die zich met hun kapitaal een weg verschaffen naar de adel, die daardoor 'degenereert'.

Wittgensteins overgrootvader Moses Maier was een jood. Diens zoon trouwde in in het doorluchtige geslacht van de Von Sayns-Wittgenstein, een Duits vorstengeslacht. Ludwigs grootvader bekeerde zich tot het christendom en verbood zijn dochters uidrukkelijk om met joden te trouwen. De Wittgensteins stonden aan het hoofd van een groot imperium in ijzer en staal. Het was precies de familiegeschiedenis die Hitler stimuleerde in zijn paranoïde fantasieën over verborgen joodse machten. Niet voor niets, merkt Cornish op, liet Hitler als dictator aan zijn biografen weten dat hij 'het wezen van de wereldgeschiedenis reeds doorgrondde op zijn middelbare school'.

In die tijd in Linz beschouwde Ludwig Wittgenstein zichzelf nog als een volbloed Germaan. Pas later werd hij zijn joodse roots gewaar en zou hij zijn filosofie als 'door en door joods' bestempelen. De kennis van het wezen van Adolf Hitler zou Wittgenstein hebben aangezet tot een persoonlijke vendetta vanuit Cambridge, waar hij in de jaren dertig colleges gaf in de filosofie. En daar komt Cornish' tweede spektakelstuk: het zou niemand minder dan Wittgenstein zijn geweest die de mysterieuze werver was van Britse jongemannen uit de gegoede kringen ten bate van Stalins spionageapparaat binnen de Britse society. Guy Burgess, Kim Philby en Anthony Blunt, de drie ex-Cambridge-studenten die decennia voor de Russen bleken te hebben gespioneerd, zouden door Wittgenstein persoonlijk zijn geworven op het Trinity-college in Cambridge.

De drie waren inderdaad allemaal lid van The Apostels, de exclusieve debatingclub waar Wittgenstein in Cambridge ook lid van was en waar hij als een halfgod werd vereerd. Zowel Wittgenstein als zijn pupillen waren de herenliefde toegedaan. Geen van de pas na dertig jaar tegen de lamp gelopen agenten heeft ooit willen bekennen wie de man was die hen als student ronselde voor Moskou. Maar Cornish is er zeker van: het was Ludwig Wittgenstein, de mysticus, de asceet. Werd Wittgenstein in 1935 niet opeens een leerstoel filosofie aangeboden aan de Lenin Universiteit van Kazan? En was Wittgenstein niet tot op het laatst een overtuigd stalinist, die werkgelegenheid belangrijker vond dan de kwellingen van de dictatuur van het proletariaat?

Cornish komt met zoveel 'circumstantial evidence' dat je als lezer uiteindelijk wel door de knieën wilt gaan. Of het waar is, is natuurlijk een heel ander verhaal. Het zou in ieder geval kunnen. Cornish tart met zijn boek hoe dan ook de slotvermaning van de Tractatus logico-philosophicus: 'Waarvan men niet kan spreken, daarover moet men zwijgen.'

Omtrent Adolf Hitler

Lees ook deze DVD-filmrecensies op Verzet.org:
•  Hitler's Bunker (Michael Kloft)
•  Hitler, A Career (Joachim Fest en Werner Rieb)
•  Speer & Hitler (Heinrich Breloer)
•  Het dagboek van Joseph Goebbels (L. Hachmeister)
•  The Nazis - A warning from history
•  The Great Dictator (Charly Chaplin)
•  Nazisme Fascisme Communisme; Orion Channel 2007; 3 DVD; speelduur 290 minuten; zw/wit en kleur

Lees ook deze boekbesprekingen op Verzet.org (eigen verzameling):
•  Hitler, leven en ondergang van een tiran (Alan Bullock)
•  Hitler (Alan Wykes)
•  Opkomst en ondergang van het Derde Rijk (William L. Shirer)
•  Adolf Hitler (H. B. Gisevius)
•  Hitler en Stalin, parallelle levens (Alan Bullock)
•  Hitler. Deel 1 (Hoogmoed 1889-1936) & Deel 2 (Vergelding 1936-1945) (Ian Kershaw)
•  Adolf Hitler: het einde van een mythe (John Toland)
•  Hitler - Een biografie (Joachim C. Fest)
•  Het boek Hitler. Het onthullende dossier van de Russische Geheime Dienst (Henrik Eberle en Matthias Uhl)
•  Adolf Hitler. Kanttekeningen bij Hitler (Sebastian Haffner)
•  HITLER. Legende, mythe, werkelijkheid (Werner Maser)
•  Hitler. Een leven voor de dood (Robert Payne)
•  Hitler. Een balans (Guido Knopp)
•  Adolf Hitler als psychopaat (Robert G.L. Waite)
•  Een joodse jongen. Over de ontmoetingen tussen Hitler en Wittgenstein (Kimberley Cornish)
•  Hitler in België ((René Mathot))
•  Hitler en het politieke lot van België (Dr. Albert De Jonghe)
•  Hitler: een onstuitbare opgang? - Opstellen over het fascisme (Kurt Gossweiler)
•  Hitlers brieven en notities: zijn wereldbeeld in handgeschreven documenten (Werner Maser)
•  Hitlers Vrouwen (Guido Knopp)
•  Hitler. De aanslagen (Roger Moorhouse)
•  Hitlers wetenschappers (John Cornwell)
•  Hitlers Mein Kampf. Geschiedenis - fragmenten - commentaren (Werner Maser)
•  Hitlers Beulen (Guido Knopp)
•  Hitlers Gewillige Beulen (Daniel Jonah Goldhagen)
•  Intimi rond Adolf Hitler. Een sinister gezelschap (Dr. H. Van Capelle)
•  Hitlers moordenaars-De geschiedenis van de SS (Guido Knopp)


Laatst geupdate op ( Monday 21 April 2008 )
 
addtofav
Verzet.org maakt dankbaar gebruik van Joomla! en krijgt de technische ondersteuning van Antifa.net en VEDEZE van Blokwatch.
Ga naar top pijltje