
Lange tijd werd het politiek vlaams-nationalisme van de jaren dertig en zijn erop volgende collaboratie goed gepraat.
Zo stelde
A.W. Willemsen dat het als geheel in 1939 nog overwegend een gematigd democratische partij genoemd kon worden en
dat de meerderheid van de vlaams-nationalisten die in de collaboratie stapten langer aarzelden dan andere Belgische politici
die met de bezetter wilden samenwerken. Nieuw onderzoek laat van dat beeld niet veel heel. Luc Vandeweyer toont aan hoe er in
radicaal Dietse kringen al van meet af aan grote hoop bestond op een Duitse Revanche-oorlog en de collaboratie systematisch
werd voorbereid.
De invloed van de extreem-rechtse stroming werd ook altijd geminimaliseerd, ten onrechte. Niet toevallig dat er onmiddellijk
na de oorlog radicale studentengeneraties werden gevormd die vanaf het einde van de jaren twintig het vlaams-nationalisme in
fascistische richting hebben doen evolueren. Dit hangt samen met het vanaf 1923 verloren vertrouwen in de strategie van de
taalwetten en een groeiend misprijzen tegenover het Belgische parlement. De harde kern van de studentenorganisaties fungeerde
als geluidsversterker voor opvattingen en denkbeelden van figuren waarnaar ze opkeek zoals vb Verschaeve, Robrecht de Smet,
Joris van Severen (stichting Verdinaso). Odiel Spruytte lijkt achter de schermen de grote ideoloog te zijn geweest van een
radicaal vlaams-nationalisme.
In Vlaanderen speelt het Vlaams-nationalisme een belangrijke rol. Dat is in de periode tussen de twee wereldoorlogen
geëvolueerd van een anti-belgicisme naar een anti-parlementarisme, want dat was in hun ogen een werktuig van de
unitaristische franskiljons. Op die manier evolueerde bijvoorbeeld het VNV naar de Nieuwe Orde, het fascisme.
De binnenlandse politieke koers van het VNV was de directe oorzaak van collaboratie van deze partij tijdens WO II. Hun
politiek doel kon slechts worden bereikt door het verwerven van de absolute macht en ze sloegen er in tijdens de bezetting
massaal de lokale machtsposities te bekleden. Pas tijdens de bezetting liet het VNV zijn ware gelaat tonen als een
totalitaire, racistische, imperialistische en militaristische beweging strak geleid door leider De Clercq en zijn opvolger
H.J. Elias.
Sinds het einde van 1933 stond de term vreemdeling uitsluitend nog voor de joden. Het religieuze anti-judaïsme en de economische en
socio-politieke bezwaren tegen de joden waren twee aanknopingspunten voor een bestaand antisemitisme. Het antisemitisme
behoorde ook tot het fascistische gedachtegoed van het politieke vlaams-nationalisme. Saerens wijst op de
medeverantwoordelijkheid van het collaborerende VNV in de jodenvervolging en deportatie tijdens de oorlog.
Dit gezin werd na de bevrijding gedwongen om aan iedereen te laten zien dat het de kant van de bezetter had gekozen.
Vaak wisten mensen precies wie van hun buren of kennissen tijdens de bezetting met de nazi's had samengewerkt. NSB-leden
hadden in uniformen rondgelopen. Anderen hadden als vrijwilliger voor Duitsland gevochten. Bron: Anne Frank Werkwijzer
Na de oorlog was het fascisme overwonnen, maar een groot deel van dat anti-belgicisme bleef bestaan bij een aantal
Vlaams-nationalisten die dan 'getroffen' werden door de repressie. Er zijn uiteraard wel mensen onterecht getroffen door die
repressie, maar het is toch typisch dat men hier het woord 'repressie' hanteert. In Nederland zegt men gewoon de
'bestraffing' van de kollaborateurs. Voor een aantal Vlamingen is daar iets geweldig onrechtvaardigs gebeurd. Daardoor vond
in de beeldvorming over de oorlogsjaren een ommekeer plaats. De partizanen, de verzetslieden, werden de slechterikken en de
Oostfronters, de 'idealistische flaminganten', de helden. Het anti-belgicisme sijpelt op die manier dus opnieuw door in het
Vlaams-nationalisme.
Geleidelijk aan gaat een groep binnen die Vlaams-nationalisten de idealen van het vroegere VNV propageren: eerst het
witwassen van de collaboratie, daarna het in vraag stellen van de Belgische staat en de parlementaire demokratie. Dit alles
blijft binnen de VU redelijk in evenwicht tot ongeveer de jaren zeventig. Het Vlaams Blok scheurt zich na het Egmontpakt
af van de VU. Tevens treden er in de jaren zeventig jongeren uit het NSV (Nationalistische Studentenvereniging) op het
voorplan, zoals bijvoorbeeld Filip De Winter. Deze jongeren steken de nostalgische gevoelens over de Nieuwe Orde in een
nieuw, modern kleedje. In plaats van te treuren over de gemiste kansen van de Vlaamse beweging, gaat men zoeken naar een
nieuw model.
Men gaat proberen om het principe van gelijkheid in de samenleving in vraag te stellen. Zij willen de revolutie van rechts
realiseren. Het Vlaams Blok wil dat nu nog steeds, maar zal daar niet direkt voor uitkomen. Ze laten zich bijvoorbeeld
inspireren door de filosoof Gramsci: eerst de dominante kultuur ondermijnen. Men zoekt aanknopingspunten zoals de
vreemdelingen, waar elektorale successen mee te behalen zijn. In 2004 werd het Vlaams Blok veroordeeld voor het systematisch aanzetten
tot racisme en discriminatie en in november 2004 wijzigde de fascistische totalitaire partij haar naam in Vlaams Belang.
Arie Wolter Willemsen werd geboren in 1930 in Terwolde (NL.), waar zijn vader een winkel met 'maalderij' (electrische
graanmolen) had. Hij studeerde geschiedenis in Utrecht, waar hij via zijn leermeester prof. P. Geyl kennis maakte met de
Vlaamse beweging. Zijn dissertatie handelde in 1958 dan ook over Het Vlaams-nationalisme 1914-1940. De kwaliteit van dat
werk werd algemeen erkend. Willemsen vond echter na zijn militaire dienst (bij de marine) een werkkring niet als historicus
maar als wetenschappelijk ambtenaar bij de Koninklijke Bibliotheek. Zijn bijzondere kwaliteiten vielen al spoedig op bij
de bibliothecaris dr L. Brummel, en bij zijn opvolger, dr C. Reedijk. Willemsen werd secretaris van de landelijke
Rijkscommissie van Advies inzake het Bibliotheekwezen. In 1969 kreeg dit werk een 2de druk en werden er wat teksten
bijgewerkt en geactualiseerd op basis van pas geopende archieven. Oud bibliothecaris dr A.W. Willemsen overleed op
20 december 2003.
Lees ook deze artikels op Verzet.org:
•
Dr. August Borms. Deel 1: De Klok van Vlaanderen tijdens WOI
•
Joris Van Severen en het Verdinaso
•
De Oorlogsbedevaarten van 1940 t/m 1944 (deel 1)
Lees ook deze boekbesprekingen op Verzet.org:
•
Flamenpolitik en Aktivisme (Lode Wils)
•
August Borms - Zijn leven-zijn oorlogen-zijn dood (Christine Van Everbroeck)
•
De Groote Oorlog (Sophie de Schaepdrijver)