headerbanner
Aanbevolen boeken en AV-media:
Strijd en ondergang van het getto in Warschau (Prof. Bernard Mark)
G E N O C I D E (Simon Wiesenthal Center), casette met 4 DVD's; speelduur 430 minuten
Friday 09 May 2008
Home
Actueel
Het Waanzinnige Rijk
Hitlers Handlangers
Hitlers Gewillige Beulen
Vergeten vervolgden
Ware Helden
Collaboratie in België
Het verzet in België
NS docs / wetten
Varia
Boekenbank
Link Partners
Gastenboek
Auteur
Contact
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Pogrom in Kielce, 4 juli 1946. Naoorlogs antisemitisme in Polen - a PDF Afdrukken E-mail
Wednesday 15 November 2006
Artikel index
a
De Aanleiding
De pogrom in Kielce van 4 juli 1946
De Nasleep
Bronnen

 

 

 

 

 

 

Inleiding

Voor de oorlog telde Polen meer dan drie miljoen Joden en was toen het land van Europa dat de grootste joodse bevolking kende. Na de opstand van de Joden in het getto van Warschau, die op 16 mei 1943 na een maand van hevige gevechten door een speciale SS gevechtseenheid onder het commando van SS-Brigadeführer Jurgen Stoop in bloed werd gesmoord, kon de genocide op bijna 3 miljoen Poolse Joden geruisloos worden afgewerkt in de vernietigings- en de concentratiekampen van het Derde Rijk. Het resterende kwart miljoen Poolse Joden toog na de bevrijding doelloos op zoek naar een nieuw bestaan. Het beeld van uitgemergelde wandelende skeletten -DP's (Displaced Persons) zoals ze werden genoemd- die Europa maandenlang overspoelden, zal iedereen die erbij was voor eeuwig in het geheugen gegrift blijven.

Sommigen zochten hun lot in het bevrijde maar in puin geschoten West-Europa, anderen trokken naar de Nieuwe Wereld, Australië, Canada of de Verenigde Staten. Een handvol overlevenden trok naar Palestina dat echter op dat ogenblik nog onder Brits mandaat stond en Joodse immigratie slechts met mondjesmaat toestond. Weer anderen keerden terug naar hun dorp of stad, in de hoop nog familieleden terug te vinden en te kijken wat er nog restte van hun bezittingen, in een moedige poging om de draad van hun bruusk afgebroken leven weer op te nemen. Echter, wie dacht dat ze op een hartelijk weerzien kon rekenen zou spoedig met de harde vijandige realiteit worden geconfronteerd.

Net zoals zovele andere Poolse overlevenden, ondernam in het voorjaar van 1945 de beroemde joodse Italiaanse auteur Primo Levi (1919-1987) kort na zijn bevrijding uit KZ Auschwitz-Birkenau, zijn maandenlange odyssee op weg naar 'huis'. In 1943, na de tweedeling van Italië, met de koning en de geallieerden in het zuiden en Mussolini in het noorden, was Primo Levi als lid van de anti-fascistische verzetsgroep 'Giustizia e Liberta' ('Recht en Vrijheid'), de bergen in getrokken, maar werd al na enkele maanden opgepakt en als jood naar KZ Auschwitz gedeporteerd. Levi overleefde en zal na een reis van negen maanden op 19 oktober 1945 zijn geboortestad Turijn bereiken.

Afbeelding links: Primo Levi zal zijn ervaringen neerschrijven in drie gekende oorlogsboeken die ook in het Nederlands werden vertaald: Is dit een mens (Se questo è un uomo, 1958), Het respijt (La Tregua, 1963) en De verdronkenen en de geredden (I sommersi e i salvati, 1986).

In zijn grauwe gestreepte gevangenisplunje reisde Levi na zijn vrijlating per trein doorheen Zuid-Polen. Toen hij onderweg in het station van een klein dorpje even afstapte om zijn benen te strekken, werd hij onmiddellijk omringd door een groep nieuwsgierige dorpelingen die hem opgewonden in het Pools becommentarieerden. Levi begreep er niets van en dacht: "Waarschijnlijk ben ik de eerste gekleed in 'zebra'-kleren die het dorp aandoet".

Gelukkig voor Levi, bevond er zich tussen de nieuwsgierige menigte van boeren en arbeiders, een netjes afgeborstelde heer die, te merken aan zijn houding, bril en lederen draagtas, duidelijk tot de Poolse bourgeoisie behoorde. De man bleek een advocaat te zijn en sprak vloeiend Frans en Duits. Na de ellende van Auschwitz was deze man de eerste ontmoeting van Levi met de 'beschaafde wereld'[sic]. De advocaat vertaalde bereidwillig wat Levi vertelde. Hoewel Levi geen Pools verstond, had hij toch de woorden 'jood' en 'politiek' opgevangen en hij vermoedde meteen dat er iets mis liep met de vertaling. De advocaat bescheef hem aan het publiek, niét als een Italiaanse Jood maar als een 'Italiaanse politiek gevangene'. Levi vroeg hem waarom hij dat zo vertaalde, waarop de totaal uit zijn lood geslagen advocaat hem in het frans antwoordde: "C'est mieux pour vous. La guerre n'est pas finie." ("Het is beter voor u. De oorlog is nog niet voorbij")

Op dat ogenblik was dat zeker de letterlijke waarheid. Het Rode Leger had de oostelijke gebieden in Polen niet eerder bevrijd dan november 1944 en het zal nog duren tot einde januari 1945 voor KZ Auschwitz bereikt en bevrijd werd. In andere concentratiekampen verliep de slachting onverminderd verder -en nam zelfs nog in hevigheid toe- tot mei 1945. Echter, dit antwoord van deze gecivilizeerde Poolse advocaat moet in een veel bredere betekenis worden begrepen. Voor de katholieke Polen, die al eeuwenlang te boek staan als de meest antisemitische natie van Europa - de vernietiging door hun Poolse buren[!] van de joodse gemeenschap in Jedwabne op 10 juli 1941 was zeker geen alleenstaand geval - was de oorlog tegen de Joden in Polen inderdaad nog lang niet voorbij.

Deze veralgemening staat los van het feit dat inderdaad vele Polen tijdens de Tweede Wereldoorlog hun leven in de weegschaal gooiden en velen hun leven gaven om Joden te redden van de judeocide of hen te helpen onderduiken voor het nazigeweld. Dr. Jan Zabinski, Dr. Jan Karski, Waclaw Nowinski, Stanislaw Jasinski, Antoni Gawrylkiewicz, Andrzej Garbulinski, Kystyna Danko, Emilia Slodkowska, Stefan Jagodzinski, Irena Sendler, Maria Kotarba... hun namen staan samen met nog 5.930 andere Polen voor eeuwig gebeiteld in de laan van de Rechtvaardigsten onder de Rechtvaardigen van het erepark van Yad Vashem in Israël.

Vele Poolse Joden die het ongelooflijke geluk hadden de kampen overleefd te hebben en hoopvol terugkeerden naar hun dorpen, werden daar tot hun grote afschuw en algemene verbijstering met ongemeen brutaal geweld 'verwelkomd'. In juni 1945 waren verscheidene joden die per trein doorheen Oost-Polen reisden door medepassagiers brutaal vermoord. In augustus overviel een woeste menigte de synagoge van Krakau en vervolgde de Joden doorheen de hele stad waarbij verschillende doden en gewonden vielen.

De schrijfster Zofia Nalkowska (1884-1954), die in de herfst van '45 een joods weeshuis bezocht, noteerde dat de kinderen niet meer naar de openbare school durfden omdat ze daar afgeranseld en vervolgd werden. De daar opvolgende lente rapporteerde de Franse katholieke intellectueel Emmanuel Mounier (1905-1950) dat over de afgelopen negen maanden op het Poolse platteland meer dan duizend Joden werden vermoord. En op 4 juli 1946 bereikte het Poolse antisemitisme een nieuw dramatisch hoogtepunt toen in Kielce andermaal tientallen Joden op gruwelijke wijze werden vermoord en een tachtigtal gewond tijdens een bloedbad dat een volle dag aanhield en berucht zal worden als de meest dodelijke en voorlopig laatste pogrom in vredestijd van het moderne naoorlogse Europa.



Laatst geupdate op ( Sunday 19 November 2006 )
 
addtofav
Verzet.org maakt dankbaar gebruik van Joomla! en krijgt de technische ondersteuning van Antifa.net, Ahmad Al Kasim en VEDEZE van Blokwatch.
Ga naar top pijltje