Wanneer nazi-Duitsland op 1 september 1939 Polen aanvalt, verklaren Groot-Brittannië en
Frankrijk op 3 september de oorlog aan Duitsland. Het begin van de Tweede Wereldoorlog is een feit. Begin september krijgt Dewé het bezoek van
Kapitein Daniel van de Britse Secret Intelligence Service (S.I.S.) die hem verzocht opnieuw in dienst te treden van de Britse geheime dienst.
De Engelsen waren nog niet vergeten dat Dewé tijdens de Eerste Wereldoorlog voor hen in het bezette België het
inlichtingennetwerk La Dame Blanche had opgezet dat geleid had tot verbluffende resultaten. Dewé is in 1939 al 59 jaar oud
en beseft de risico's.
België vaart tijdens die 'drôle de guerre', zoals die acht maanden die liggen tussen de inval in Polen en de inval in België
worden genoemd, een nogal dubbelzinnige neutraliteitspolitiek en zal pas op 10 mei 1940,
wanneer het zelf wordt aangevallen door de nazi's, de wapens opnemen tegen het Derde Rijk. Echter Dewé aarzelt geen ogenblik
en zet nog diezelfde dag met enkele vrienden het Corps d'Observation Belge op. De C.O.B. richt in de Oostkantons aan de
Belgisch-Duitse grens enkele observatieposten op, o.m. in La Calamine, Eupen, Malmédy en Sankt-Vith. Hij recruteert
industriëlen, grensarbeiders en reizigers die opdracht krijgen om zoveel inlichtingen te verzamelen omtrent de ontwikkelingen
in Duitsland.
Dewé signaleert herhaaldelijk aan de overheden dat de Duitse inval nakende is maar vind geen gehoor. Op 9 mei doet hij
nog een laatste poging in Luik om de instanties te verwittigen maar ook hij beseft dat het te laat is. Enkele uren later trekken de nazi's de
grenzen over. Tijdens de achttiendaagse veldtocht wordt België overrompeld door de Duitse Blitzkrieg. Dewé blijft op post als hoofdingenieur
van de R.T.T. en slaagt er aldus in om vele vernielingen te voorkomen.
Op de Dagorde van het Franse Leger krijgt Dewé een eervolle vermelding:
"Walthère Dewé heeft de moed en de beroepszin van het personeel van de Regie weten aan te wakkeren, door elke dag onder
de bombardementen de vooruitgeschoven centrale te bezoeken en persoonlijk over de uitvoering van zijn bevelen te waken; hij slaagde er
door zijn vastberaden optreden in om het voorbarig terugtrekken van het Regiepersoneel te voorkomen en heeft aldus de vernietiging van de
installaties op het verkeerde moment kunnen vermijden; hij heeft aan de in België opererende geallieerde legers onschatbare diensten bewezen door
het instandhouden, tot het laatste toe, van de noodzakelijke verbindingen; hij heeft een schitterend voorbeeld gegeven van vaderlandsliefde en
van zijn trouw aan de zaak van de Geallieerden." ["Walthère Dewé... a su ranimer le courage et la conscience profesionelle du personel de la Régie; visitant
personellement à l'exécution de ses ordres, a réussi à éviter les replis prématurés des agents
et la destruction intempestive des installations; a rendu aux armées alliées manoeuvrent en Belgique d'inappréciables services en contribuant à maintenir
jusqu'au bout les liasons essentielles; a donné un magnifique exemple de patriottisme et de fidélité à la
cause des Alliés"]
Na de invasie lijken de Belgische geheime diensten en contraspionage helemaal uitgeschakeld. In juni 1940 neemt Dewé zijn
activiteiten weer op en richt het inlichtingennetwerk Clarence op. Clarence (en ook André) was de
oorlogsnaam van zijn vriend, de ingenieur en legerkapitein Hector Demarque (1903-1975), die de algemene leiding op zich nam
van Clarence. De inmiddels ondergedoken Dewé, die de stuwende kracht bleef achter de clandestiene organisatie, was bekend onder
verschillende pseudoniemen zoals Cleveland, Muraille, Beaucaire enz. Het hoofdkwartier wordt ten huize van de kranige 75-jarige[!]
Thérèse de Radiguès de Chennevière (1865-1955) gevestigd. Drie van haar kinderen
waren tijdens WOII eveneens in het verzet: Marguerite, Jean en Marie-Antoinette.
Aanvankelijk verlopen de contacten met Londen erg moeizaam. Daar kwam pas op 12 januari 1941 verandering in wanneer een andere Belgische
agent uit Londen, Jean Lamy, met een zender-ontvanger wordt gedropt. Echter, Jean Lamy is er zo gerust in dat hij
al na enkele maanden door de Duitsers wordt opgepakt. Opnieuw zit Clarence zonder zender en operateur en het zal nog enkele maanden duren
vooraleer Clarence opnieuw over zendappartaur beschikt. Het netwerk kan zich vanaf dan snel uitbreiden. Vanuit Brussel worden negen sectoren uitgebouwd die
allen samen 1.547 agenten telden. Tussen januari 1941 en 3 september 1944 werden 872 radioberichten naar Londen doorgeseind en 163 verslagen
doorgezonden. Clarence had ook 92 koeriers in dienst die geheime documenten en foto's via speciale geheime routes, dwars door bezet
Frankrijk en dan via Spanje overstaken naar Engeland, en zo hun boodschappen rechtstreeks doorgaven aan Londen, waarna ze later opnieuw geparachatuurd werden boven bezet
gebied.
De inlichtingen die door Clarence werden doorgespeeld werden als uiterst betrouwbaar beschouwd. Dewé had zijn betrouwbaarheid en
bekwaamheid reeds tijdens de vorige oorlog met La Dame Blanche bewezen en was voor zijn ultieme diensten meermaals door Engeland en België
onderscheiden. Dewé en zijn team ontwikkelden steeds nieuwe technieken om informatie over te brengen. Zo bijvoorbeeld
Maurice Van Gijsel, alias Delwaide, een specialist in fotografie, was er in geslaagd om via een speciaal procédé foto's veilig door te sluizen. Hij bewaarde die
foto's op zgn gefixeerde cliché's die nog niet ontwikkeld waren. Als deze door de vijand werden onderschept konden zij er niks mee
aanvangen. Om deze cliché's te ontwikkelen was een speciaal chemisch procédé nodig en dat kenden ze alleen in Londen.
Tegen het einde van 1942 was Dewé een door iedereen gekend en geconsulteerd verzetsman. Londen vroeg Dewé telkens om advies en
zijn oordeel omtrent gelijk wat er zich ook afspeelde in het bezette België: naar de evolutie van de algemene geest in het land,
begeleiding van secretarissen-generaals, provinciegouverneurs die moesten worden aangesteld eens België bevrijd zou zijn, advies
over nieuwe clandestiene organisaties, bij de keuze van een nieuwe commandant van het Belgisch Legioen (later Geheim Leger), van het
Bevrijdingsleger, van het Politiek Comite van de Weerstand dat zou worden voorgezeten door de grote jurist Charles de
Vischer enz. Dewé zijn naam en reputatie klonk steeds harder tot in Londen door als een hoopvolle bevrijdingsklok die spoedig het
einde zou inluiden van de bezetting door de nazi's. Echter, die grote dag zal deze Reus van het Verzet niet meer mogen meemaken.