Op 10 mei 1940 rukten Duitse troepen in snel tempo België binnen. Na slechts 18 dagen hevige strijd die aan ruim 20.000 soldaten en burgers
het leven zal kosten, wordt door een eigengereide koning Leopold III, op 28 mei de capitulatie betekend. Dit gebeurde zonder het medeweten noch
instemming van de Belgische regering. Regeringsleden waren toen op de vlucht doorheen Frankrijk om na lange omzwermingen vanuit het Franse Limoges
uiteindelijk in Londen aan te belanden waarop Hubert Pierlot op 31 oktober 1940 de Belgische Regering in Ballingschap vormde.
Leopold III hoopte door deze stunt de neutraliteit van België te waarborgen en voor zichzelf de troon te behouden, met rondom hem slechts een klein
zakenkabinet zodat België onder zijn gezag een beperkte autonomie zou kunnen behouden binnen het Derde Rijk. De nazi's koesterden
echter andere plannen voor ons land en zagen voor de toekomst van België slechts een zoveelste Duitse provincie met beperkt behoud van de
Vlaamse culturele eigenheid maar met het Duits als officiele voertaal. De collaborerende pers zal spoedig deze visie van de Duitsers ondervinden
wanneer de censuur zal toeslaan. Een en ander zal veel later tot een crisis leiden en de koning na de oorlog tot troonsafstand
dwingen, later beter bekend als de Koningskwestie.
Intussen was op 16 mei 1940 het voorlopig laatste nummer van De Standaard uitgekomen. De Standaard zal pas zeven jaar later, 1 mei 1947, in haar oude
vorm weer verschijnen. De noodeditie van DS verscheen onder een gezamenlijke titel met Het Nieuwsblad en de
Sportwereld. Een afzonderlijke editie maken bleek niet meer mogelijk. Bovendien was heel het distributiesysteem hopeloos ontredderd.
Daarnaast was het zo dat nog een dag vroeger reeds de directeur van de krant, Fernand Van Den Eynde, Brussel had verlaten, samen met
een aantal medewerkers en familieleden. Hij had het plan opgevat om De Standaard in West-Vlaanderen of in Frankrijk te gaan
uitgeven. Dat idee zou echter geen doorgang vinden.
Nog voor de capitulatie werd betekend, worden de Belgische uitgevers door de nazi's naar Brussel geroepen om met de Duitse
Propaganda Abteilung te onderhandelen over een snelle heruitgave van de Belgische dagbladen. De Standaardgroep werd vertegenwoordigd door E.H. Bernaerts,
één van de medestichters van N.V. De Standaard.
Wanneer de gevluchte DS-medewerkers terugkeerden uit Frankrijk nam Bernaerts contact op
met de beheerraad van de N.V. Afgevaardigd-beheerder Arnold Hendrix stemde erin toe om de krant weer uit te geven maar formuleerde een
aantal voorwaarden met als opvallende eis punt 5: "Het best is een nieuwe naam te nemen voor het blad." De Propaganda Abteilung
stemt daarin toe maar eiste wel dat de naamskeuze werd gemaakt uit één van de krantennamen van de Standaardgroep. Die keuze
viel uiteindelijk op de bijlage van Sportwereld, Het Algemeen Nieuws.
Drie dagen voor de capitulatie, rolde reeds op 25 mei Het Algemeen Nieuws voor het eerst van de persen van de N.V. Periodica. Hoofdredacteur
van de krant werd Alfons Martens (1888-1960), een zwager van Filip de Pillecyn. Martens was nog hoofdredacteur geweest van de
directe voorloper van DS Ons Volk Ontwaakt. Op 5 juli 1940 keerden de verantwoordelijke uitgever en een aantal redacteuren terug uit Frankrijk en werden zij op de hoogte gebracht van de nieuwe situatie
door Arnold Hendrix. Eén dag later neemt Van den Eynde zijn functie van verantwoordelijk uitgever voor Het Algemeen Nieuws weer op.
In de maanden die volgen worden tijdens verschillende bijeenkomsten van de Beheerraad van De Standaardgroep besprekingen gevoerd
om De Standaard opnieuw te laten verschijnen i.p.v. Het Algemeen Nieuws.
Op een laatste vergadering omtrent deze kwestie, die gehouden werd op 5 maart 1941, strandden de beheerders voor de zoveelste maal op een njet van het redactiecomité en werd het
plan van die heruitgave definitief opgeborgen tot na de oorlog. De precieze reden is nooit bekend geraakt, maar het vermoeden is
dat de redacteuren De Standaard niet zichtbaar wilden verbranden aan een collaboratieavontuur waarvan de uitkomst onzeker bleef. Door onder een andere naam uit te komen, hield men nog een slag om de arm en bleef de
krantentitel De Standaard aldus bespaard van elke smet. Dat de uitgevers, de beheerders, de drukkerij en zovele andere medewerkers
van Het Algemeen Nieuws precies dezelfden waren als die van De Standaard, daar hoopten men na het einde van de bezetting nog wel mee
weg te raken.
Het Algemeen Nieuws werd evenals de vooroorlogse De Standaard beheerd door de N.V. De Standaard. De beheerraad werd nog steeds
gevormd door Arnold Hendrix (voorzitter), Antoinette Gylsen-Sap (eigenares van de N.V. na de dood van haar man Gustaaf Sap), naast Karel De Baerdemaecker
(afgevaardigd beheerder), Fernand Van Den Eynde (bestuurder-beheerder), Lodewijk Janssens, Jozef Clottens en professor
Franssen. De persen van de krant stonden op naam van de N.V. Periodica die eveneens eigendom was van weduwe Gustaaf Sap.
Op de persen van de N.V. Periodica werd tijdens de oorlog niet enkel Het Algemeen Nieuws gedrukt maar ook tal van periodieken zoals Volk en Bodem (het orgaan van de landbouwers),
V.O.S., Arbeid en Volk, De Rijksarbeider (van de collaborerende Unie van Hand- en Geestesarbeiders), De Boerenwacht en de beruchte periodieken van de
Belgische Anti-maçonnieke Liga Le Rempart / De Burcht
van Dr. Paul Ouwerx en Jean Flament. Vanaf februari 1941 pakte de A.L. uit met twee anti-maçonnieke tijdschriften die gedrukt werden
op de persen van de Standaardgroep. Voor het Franstalig landsgedeelte werd dat Le Rempart met Louis Nelis als hoofdredacteur.
Van Le Rempart zullen er tussen februari 1941 en december 1942 negentien nummers verschijnen tot het werd opgedoekt. Voor de
Nederlandstaligen werd De Burcht uitgegeven onder hoofdredactie van Joris Desbonnet. De Burcht veranderde in augustus 1940 haar
naam in De Volkswacht.