headerbanner
Aanbevolen boeken en AV-media:
Israël in het geweer (Jan P. de Graaf en Robbert Keegel)
The Story of Fascism; Gianni Ubaldo Canale; docu; 2008 ; 2 DVD's; speelduur 300 minuten; zw/wit
Sunday 20 July 2008
Home
Actueel
Het Waanzinnige Rijk
Hitlers Handlangers
Hitlers Gewillige Beulen
Vergeten vervolgden
Ware Helden
Collaboratie in België
Het verzet in België
NS docs / wetten
Varia
Boekenbank
Link Partners
Gastenboek
Auteur
Contact
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Albert De Coninck, commandant van de Gewapende Partizanen - a PDF Afdrukken E-mail
Friday 22 December 2006
Artikel index
a
Groepjes van Drie
Commandant Victor van Vlaanderen
Adjudant Rachel Souritz
Bevrijding en Opperetteweerstanders
Bronnen

 

 

 

Bevrijding en Opperetteweerstanders

Op 3 september 1944 wordt Brussel bevrijd en diezelfde dag wordt Albert De Coninck aangehouden door leden van... het Geheim Leger! Naarmate de bevrijding naderde stroomden opeens van alle kanten zogenaamde verzetsleden toe, die spottend door de weerstand van het eerste uur Opperetteweerstanders werden genoemd. Albert kreeg er op een onaangename wijze mee te maken: "[..]in het huis waar ik logeerde woonde een vreemdeling en die wilden ze onderhoren. Maar en passant zijn ze naar boven gekomen en zijn ze bij mij binnen gevallen. En ze vonden daar een hoop materiaal, clandestien materiaal waar ze niet aan uit konden. En dat vonden ze verdacht en dan hebben ze mij zogezegd aangehouden. Op het ogenblik dat ik die mannen binnen krijg is er een meisje, één van Antwerpen, die ik had geroepen om wat materiaal mee te dragen en zo omdat we gingen verhuizen naar Leuven. Die hebben mij aangehouden en ze hebben mij naar het politiebureel gebracht van Sint-Gillis."

Op het politiebureel maken de verzetsleden van het Geheim Leger een proces-verbaal op omdat de identiteitspapieren van Albert vals bleken. Daarna wordt hij overgebracht naar het stadhuis van Sint-Gillis om er verder verhoord te worden in afwachting van zijn opsluiting in de gevangenis. Maar Albert had intussen het Antwerpse meisje direct weggestuurd naar een bekend adres, een zogeheten 'alarmadres'. Albert: "[..]en terwijl ik op het gemeentehuis zat van Sint-Gillis, zogezegd als gevangene, kwam er daar een camion met Louis Van Brussel met Partizanen en die zijn mij komen bevrijden. En het was afgelopen."

Begin september 1944 waren de effectieven van de Patriottische Milities en de Gewapende Partizanen aangegroeid tot ongeveer 38.000 leden. Dor de bevrijding konden de Partizanen hun schuilplaatsen verlaten, hun ware identiteit weer aannemen en zich kenbaa maken. De illegale celstructuur ('groepjes van drie') was achterhaald en de Partizanen werden op militaire leest geherstructureerd om geïntegreerd te worden in de geallieerde strijdkrachten en aldus deel te nemen aan de laatste fase van de oorlog. Deze goed uitgeruste en mobiele gewapende eenheden kregen als taken: opruimen van Duitse verzetshaarden; gevangenneming en bewaking van omsingelde Wehrmachtsoldaten; bewaking van strategische punten, lokalen en gebouwen; gevangenneming en bewaking van collaborateurs.

De Partizanen werden opgenomen in de Binnenlandse Strijdkrachten onder leiding van Luitenant-generaal Gérard. Verschillende commandanten van de Partizanen kregen verantwoordelijke functies binnen de Belgische Stri;dkrachten. Albert: "[..]en dan zijn we later nog naar dinges getrokken, dan was de landing al gedaan en dan waren ze aan het vechten aan de Hollandse grens en dan zijn we daar met een paar bataljons naar daar getrokken. Dan zijn er nog gevechten geweest met de Duitsers. We hebben daar een paar krijgsgevangenen gemaakt. Die jongens deden in hun broek. Zolang ze in handen vielen van een normaal leger waren ze gerust maar toen ze ineens wisten dat ze in handen van Partizanen waren dachten ze dat we ze gingen de keel oversnijden. Maar dat hebben we niet gedaan. We hebben ze overgeleverd aan de Engelsen. Salut! En dat was dan het einde, de gevechten aan de Scheldemonding. Dat was samen met Engelsen, het regiment Duke of York."

Na de bevrijding werden de meest verdienstelijke verzetsleden door de Belgische regering bij wet een militaire graad toegekend. Vele ervan werden posthuum toegekend en de hoogste graad was die van kolonel. Die rang werd als enige [postuum] toegekend aan dat andere monument van het verzet: Walthère Dewé. Zeven anderen kregen de rang van Luitenant-kolonel. Dit zijn: Emmanuel Jooris [postuum] stichter van de inlichtingendienst B.B. (Brise-Botte), Jean Burgers [postuum] van Groupe G, Hector Demarque van Clarence; Max Londot van de inlichtingendienst Luc-Marc; Andrée De Jongh van de ontsnappingslijn Comête; Fernand Kerkhofs van de inlichtingendienst Zéro; en... Albert De Coninck commandant van de Gewapende Partizanen. Zijn vrouw Rachel Souritz kreeg de rang van adjudant.

Na de oorlog klom Albert op in de partijhiërarchie. Zijn visitekaartje is indrukwekkend: hij was politiek secretaris van drie federaties: Mechelen (vóór de oorlog), Kortrijk (in en na de oorlog) en vanaf 1947 Antwerpen (onder meer tijdens de fameuze dokwerkersstaking van april 1950). Na de bevrijding maakt hij deel uit van het nationaal organisatiesecretariaat, vanaf 1951 van het Centraal Comité en het Politiek Bureau, vanaf 1957 wordt hij verantwoordelijk voor de internationale betrekkingen.

Op 6 december 2006 overleed Albert De Coninck. De uitvaart van Albert De Coninck vond plaats op 16 december '06 in het crematorium van Antwerpen. Daarna werd hij bijgezet op het erepark van Edegem, waar zijn echtgenote Rachelle Souritz, adjudant van de weerstand, als enige vrouw rust. Vincent Scheltiens op 16 december 2006 bij de uitvaart van Albert: "Wat hij - en Rachel - in de drukste drukte niet aan de kinderen konden geven, wilden ze zó graag voor de kleinkinderen. Na bijna een korte eeuw gemiliteerd te hebben in een strakke partijdiscipline, haalden beiden ook hun hartje op in het solidariteitswerk in Antwerpen met vluchtelingen, met migranten. Het was ook het contact met een nieuwe generatie. En voor beiden gold voor het eerst: militeren kan - soms althans - ook plezant zijn. Albert De Coninck wijdde zijn hele bewuste leven aan de opheffing van onderdrukking en uitbuiting. Hij deed dit zolang zijn lichaam hem dat toeliet: zonder adempauze, zonder compensatie. Met grote samenhang tussen woord en daad. Gedreven door rationele inzichten, steeds het doel voor ogen.

Enkel een onverwoestbaar optimisme in de maakbaarheid van de wereld en veel affectie voor de mensheid kunnen zo'n consequent leven verklaren. Zoals we allemaal weten was Albert klein van gestalte; een militaire fiche uit 1935 zegt het precies: 1m62. Hij zou de eerste zijn om het te stellen: "Ge moet immers de feiten onder ogen zien; de verhoudingen juist inschatten". Toch zou hij het in dit geval bij het verkeerde eind gehad hebben: met Albert, Victor, Vic is niet een klein mannetje verdwenen. Nee, een groot, zeer groot man, een imposant figuur is heengegaan.
"



Laatst geupdate op ( Monday 09 April 2007 )
 
addtofav
Verzet.org maakt dankbaar gebruik van Joomla! en krijgt de technische ondersteuning van Antifa.net, Ahmad Al Kasim en VEDEZE van Blokwatch.
Ga naar top pijltje