headerbanner
Aanbevolen boeken en AV-media:
In Naam van de Vrijheid / maandblad (André Gantman, Léon Zielinksi, Charles Freifeld e.a.)
Tussen hemel en hel / The Holocaust Experience; Joost Seelen en Oeke Hoogendijk; docu 2 DVD; 92 min
Monday 21 July 2008
Home
Actueel
Het Waanzinnige Rijk
Hitlers Handlangers
Hitlers Gewillige Beulen
Vergeten vervolgden
Ware Helden
Collaboratie in België
Het verzet in België
NS docs / wetten
Varia
Boekenbank
Link Partners
Gastenboek
Auteur
Contact
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Advertisement
Ontsnappen via de Pat Line van Pat O'Leary, alias van Albert Guérisse - pat PDF Afdrukken E-mail
Monday 25 December 2006
Artikel index
pat
Albert ontmoet Ian Garrow in Marseille
De Pat Line
Het einde van de Pat Line
Bronnen

 

 

 

 

Albert ontmoet Ian Garrow in Marseille

Generaal-majoor Dokter Albert Marie Edmond Guérisse, werd geboren op 5 april 1911 te Sint-Jans Molenbeek, thans een deelgemeente van Brussel. Albert studeerde geneeskunde aan de Katholieke Universiteit van Leuven en beëindigt zijn studies aan de Vrije Universiteit van Brussel, waarna hij beroepsmilitair wordt als legerarts bij het 1ste Regiment Lanciers te Spa.

Na het uitbreken van de oorlog en de capitulatie van België op 28 mei 1940, vlucht Albert temidden van terugtrekkende Franse en Engelse troepen naar Duinkerken om net als iedereen te trachten het kanaal over te steken en Groot-Brittannië te bereiken. Albert kan in de havenstad inschepen op een Frans schip, Le Rhin, maar vanaf daar zal zijn lot een totaal andere wending nemen.

Le Rhin staat onder het commando van de Franse luitenant Claude Péri. Gebouwd als koopvaardijschip in 1920, werd Le Rhin later omgebouwd en stevig bewapend om dan te opereren in dienst van de de Franse Koloniale Geheime Dienst. De kapitein van het schip, Claude Péri was een nogal omstreden en geheimzinnige figuur. Geboren in Frans-Indochina (het huidige Vietnam) was hij tijdens de jaren dertig als geheim agent actief geweest in het Verre Oosten voor het Franse 'Deuxieme Bureau', de Franse geheime dienst.

Overal waar Péri ging of stond, werd hij vergezeld door zijn minnares, Madeleine Bayard, die Claude in Indochina had leren kennen tijdens geheime missies en waar hij hopeloos verliefd op haar werd. Madeleine was eveneens een geheim agente die werkte voor dezelfde dienst als Claude Péri. Wat het duo ook maar uitspookte op de oceanen en de gebieden die ze samen aandeden en de geheime missies die ze samen uitvoerden, zal decennia later nog altijd een mysterie blijven en voedsel geven aan veel gespeculeer en mogelijk gecomplotteer door het koppel. Boeken vol werden er over dit geheimzinnige koppel geschreven. Sommigen beweren dat het script van de film Casablanca met Humphrey Bogart en Ingrid Bergman geïnspireerd werd door dit koppel (boekentip: Claude and Madeleine, door Edward Marriott, zie bronnen). Ook de auteur Hugo Pratt zou zich bij de creatie van zijn held Corto Maltese, hebben laten inspireren door Claude en Madeleine.

Albert merkt meteen wat voor vlees hij met Péri in de kuip heeft en valt meteen voor de kwaliteiten van Pétri. Veel later zal hij Péri beschrijven als "the finest warrior I have ever known". Echter op dat ogenblik -einde mei 1940- is voor de fanatieke Franse patriot Péri duidelijk de strijd nog maar pas begonnen. In plaats van koers te zetten naar Engeland, vaart hij doodweg de Engelse kust voorbij en zet koers naar de Middellandse Zee. Hij legt aan in Gibraltar om er de geallieerde legers te vervoegen. Tijdens de tocht heeft hij Albert Guérisse benoemd als zijn 2de commandant aan boord. Na een aantal geheime missies beland Le Rhin dan toch uiteindelijk in Engeland. Het schip wordt gecharterd door de Britse Geheime Dienst en het voormalige koopvaardijschip wordt in september een zgn Mystery Ship, een SSV (= Special Service Vessel), en omgedoopt naar de HMS Fidelity.

Albert Guérisse (hier links op de foto tijdens de oorlog in Korea in 1950 als majoor) wordt ingelijfd bij de Britse Navy, als luitenant-commandant Patrick O'Leary. Die [oorlogs]naam had hij geleend van een Canadese vriend. Hij neemt ook zogezegd de Canadese nationaliteit aan, omdat in Canada ook Frans wordt gesproken en hij niet als Belg wil herkend worden als hij ooit gearresteerd zou worden. Hij vertelt aan niemand over zijn geneeskundige achtergrond, behalve dan aan de kapitein van de HM Fidelity, omdat Albert het avontuur verkoos boven dat van een Legerarts.

Op 23 april 1941 is de HMS Fidelity voor een zoveelste geheime missie ter hoogte van Port-Vendres, aan de Franse zuidkust nabij de Spaanse grens. Met een motorboot en in het gezelschap van drie Fransen zet Albert twee geheime agenten af op het strand. Het tweede deel van de opdracht bestond erin om niet ver vandaan in de haven van Cailloure, twaalf ondergedoken Poolse officieren op te pikken. De Polen verschenen echter niet op de afspraak en het motorbootje moet noodgedwongen [te lang] wachten. Ze worden opgemerkt door een douaneofficier die prompt alarm slaat. De motorboot maakt ijlings rechtsomkeer maar ongelukkig genoeg slaat de motor af en Albert en de drie Fransen vallen in de handen van gendarmes van de Franse Marine.

Albert wordt samen met zijn kompanen opgesloten in de marinegevangenis van Toulon en later overgebracht naar het fort Lamalgue. Vandaar wordt hij overgebracht naar een kazerne te Saint-Hyppolyte-du-Fort nabij Nîmes, waar 250 gevangenen opgesloten zaten. In juli 1941 slaagt Albert, dankzij de hulp van de Schotse officier Ian Garrow, erin te ontsnappen door de tralies van het raam van zijn cel door te zagen en duikt onder in de zuid-franse havenstad Marseille. Hier maakt hij hij contact met zijn redder Ian Garrow, een Schotse kapitein bij de Seaforth Highlanders eenheid.

Garrow had in de zomer van 1940 in Marseille een netwerk van ontsnappingsroutes naar Spanje opgezet, om geallieerden piloten en andere vluchtelingen veilig over de Pyreneeën te loodsen. Albert krijgt het vertrouwen van Garrow en wordt zijn medewerker. Tot aan de aanhouding van Ian Garrow in oktober 1941, slaagde het netwerk erin om ruim 250 vluchtelingen over de grens te smokkelen, waaronder vele piloten. In oktober '41 wordt Garrow opgepakt door de Franse Vichy politie en opgesloten in het concentratiekamp van Mauzac. Een maand later wordt het netwerk bijna opgerold wanneer door toedoen van een infiltrant bijna dertig leden van het netwerk achter de tralies belanden. De verrader was de Britse sergeant Paul Cole, die voor het netwerk Pat Line opereerde.

Na de arrestatie van Garrow was Albert Cole beginnen wantrouwen en hij ontdekte dat Cole grote sommen geld achterhield. Wanneer Albert Cole confronteerde met de feiten viel hij snel door de mand maar Cole kon zich toch nog uit de voeten maken. Achteraf bleek dat Cole al in Duinkerken was gedeserteerd en hij had al een reeks inbraken op zijn kerfstok. Na de oorlog werkte Cole nog een tijd in dienst van de Amerikaanse Inlichtingendienst maar werd ontmaskerd en opgesloten. Hij ontsnapte weer maar de Franse politie viel binnen op zijn onderduikadres. Tijdens een daaropvolgend vuurgevecht werd Cole doodgeschoten. Albert Guérisse werd toen nog gevraagd om het lijk van Paul Cole te identificeren.



Laatst geupdate op ( Thursday 28 December 2006 )
 
addtofav
Verzet.org maakt dankbaar gebruik van Joomla! en krijgt de technische ondersteuning van Antifa.net, Ahmad Al Kasim en VEDEZE van Blokwatch.
Ga naar top pijltje