Na de weerzinwekkende slachting te Courcelles op 18 augustus '44 hadden de Rexisten er nog steeds niet genoeg van. Op 23
augustus 1944 werd Louis Braffort vermoord. Braffort was stafhouder van de Orde van Advocaten bij de Balie te
Brussel en tevens hoogleraar aan de KULeuven. Deze actie vond plaats als vergelding voor de [mislukte] aanslag op Degrelle's
advocaat George Dubois-Clavier. Braffort was op 22 augustus door een Rex-commando
aangehouden en opgesloten in het hoofdkwartier van de DSI. Nog diezelfde avond werd in Collards flat besloten de man om te brengen.
Collards handlangers op het DSI, Colman, Regnard en Saussez, begaven zich naar het DSI kantoor waar ze met enkele van Lambinons
mannen advocaat Braffort afranselden totdat die uiteindelijk bewusteloos neerzeeg. Vervolgens reden ze hem naar een bos buiten
Brussel en vermoordden de man in koelen bloede.
In de laatste week voor de bevrijding zetten Rex-milities tot het laatste ogenblik hun raids ongehinderd verder. Zo namen
tussen 26 en 28 augustus 1944, niet minder dan 600 Rexisten deel aan een gezamelijke actie van de Duitsers tegen het verzet.
Onder leiding van Pierre Pauly, een voormalig hoofd van het Waals Legioen, namen contingenten afkomstig uit het
opleidingskamp van het Waals Legioen deel aan deze actie, evenals leden van de Waalse Wacht, het DSI en nog eens zowat honderd leden van de Brusselse Strijdformaties
alsook een aanzienlijk aantal gewone militanten. Het resultaat van deze actie leverde maar weinig op.
Het einde voor Rex naderde snel. Onverwacht trokken de Duitsers zich eind augustus 1944 snel weg uit België. De Rexisten hadden
dit helemaal niet verwacht en hadden gehoopt dat er nog lang slag zou worden geleverd. Duizenden Rexisten grabbelden elk vervoersmiddel
vast wat ze maar konden krijgen en naar schatting tussen de vijf-en tienduizend Rexisten vluchten naar Duitsland waarvan het merendeel
logeerde in de buurt van Hannover. Onder hen ook de meeste medeplichtigen aan het bloedbad van Courcelles. Aan de vooravond van hun vertrek
voerden Lambinons DSI-leden verscheidene overvallen uit op juwelierszaken in het Brusselse. Hun zakken en tassen puilden
uit en zwaar beladen onder de buit van hun misdaden belanden ze aan in Duitsland. Het failliet van REX was hiermede definitief bezegeld.
Mede naar aanleiding van het bloedbad van Courcelles (en nog vele andere bloedige moorden) werd Louis Collard na de oorlog
opgespoord en kon op 31.07.1945 aangehouden worden in Oostenrijk. Andere betichten werden eveneens opgespoord en gearresteerd, onder hen
Victor Matthijs maar ook José Streel, de partij-ideoloog van Rex die de partij al sinds het voorjaar van 1943 de
rug had toegekeerd. Allen belandden zij onverbiddelijk in de gevangenis in afwachting van hun proces. Echter de twee belangrijkste aanstokers en leiders van al deze wraakacties,
inclusief die van Courcelles, met name Charles Lambinon en Joseph Pévenasse konden ontkomen,
waarschijnlijk naar Duitsland of verder. Deze twee werden bij verstek ter dood veroordeeld maar van hen werd er nooit geen enkel
spoor meer van teruggevonden...
Ook SS-luitenant-kolonel Léon Degrelle kon ontkomen en vond onderdak bij de fascistische dictator Generaal
Franco. Degrelle was eerder bij verstek ter dood veroordeeld. In 1954 verkreeg hij de Spaanse nationaliteit en kon niet meer aan België worden uitgeleverd. Hij noemde zich
voortaan Leon-Jose de Ramirez Reina en zal nog een fortuin verdienen met de bouw van woningen voor militairen. Degrelle in
ballingschap bleef lange tijd voor controverse zorgen in ons land en werd tot een symbool verheven voor de
nationaal-socialistische bewegingen, die tot op heden blijven verder borduren op zijn 'helden'daden. Degrelle overleed in 1994 zonder ooit één dag in de gevangenis te hebben gezeten...
Tussen eind mei en begin augustus 1946 werd voor de krijgsraad van Charleroi het proces gevoerd tegen de Rexisten die deel hadden
genomen aan het bloedbad van Courcelles. De schouwburg van Charleroi, het Concordia Theater, werd voor die gelegenheid omgebouwd
tot rechtzaal. 97 beklaagden stonden terecht voor oorlogsmisdaden en misdaden tegen de menselijkheid. In augustus '44 was het proces afgelopen
en werden 39 voornaamste beschuldigden, veroordeeld tot de dood met de kogel. In beroep bij het militair gerechtshof werd het vonnis
bekrachtigd. Matthijs, Collard en nog enkele andere Rexistische leiders moesten in 1947 ook nog eens terechtstaan te Brussel voor de
rol die zij hadden gespeeld in de misdaden die door Charles Lambinons DSI werden gepleegd.
Uiteindelijk werden 27 doodstraffen ook feitelijk voltrokken. Niet toevallig hetzelfde aantal als de slachtoffers van het bloedbad
van Courcelles! Op 10 november 1947 was het zover en werden 27 Rexisten in minder dan een half uur tijd in de rug doodgeschoten.
Naast de kopstukken van Rex, Victor Matthijs en Louis Collard, werden nog 25 andere Rexisten gefusilleerd te Charleroi:
Léon Bertrand, G. Bodson, Victor Bracke, J. Colyns, F. Dargent, G. De Heug, F. De Maeyer, C. Desclin, A. Dubois, J. Dupont,
J. Fontaine, A. Gosset-Empain, M. Hanot, M. Hautekeete, E. Heuschen, A. Jadoul, F. Marchal, H. Merlot, Honoré Navez, C. Nisolle,
J. Roossens, E. Struyf, J. Van Meensel, G. Wéry, en François Wynen.
Tijdens het proces bleken de meeste moordenaars van het allerlaagste allooi te zijn, zonder enige vorm van idealisme. Terwijl
bij de terechtstellingen sommigen naar de executiepalen moesten worden gedragen, gedroegen anderen zich als geketende wilde
beesten, die slechts met de grootste moeite konden worden bedwongen. Zij slingerden de grofste scheldwoorden naar België,
de koning en de politieke leiders. Eén van de te fusilleren gevangenen spuwde op het kruis en Victor Bracke, chef van de DeVlag
cel te Charleroi en de enige Vlaming onder hen, riep vlak voor hij door de kogels werd geveld: "Leve Vlaanderen!". Tjah...
Epiloog
Bij de recente gemeenteraadsverkiezingen van 8 oktober 2006 behaalde extreemrechts (Front national, Front nouveau de
Belgique et Force nationale) in Courcelles 11% van de stemmen... het geheugen is bij sommigen onder ons maar van erg korte duur gebleken...
Na de oorlog stonden ontelbare rechtsextremisten van allerlei slag in de rij aan te schuiven om op de foto te staan met
SS-Obersturmbannführer Léon Degrelle, de 'Chef' van REX, werd na de oorlog bij verstek ter dood veroordeeld. Hij kon echter bijtijds ontkomen naar Spanje waar
hij onderdak kreeg bij de fascist Generaal Franco. Léon Degrelle overleed in 1994 in Malaga. Op deze foto's enkele van zijn aanbidders
op bezoek in Spanje bij de Chef van Rex. Van links naar rechts: Jean-Robert Debbaudt. In september '44 was Debbaudt naar Duitsland gevlucht waar hij zich in oktober-november 1944 meldde bij het Waals Legioen om aan het Oostfront te kampen. Hij werd vervolgens voor opleiding naar Beneschau gestuurd. Maar toen zijn eenheid in april 1945 voor Fronteinsatz naar de Oder werd gezonden, bedacht hij zich en deserteerde. In 1974 kwam hij op met een nieuwe Mouvement Rex: Front Nationaliste Populaire, dat nauwelijks succes kende en met de Parlementsverkiezingen ongeveer 2000 stemmen behaalde. Debbaudt overleed op 28 juni 2003. Middelste afbeelding staat helemaal links Armand 'Bert' Eriksson (1931-2005), leider
van de Antwerpse Vlaamse Militanten Orde. In zijn jonge [oorlogs-]jaren nog lid van de Hitlerjugend, vrijwilliger in de Koreaanse oorlog, en VMO-leider. Na de dood van leider Wim Maes werd de VMO ontbonden, maar meteen in Antwerpen weer opgericht door de onverbeterlijke alcoholist Bert alias 'den Beir'. Berucht vanwege zijn café ODAL (Bloed en Bodem) waar hij neonazi's van de ganse wereldbol uitnodigde. Groef Cyriel Verschaeve en Staf de Clercq weer op om ze te herbegraven in België. Zijn echtgenote Marie-Marthe stond in de beginjaren van het Vlaams Blok regelmatig op de VB-kieslijsten, wegens 'den Beir' die zijn burgerrechten was verspeeld. Werd een tijd omwille van zijn acuut drankprobleem opgevolgd als VMO-leider door Xavier Buisseret, die op zijn beurt later als VB-volksvertegenwoordiger moest aftreden na een veroordeling voor pedofilie. De VMO werd later verboden op basis van de anti-militiewet van 1936 waarmee men de toenmalige DMO (militie van het Verdinaso) trachtte te verbieden. Zat verschillende jaren in de cel. In zijn latere jaren was hij overal een geliefd gastspreker zo ondermeer op de beruchte meetings van Blood and Honour. In kleur: Koen Dillen op 11 juli 1992, Vlaams Nationale feestdag op bezoek
(volgens eigen zeggen 'studiereis') bij de Chef. Koen Dillen is de zoon van Karel Dillen, de stichter en ere-voorzitter van het Vlaams Blok (thans Vlaams Belang).
Degrelle tekende de foto aldus: "Pour mon très cher ami flamand, Koen Dillen, avec l'attachement affectueux de Léon Degrelle.
Le 11 juillet 1992 en souvenir du Eperons d'Or." (Voor mijn heel goede Vlaamse vriend, Koen Dillen, met genegenheid vanwege
Léon Degrelle. 11 juli 1992, ter herinnering aan de Guldensporenslag.) Koen Dillen is thans (anno 2007) VB-partijraadslid en sinds
2003 Europarlementslid voor het Vlaams Belang. Koen Dillen was op 23 en 24 februari 2007 de officiele vertegenwoordiger voor het Vlaams Belang op het verkiezingscongres van Jean-Marie Le Pen, de presidentskandidaat voor Frankrijk voor het Front National. Ook VB-voorman Philippe Dewinter bezit zo'n door Degrelle gehandtekende foto:
'A mon cher ami Philip Dewinter'. De appel valt inderdaad nooit ver van de boom... Meer hierover: Blokwatch.be